Kst almal kr rap mn kltn mt uldr gezvr

Zegt Robin Wauters in een commentaar alhier:

Nee ‘t is nog ni zo lang in voegen

Oooooh manneken, daar kan ik nu eens zó nijdig van worden!

Een volwassen mannemens die van dat ergerlijke taaltje bezigt. Jong volk—het soort dat een jaar of twee geleden Tokio Hotel (Tokio Hotel godbetert! die zijn zo 2006 maat!) goed vond—gebruikt het blijkbaar om op het internet en dergelijke met elkaar te spreken.

Het vreemde is dat ze dat blijkbaar als een récht zien, als bewuste rebellie, als een echt persoonlijke uitdrukking van hun jong-zijn. Stel ze de vraag waarom ze niet in gewoon leesbare en begrijpbare taal schrijven, en ze gaan meteen heftig in de verdediging.

Maar dan wel in de zin van “gy zy gwn ne hater kant mij schele maja”, of zo.

Hun goed recht, die jonge mensen, maar ze moeten van mij niet verwachten dat ik mijn taal aan het medium ga aanpassen.

Ik mag nog met verkleumde vingers in de smeltende sneeuw aan een GSM met een draaischijf staan, als ik naar iemand SMS dat ik wat later zal zijn, dan SMS ik

Hallo [Naam], ik zal iets later zijn dan verwacht. Met wat geluk ben ik er rond acht uur. Tot dan!

Over mijn lijk dat ik iets als

lo [nm] sry l8r ca 20u cya

of zo zou uit mijn vingers persen. Over mijn dood en langzaam opstijvend lijk. Ik ben geen negen jaar en ik heb recent geen lobotomie mogen ondergaan. Ik zie dan ook niet in waarom ik zou moeten schrijven alsof dat wel het geval zou zijn.

Hetzelfde met Twitter, trouwens, die tijdsspoelbak waar ik om de zoveel weken/maanden nog eens een paar dagen op zit tot het me beu is: dat er maar 140 karakters zijn, is géén excuus om “ni” te schrijven in de plaats van “niet”.

Hatelijk, hatelijk, hatelijk.

Zo. Ik heb mijn portie overreageren gehad voor vandaag. Aan u!

en nééééé, het was niet tegen Robin persoonlijk, hij doet dat natúúrlijk niet consequent of expres of zo. ik heb alleen een aanleiding nodig om me te ergeren.

9 Comments

  • ik weet niet of “opstijvend lijk” wel juist is. Dat doet mij denken aan een culinaire term. Maar ik snap ook helemaal niet wat sommige mensen er toe beweegt om spreektaal te gebruiken in hun internet- en sms-correspondentie. Wie is daarmee begonnen?

  • Mocht het beperkt blijven tot SMSen, dan was dit nog geen groot probleem. Waar ik me vooral aan stoor is dat deze gewoonte ook invloed heeft op verslagen en teksten die studenten moeten indienen. Een volledig correct verslag lezen is tegenwoordig meer uitzondering dan regel.

  • Mijn grootste pet peeves: “egt” in plaats van “echt” (en meer bijzonder onsmakelijke vervangingen van “ch” door “g”), en alle verleden tijd maar op een t laten eindigen. Van dat jongvolk dat met een stalen gezicht “gezegt” typt, en verbaasd opkijkt als je ze op hun blunder wijst.

    En dat zijn dan HAVO-scholieren, dus je kunt het niet toeschrijven aan een totaal gebrek aan intelligentie.

    “Ni” lijkt vooral een Belgisch ding te zijn. Ik heb het wel zien gebruiken, maar dat waren bijna zonder uitzondering Belgische overtreders.

  • Dit alles is tweezijdig natuurlijk:

    Zelf hou ik ook niet van dat soort taaltje. Maar ik denk dat jongeren net door sms-internet enz meer met taal (an sich) bezig zijn, wordt er nu niet veel meer geschreven dan vroeger? Om verder advocaat van de duivel te spelen: misschien leidt de internettaal over zoveel tientallen jaren naar een echt logische natuurlijke taal. Want hoe je het schrijft maakt niet uit, het is wat je er mee uitdrukt… (Herman De Koninck zou even prachtig lezen in internettaal me dunkt)

  • ik krijg het er ook van ! Als ik zo sms’jes of mails krijg, vertik ik het van te reageren. Ge verliest massa’s tijd met het interpreteren van hun gewauwel. ‘t Kan ook aan mij liggen dat ik hun taaltje niet begrijp hoor…

Zeg uw gedacht

Navigatie

Vorige entry:

Volgende entry:

» homepagina, archief

Vriendjes

<insert standard disclaimer>

Alles wat hier staat is mijn eigen opinie. Het wordt niet nagelezen of goedgekeurd door mijn werkgever voor het on-line komt, en ik bied geen enkele garantie voor kwaliteit of correctheid.

Mijn werkgever is het niet noodzakelijk eens met wat ik schrijf, en het spreekt vanzelf dat hij dan ook op geen enkele wijze aansprakelijk kan zijn voor wat ik hier publiceer.