Michel Vuijlsteke's weblog

Tales of Drudgery & Boredom.

Maand: mei 2010 (pagina 1 van 4)

Verandering van spijs doet eten

Ik ben zo een schijtlaars als het op veranderingen aankomt, ge kunt u dat niet inbeelden. Maar kijk, na wat omzwervingen: alsnog mijn handtekening onder allerlei documenten gezet.

Vanaf morgen werk ik part time in Brussel. En als alles goed gaat, werk ik vanaf ergens later deze week part time in Gent.

Dat zal ik bijvoorbeeld de kinderen naar school kunnen brengen met de fiets. En thuis zijn binnen een kwartier nadat het werk gedaan is, in plaats van een uur later als het meezit, en twee uur later als het niet meezit.

Niet dat het zal zijn om uit te bollen of om het rustigaan te doen, zeer, zéér verre van: bij momenten vraag ik mij af wat ik mezelf aandoe.

Maar hey: er zijn van die dingen die men moet doen. Al was het maar om u jaren later niet voortdurend te blijven afvragen wat áls. (Zoals “wat áls ik in 1995 als vierde werknemer bij een Later Zeer Groot Bedrijf was gebleven in plaats van er voor grotendeels loze beloften na een dag weer weg te gaan?”)

We zullen zien, denk ik.

Nerveus? You betcha! I wouldn’t have it any other way.

Anna!

Kijk, Anna vanmorgen op de trap, met mijn telefoon getrokken. De lens was wat stoffig, en het is in de gsm zelf naar zwartwit omgezet:

Anna

Maar zeg nu zelf, is ze niet om op te eten?

En wat nog meer: daarnet op Facebook een tekening gezien, en dat lijkt toch wel heel erg verdacht ook op Anna:

anna-getekend

Met haar lachje, zo typisch. Merci Max!

Geluk zit in kleine dingen

Oeioei, al die dingen te doen… Ik zou moeten een artikel schrijven maar ik heb nog tot morgen, dus ik denk dat ik het morgen maar zal doen. Ik zou een review moeten schrijven maar ik ziet het niet zitten want het is een redelijk negatieve review, dus ik denk dat ik het morgen maar zal doen.

Ik zou willen naar wat televisieseries kijken maar dat kan later ook nog, dus ik denk dat ik het maar morgen zal doen. Ik zou willen verder lezen in Malazan Chronicles, maar die staan op Kindle (en telefoon en computer), dus dat kan om het even wanneer, dus ik denk dat ik het morgen maar zal doen.

tumblr_l2mn05BdAI1qzpwi0o1_500

Ik denk dat ik maar wat muziek opzet, een stoel op straat zet, en dan Christianity: the First Three Thousand Years lees op onze dorpel.

Een onderwerp dat mij interesseert, een naar het schijnt uitstekend geschreven boek, maar wel een hardcover van bij de tweeduizend pagina’s: dat is moeilijk meer te nemen op verplaatsing.

Dit is trouwens anders wel typisch het soort boek dat ik op Kindle verslind, maar het is verdomme niet te kopen in ebookformaat buiten de VS:

29-05-2010 13-37-15

Er zijn manieren om errond te gaan, die landbeperking: met een adres in de VS zoals van bij Borderlinx, en als het moet zelfs met een Amerikaanse kredietkaart. Maar ze zijn niet stom bij Amazon: een klant die al meer dan tien jaar in België woont, die plots naar de VS “verhuisd” is, daar willen ze bewijs van hebben.

Dan krijg je een vriendelijk mailtje van je persoonlijke account specialist:

Hi Michel,

I see that you attempted to purchase different books while in a different country than United States listed on your Amazon account.  Certain Kindle titles are not available everywhere.  We are reaching out to you for information to ensure the best possible service for your account.

If you have moved to a different country, you can easily update your country for your Amazon account at www.Amazon.com/manageyourkindle.

If this is not the case, and you’re actually residing in United States, please fax us any of the following at 001-206-266-1838 when faxing from outside the US, or 206-266-1838 from within the US:
–       Passport
–       Military ID
–       Permanent Resident Card
–       Driver’s License
–       Other state photo identity card

Please include your email address on the fax.

Thank you for your assistance.

Best regards,
[naam]
Amazon.com

Zucht. Terwijl ik dus gewoon geld wil geven aan Amazon en aan de uitgever en de schrijver hé!

Maar bon. Niets aan te doen, ‘t zal gewoon papierenboeklezen worden.

Dolfijnen zijn smeerlappen

Hey, had ik al eens gezegd van die keer dat ik dolfijn gegeten heb? Dolfijn is minder bedreigd dan pakweg tonijn, en dolfijn is lekker, mm.

Ik was daarnet aan het lezen over dolfijnen, en het begon zo:

Dolphins have long been considered some of the smartest animals next to humans. They exhibit complex behaviors such as: social hierarchy, formation of alliances, what appears to be suicide and cooperative behavior. This paper will deal with alliance formation in particular. Why do dolphins form these alliances? Is it simply helpful for survival or is it more complex? How do these alliances compare with human behavior?

Oooh, cutesy-poo dolfijnen die vriendschappen vormen!

Male alliances are usually groups of two or three males that can last many years. The association coefficient for some pairs of males is in the same range as those found for mothers and their nursing calves.

Vrolijke vrolijke vrienden! Kameraadschappen voor het leven, zo schattig!

Euh wel, nee.

So why do males form these alliances? The answer seems to greatly reflect human behavior: to get women. Male alliances typically "herd" females for anywhere from a few minutes to months.

These herding events are not usually enjoyed by the females. Herding is often forcible with escape events and violence involved.

In a herding event males will surround the female or chase her. Aggression toward the female is common and can include: hitting with the tail, head-jerks, charging, biting, or body slamming.

Should the female try to escape, which often happens, the males will chase her more often than not. Of course the ultimate goal of a herding event is sex and the males in the alliance will take turns to make sure everyone has an equal share. If the alliance has three members, only 2 will herd the female and the third will stay behind. However, the individual who is left behind changes with every herding event so again all members have an equal chance at mating.

Groepsverkrachtingen. Uh huh.

dolfijn

Communie

Hey, dát was nog eens lang geleden: een stokje toegeworpen gekregen! Van Lilith zowaar!

Mijn eerste communie was in de kerk op het Sint-Pietersplein in Gent, met zang en alles erop en eraan. We zaten maar met zes in de klas waarvan dan nog  twee die moraal deden, dus deden we onze eerste communie met twee klassen samen.

Het leek wel erom gedaan, want we waren bijna allemaal twee aan twee: Michel en Michiel, Frank en Frank, dat soort dingen waar een beetje priester welluidende zinnen mee kan doen.

De liedjes, die moesten we repeteren in de klas. Ik ken ze nog altijd, vrees ik. Op de wijze van Home on the Range:

Ik bied u dit brood, ’t is als gave niet groot
neem mezelf, neem mijn hart, mijn verstand.
Want in wijn en in brood kom ik los van de dood
reikt de hemel de aarde de hand.

Heer, heer neem het aan, neem mezelf
Neem mijn hart mijn verstand
Want in wijn en in brood
kom ik los van de dood
reikt de hemel de aarde de hand.

Ik bied u de wijn, die een teken moet zijn
Van een nieuw en een eeuwig verbond
Waarin gij hebt hersteld wat door zondig geweld
Ook in mij door het kwaad werd gewond

I shit you not. Zes jaar oud. “Wat door zondig geweld ook in mij door het kwaad werd gewond.” Trrrr.

En dan het uptempo – haal boven die tamboerijn – Bouwen aan een wereld:

Bouwen aan een wereld van rechtvaardigheid,
werken aan een wereld waar niets de mensen onderscheidt.

Uw hand in mijn hand: aIlen zult Gij leiden.
Uw Woord in mijn woord: alIen zult Gij troosten.
Uw liefde in mijn hart: aIles wordt nieuw.

Na de mis zijn we gaan eten, en ben ik erin geslaagd om ei zo na een mini-Switel-catastrofe te veroorzaken: met mijn hoofd boven een kaars gaan hangen en bijna in brand.

Er zijn ongetwijfeld ergens foto’s te vinden van die eerste communie, maar ik kan er mij geen herinneren. Ik weet wel nog dat ik een donkerblauwe blazer aanhad, en zo’n donkerblauw vloeren strikje. Geen strikdas, maar een cadeauverpakking-achtig strikje, negentiende-eeuws eigenlijk. Maar dan dus wel in blauw velours en met een rekker rond mijn nek.

Er was ook een resem aandenkens, zo van die bladwijzerachtige foto’s met “aandenken aan de eerste communie van ________ op __ / __ / 19 __” op de achterkant, die met de hand door mijn moeder ingevuld waren. Geen gepersonaliseerde bladwijzers zoals er nu zijn, maar gewoon uit de winkel: eentje met een foto van een ondergaande zon aan de zee, eentje met een paardebloemzaadbol op een achtergrond van groen gras, eentje met een vogel in de blauwe lucht.

Waar ik me wel heel erg levendig een foto van herinner, is van mijn plechtige communie. Of beter, van mijn vormsel.

Tegen dan geloofde ik er niet zo heel erg meer in, in heel dat kerkgedoe, maar hey, wat gaat een mens doen? Ik moest een jaar lang om de twee zaterdagen naar een mevrouw in het dorp die catechese gaf (ik vergat het ongeveer een keer op twee, ik was niet zeer populair bij die mevrouw denk ik) (het had er waarschijnlijk ook mee te maken dat het daar allemaal kinderen waren die elkaar kenden wegens samen op school zitten of gezeten hebben, en ik niet).

Oh, de drama’s: ik herinner mij ergens een tussenstopmis, voor ik weet niet meer welke okkasie, en dat we daar naartoe moesten maar dat we te laat waren, en dat ik dan achteraan de kerk zat, maar dat ik moest voorlezen – 1 Samuel 3:1-10, ik zal het nooit vergeten want ik kende het van buiten – en dat het zo vreselijk schaamtelijk was wegens tijd voor de eerste lezing, en dat de pastoor moest vragen “is Michel V… euh, Vuijlsteke aanwezig alstublieft?” en dat ik een lange roedenloop der schaamte tot aan het altaar moest doen.

Maar goed. Voor het vormsel zelf kregen we een tabbaard aangemeten: degelijke kwaliteit, houten kruis rond de nek, bruin touw als riem met zeven knopen erin, het had allemaal zijn symboliek maar ho maar dat ze ons daar iets over zouden vertellen: nee meneer, allerlei dingen over hoe de geest van god gelijk een frietvetvlek op marmer was, maar geen interessante dingen.

(Euh ja: er werd een blup frietvet op een stuk marmer gelekt, en week na week konden we dan in de catechese zien hoe die marmer voor altijd vernietigd was omdat dat frietvet er niet uit te krijgen is. Uiteindelijk een uitstekende versie voor deze tijden van de parabel van het mosterdzaad, die er niet om draait dat het mosterdzaadje het kleinste zaadje ter wereld is dat de grootste boom ter wereld wordt – een mosterdzaad is groot, en de mosterboom is een struik – maar wel dat mosterdstruiken smerig onkruid zijn, en eens ze in uw akkers staan, ze niet meer weg te krijgen zijn; net zoals de gedachte van Jezus over een radikaal egalitaire samenleving BUT I DIGRESS.)

Maar dus van mijn vormsel in de kerk, daar is wel een foto van. Met mijn meter die mijn grootmoeder was achter mij:

communie

Vier op vijf

Non servono tranquillanti o terapie, non servono più eccitanti o ideologie — ci vuole un’altra vita.

Om maar te zeggen: Franco Battiato is sinds vanmorgen mijn nieuwe held. Ik had een eeuw geleden, in de nasleep van een zoveelste herontdekking van I treni di Tozeur, een paar albums gekocht, maar nooit echt naar geluisterd.

Nu wel.

“Wohow,” is zo ongeveer al wat ik kan zeggen. Ik wist het natuurlijk wel, dat het behoorlijk straf was, maar zó schoon, zó schoon:

En zelfs covers:

Een productieve dag

Ik zag er een tijd geleden nog zeer zwaar tegen op, les geven in een masterclass. Maar dan hebben we links en rechts aan de inhoud gesleuteld, en dan had ik er plots wel zin in.

Ook een beetje spannend: twee van de stukken waren eigenlijk voorzien om door iemand anders gegeven te worden. Ik heb ze overgenomen, maar ‘t waren stukken die ik nog niet  gegeven had– iets over navigatie en iets over gebruikerstesten.

Maar hey, ‘t is wel gegaan. En ik heb mij vanmorgen eigenlijk wel geamuseerd bij het stuk over Enterprise 2.0: het is uitgelopen, maar omdat het eerste ding van de dag was, was dat niet zo enorm erg. En het zorge ervoor dat er ruimte voor discussie was.

En vanavond dan: een doosje voor een DVD (zo’n openklapding met zes kanten en twee dvd’s erin) gemaakt, en een affiche gemaakt voor een optreden.

Ja, ik heb Eurosong gemist, maar dat is niet erg. ‘t Is later deze week nog eens finale ook.

Leeft daarmee samen jong

Ik kruip uit mijn trekzetel richting bed. Sandra ligt in de zetel naar televisie te kijken.

In en uit de trekzetel geraken is niet evident: dat doet overal pijn. Ik vind dat daar, zelfs na zes jaar, enige aandacht op mag getrokken worden. Ik laat dus een welgemeende “auw” horen.

Stilte uit de zetel van Sandra.

Ik herhaal mijn “auw”, met iéts meer nadruk.

Geen reactie. Ook niet na nog een paar keer.

Ik kan niet anders dan Sandra confronteren met de vaststelling: dat ik het stuitend vind, haar gebrek aan medeleven. Grotesk stuitend. Van een aan het wanstaltig grotesk grenzende stuitendheid.

Een nauwelijks gecamoufleerd verveelde “uh huh” is mijn deel.

Gaat daar mee naar den oorlog. Dat is hier dus alle dagen zo hé.

Zomp

Yig. Vurt weer! Vanmiddag moesten we op het werk naar buiten, juist in het midden van een vervroegde drache nationale.

Zuiver per toeval stond er nog een paraplu van mij op het werk en ben ik van het ergste gespaard. Nu ben ik maar aan één arm van mijn mantel doorzompt, en zijn alleen mijn schoenen die al een hele namiddag als combinatie zeemvel-en-spons aanvoelen.

Bleh. Misschien toch eens investeren in een nieuw paar schoenen.

Eurosong 2010: halve finale 1

Yo ho ho en een fles Batida: het is Eurosong, hoera hoezee. Nee, in dit stadium van het gebeuren kunnen er nog geen uitroeptekens van af.

Ik herinner mij Tom Dice van een behoorlijke what-the-fuck-avond met Bart Peeters, een eeuw geleden. Een eerlijk nummer, dacht ik dat het verhaal was. Waarom dan niet gewoon Tom Eeckhout, vraag ik me al een tijd af.

Afijn. Hij komt als tiende aan de beurt in een wat de boekjes een heel erg zwakke halve finale noemen. Allez hoppa.

Bart Peeters en André Vermeulen doen het commentaar, en ze zijn er vooralsnog in geslaagd om hun bitterheid in toom te houden, dat ze moeten commentaar geven vanuit een kot in Brussel in plaats van ter plaatse te zijn.

Ik hoop dat André in de rosé slaat, of in de advokaat, en dat hij nijdig begint te doen na een paar flessen.

Hola, drié presentatoren! Wat gaan we nu meemaken!

DAT WE OOK DIT JAAR NAAR DE CAMERA GAAN ROEPEN, gaan we meemaken blijkbaar. Toch wel vreemd, dat ze na al die jaren nog altijd niet op het concept “micro” gekomen zijn.

1. Moldavië – Run Away

Moldavische disco, door de Moldavische Reggi, blijkbaar. Die al zijn vrienden uit de jaren 80 meegenomen heeft.

Zoals bijvoorbeeld een meneer die op een platendraaier gesukkeld was met een kapotte viool. En dan een mevrouw van Milk Inc. En een meneer uit 1987 die de liefde bedrijft met een geplaybackte sax. De mevrouw van Milk Inc heeft trouwens een getemde turkooizen rups op haar schouder, fenomenaal!

2. Rusland – Lost and Forgotten

Oh la la. Een rustig nummer. Tom Dice mag het wel schudden.

Alhoewel: de meneer uit Rusland heeft denk ik een valling. Hij moest in alle geval een sjaal aandoen. En zanglessen volgen, maar daar is het nu al te laat voor, peisk.

Hola! Parlando: “Vot are you doink then?” “I’m lookink at yore photto!”

….eeeeeennnnn windmachine!

Ik vind, ze hadden Trololo moeten sturen.

3. Estland

Iemand die heel, heel, heel hard zijn best doet om zijn piano kapot te stampen, en dan vijf keer het lelijke broertje van Showbizz Bart.

Ze hebben geen tijd meer gehad voor een choreografie of zo, maar bon. Ik dénk ook dat de meneer van Estland erop rekende dat het publiek mee zou zingen, of toch minstens zou antwoorden, want na elke zin houdt hij zijn micro even van zijn wezen weg.

Do the bunny hop, denk ik, was de naam van zijn choreografie. Een kanshebber, zeggen de kenners in het hok in Brussel. Urgh.

4. Slovakije – Kristina

Daarzie, het vierde smaldeel genietroepen, verkleed als bomen.

Oh, en plots een nieuwe mevrouw op het podium. “Is zij moeder natuur of zo, met haar wit kleed?” wil Zelie weten. “Nee, ‘t is een dik engeltje dat Halleluja zingt,” moet ik haar teleurstellen.

Is het mijn gedacht, of duren die liedjes niet zo lang als anders?

5. Finland – Kuunkuiskajat (of zo)

Twee schone madams waarvan één met een trekzak, dat is al positief.

En twee meneers die wat in en uit beeld zwiepen. En een lichtgevende spons op het podium. Het is allemaal zo mak en zo tam, jongens toch.

Ze hadden Loituma moeten sturen in plaats van dit afkooksel.

6. Letland – Aisha

Een mevrouw die met haar tabbaard op het podium staat! De Letse Sylvie Melody, ‘t schijnt.

Oh, zo breekbaar van stem! Slechtere mensen dan mij zouden zeggen oh, zo vals van stem.

En ik heb mij vergist: ze is verkleed als een soort beige Janine Bisschops ten tijde van Keromar. Met combats.

Hey, en na het refrein is ze definitief naar oh, zo vals van stem-territorium verhuisd. Ik vind dat bewonderenswaardig: met vier achtergrondzangeressen nog compleet in de mist gaan.

Hey, windmachine! Ze heeft haar tabbaard aangehouden, awoert.

7. Servië – Milan Stankovic

“Ik vind dat gene mooie jongen. Nee, echt niet,” weet Zelie. Ik kan haar geen ongelijk geven.

Een achtergrondzangeres doet het kapotte popje van de Notenkraker, maar het helpt niet: die meneer ziet er zo akelig uit, dat ik mij zelfs niet kan concentreren op de danseressen. En dat hij zijn twee vrienden-loodgieters heeft meegenomen op dat podium: the mind boggles.

8. Bosnië – Vukasin Brajic

Het begint een beetje Lacs du Connemara, maar helaas, geen doedelzakken.

Hey! Een nummer dat ik niet afgrijselijk slecht vind! Een verfrissend gebrek aan pretentie, zelfs.

Onfortuinlijk dat er een achtergrondzangeres stond die een dode poedel in heur haar geplakt had, maar bon. De allereerste keer dit jaar dat ik de indruk heb dat het iemand is die voor zijn plezier staat te zingen.

9. Polen

Sneeuwwitje! En opera! Yes!

Kom aan mijn hart, Polen! Dát is wat we nodig hebben in het Songfestival. Ballet en bombast! Dansen en aria’s! Een opera op drie minuten!

EN EEN KLEDINGWISSEL!!! Yes! Geef die mensen een ticket naar de finale!

10. België – Tom Dice

Allez ju. Het begint goed, ze hebben de vlag van België verkeerd gezet. Alleen rood en geel.

Oei, en hij gaat al meteen een beetje vals. En zo een genepen stemmetje.

Met eigen inzendingen is het een beetje zoals met gijzelingen: Stockholmsyndroom. Ik kan me eigenlijk niet inbeelden wat de mensen ervan vinden in de zaal – ze klappen in alle geval mee. Jammer voor hen dat er dan net een tempowissel komt.

Gho. Het kan er wel nog door, vind ik.

11. Malta

Oh, zouden ze weer een dikke mevrouw en een kleine meneer met een moustache sturen?

‘t Is een mevrouw die scheel kijkt en in brand staat!

Verder is het wat saai, vrees ik…

WHOAAA!! Haar kleed vliegt weg! Mevrouw! Uw kleed vliegt weg!

Nee! ‘t Is erger! Haar kleed begint een solocarrière! Achter haar rug!

12. Albanië – Juliana Pasha

Een poedel op electrische viool, disco, en opstijgende epauletten: het kan niet stuk.

Akkoord, die mevrouw heeft een mond die een paar maten te groot is en ze heeft teveel tanden en zo, maar dat geeft niet. Ik vind het een wijs liedje. Op voorwaarde dat de Albanese bastaardzoon van de Andrés Rieu en Hazes zich wat meer koest houdt.

13. Griekenland

De Griekse vlag was ook verkeerd, met een blauwe balk teveel bovenaan, maar bon.

Spannend: een meneer die net een beetje te dik is voor zijn kostuum. Dat is helaas het enige spannende, voor de rest is het een opgewarm Club Medliedje. Tja. En niet goed voor de suspension of disbelief, dat ze eerst zogezegd op trommels staan te slaan, en dat er dan gescratched wordt.

Hoppa. Next.

14. Portugal – Filipa Azevedo

Oeioei, van die stemfiorituurtjes. Ik krijg daar de kriebels van.

En op het einde stond er blijkbaar iemand op haar teen.  Bleh.

15. De voormalige Joegoslavische republiek Macedonië – Gjoko Taneski

‘t Is een nieuwslezer met constipatie aan de zang, en drie mevrouwen met weinig kleren aan de “dans”, een gemak dat ik van die aanhalingstekens heb.

Kijkt luistert, dames: als ge zo’n bikini-achtig iets aan gaat doen, doe dan een string of tenminste een kleiner broeksken. Op deze manier ziet het er als een volle zwarte pamper uit.

16. Belarus – 3+2 featuring Robert Wells

“We are se fradgille lik maalted snaaw,” zingt de meneer. Achter hem zingen een aantal andere mensen, die denk ik gehypnotiseerd zijn: als ze hun best zouden doen, ze zouden niet miner enthousiast kunnen zingen.

Wel mooie mevrouwen, die verkleed zijn als een gouden en een zilveren en een bronzen medaille, en HOLA ze worden vlinders.

Nee, mijn uitroeptekens zijn op, sorry.

17. IJsland – Hela Björk

Een sympathieke zangeres, zegt André Vermeulen. Omdat hij niet durft zeggen een dikke zangeres.

Mijn uitroeptekens zijn nog altijd op, maar hey weet ge wat? Die mevrouw van IJsland mag door. Ze heeft een magisch schoon kleed aan, en ze kan degelijk zingen. Meer dan dat heb ik niet nodig.

En ‘t kan mij niet eens schelen dat er een achtergrondzangeres met wreed lelijke benen tussen staat.

Reparaties

Ha! Ik heb vandaag de computer van mijn moeder mogen repareren. Helemaal zoals in de boekjes: een computer dichtgeslibd met vanalles.

Geen virussen of zo hoor, daar niet van. Er stond nog ergens één dll die eventueel viraal materiaal zou kunne bevat hebben, maar dat was het niet.

Nee: precies het omgekeerde. Er stond Norton Antivirus op, en wat firewalls, en Ad-Aware, en McAfee, en nog een stapel zooi. Wat eigenlijk helemaal niet nodig was, want mijn moeder logt altijd als niet-administrator aan, en doet niets anders dan mail, internet, Office en wat spelletjes.

Oh, en er hebben in de afgelopen paar jaar denk ik drie verschillende toen-high-end-printers aan gehangen, en daar zijn telkens alle mogelijke hulpprogramma’s bij geïnstalleeerd geraakt. En iTunes die niet gebruikt wordt, en wel drie verschillende versies van Acrobat tegelijk, op de één of andere manier.

Afijn: de hele namiddag uninstall gedaan, en dan Microsoft Security Essentials, een reente printerdriver en een recente scannerdriver, en we waren erdoor. De computer werkt wel tien keer zo snel.

Slik

Stephen Fry is een behoorlijk overtuigende mens.

Sex is like food, only more so. The only people obsessed with food are anorexics and the morbidly obese. And that is the catholic church in a nutshell.

Die normative Kraft des Faktischen

Soms, en ik weet niet hoe dat met u is, rol ik van de ene situatie in de andere, zonder dat ik ooit ergens een beslissing lijk genomen te hebben, en lijkt het alsof er niets echt verandert.

En dan kijk ik in de achteruitkijkspiegel van het leven, en is niets meer zoals het was.

Ik moest eraan denken terwijl we naar Sterren op de dansvloer aan het kijken waren met Zelie en Louis. Zelie zei iets over ballet, en ik dacht aan Le sacre du printemps.

Hoe Stravinsky’s muziek, of Nijinsky’s choreografie, of een combinatie van de twee, er in 1913 in slaagde om het publiek vanaf de eerste noten boe te doen toepen, Camille Saint-Saëns gedegouteerd uit het theater te doen weglopen, en uiteindelijk het hele publiek met elkaar op de vuist kreeg, dat ze Blazing Saddlesgewijs op straat rolden, en dat de politie moest tussenkomen om ze nog enigszins rustig te krijgen voor het tweede bedrijf.

En dat wij ons dat maar moeilijk kunnen inbeelden, dat die muziek zo de mensen beroerde.

En dan heb ik het stuk laten zien aan de kinderen, in de gereconstrueerde versie door Robert Joffrey, die het origineel zo dicht mogelijk benadert:

[vervolg in deel twee, deel drie]

En dan heb ik een stuk van Béjart’s versie uit 1959 getoond, en dat ze er hartelijk mee gelachen hebben — probeer maar eens zelf om niet in een deuk te liggen als ze beginnen met de verschrikte konijntjes-pose. Om niet te spreken van het moment dat ze op het veld huppelende konintjes overstappen:

[vervolg in deel twee, drie, vier]

En dat brengt mij dus terug naar waar ik mee begonnen was: 1913 tot 1959 is 46 jaar, 1959 tot 2010 is 51 jaar. Zou er meer veranderd zijn tussen 13 en 59 dan tussen 59 en nu? Hoe relatief is tijd allemaal niet?

De kinderen zijn maar een jaar of pakweg vijftien bewust-achtig jong, waar er vanalles verandert, en waar zes jaar een eeuwigheid is. En ik ben al meer dan vijftien jaar in een situatie waarvan ik denk dat er eigenlijk helemaal niets verandert.

Maar toch niet.

En dat soms een jaar alles doet veranderen, en soms twintig jaar niets, en soms een week alles en soms een heel leven niets. En dat allemaal tegelijk.

Euh ja.

I learned all I need to know about parenting from Calvin and Hobbes

Dit had een conversatie bij ons thuis kunnen zijn (klik voor iets groter):

EO9Nm 

Serieus. Behalve dan dat de onze meer met hun ogen rollen.

Puffin

“Oh, dat lijkt een beetje op de kop van een papegaaiduiker,” zei ik over de kop van een slangachtig beest dat Louis had getekend.

Louis wéét wat een een papegaaiduiker, natuurlijk:

AtlanticPuffin4

Maar zo rap of tel had hij deze op papier gezet:

Papegaaiduiker

Oudere berichten

© 2016 Michel Vuijlsteke's weblog

Thema gemaakt door Anders NorenBoven ↑