Michel Vuijlsteke's weblog

Tales of Drudgery & Boredom.

Month: juli 2013 (page 1 of 3)

Godverneuk, nl.wikipedia!

Ik hou me al jaren zéér ver van de Nederlandstalige Wikipedia: de verschillende debacles over frieten (néé, de naam van het artikel moet Patat zijn! nee, “friet’ klinkt boers! nee, Patat (Nl) / Friet (Vl)! Nee, gék, enig mogelijk compromis is Patates frites! nee, Patat-frites!) deden de deur dicht. 

(Het resultaat van de discussie was trouwens, na enorm veel discussie en over-en-weer-gedoe, dat het artikel Friet heet — verkeerdelijk, vind ik: enkel het Zuiden van Nederland wordt het singulare tantum “friet” gebruikt voor de bereiding “Frieten”, en het artikel gaat daarover, niet over één friet. Net zoals het artikel Aardappelchips heet, en niet “Aardappelchip”, maar bon.)

Nu en dan eens, meestal niet ingelogd, verander ik hier en daar eens iets op die Nederlandstalige Wikipedia, maar voor de rest: zéér ver van weg gebleven. 

Vorige week volgde ik een link naar een pagina waar een verwijdernotitie op stond, en om het in de taal van de meerderheid aldaar te zeggen: nou, toen brak me klomp

Op de Engelstalige Wikipedia is het vaak meer dan triestig, in AfD, maar de Nederlandstalige Te beoordelen pagina’s is het ook echt regelmatig compleet van de pot gerukt. 

Waar de regel bij AfD min of meer is “probeer eerst zelf te zoeken of het artikel écht moet verwijderd worden”, is de regel bij Te beoordelen pagina’s: “nomineer de pagina voor verwijdering op basis van de inhoud van de pagina”. Dus, met andere woorden: staat er bijvoorbeeld een muziekgroep waar niet vermeld wordt dat ze al een plaat uitgebracht hebben, dan wordt die genomineerd als “NE” (niet-encyclopedisch), zelfs als vier seconden Google meteen toont dat ze sinds vorig jaar een album uit hebben. En als binnen de veertien dagen niemand de moeite doet om op Google te kijken, het oorspronkelijk artikel te wijzigen én te reageren op de juiste Te Beoordelen Pagina’s-pagina, dan is dat artikel gewoon wég. 

Voor de leutigheid dacht ik eens te kijken naar artikels die verwijderd werden, en ’t is om depressief van te worden. 

Ik begon met de verwijderingen van 1 januari 2013: 

  • Valentinus van Rhetië (“Artikel van Gebruiker:Februari zonder bron en met een aantal fouten, voor mij niet duidelijk wat voor.” — reactie van user:Glatisant: “Als je er iets van kunt maken heb je mijn zegen, maar zoniet, dan kan het onbetrouwbare stukje over deze obscure heilige beter verdwijnen. Het zal niet gemist worden (het gaat hier niet om de naamgever van Valentijnsdag).”). 
  • Jean-Louis Véret (enige reden en discussie: “op 31 december weg-sjabloon geplakt, maar niet vermeld door Fred Lambert”)
  • Congenitaal pijnongevoeligheidssyndroom met anhidrose (“Er is veel meer informatie beschikbaar” zegt de nominator;  “Er is altijd veel meer informatie beschikbaar, maar dit is als beginnetje wel voldoende” antwoordt iemand. “Wegkappen die handel”, zegt user:MoiraMoira — “Er zaten geen twijfelgevallen tussen heb ik heb nagekeken”)
  • Niko en de Vliegende Brigade (“wiu”, ’t is te zeggen “werk in uitvoering”, ’t is te zeggen niet dat het werk in uitvoering is, maar dat de kwaliteit niet hoog genoeg is, en da’s voldoende om te verwijderen — verbéteren na een paar minuten Google, daar doen we niet aan bij nl.wikipedia).
  • Martine Payfa (“wiu”)
  • Jawbreaker (“wiu”)
  • Joost Huijsing (“Een CV en vermoeden van ZP” — ZelfPublicatie hoe oe oe)

Da’s één dag. En zo ongeveer de helft van wat verwijderd werd, zou wellicht een artikel verdienen. Met redeneringen als “het zal niet gemist worden”, verdomme, ’t is om kiekenvel van te krijgen.

Typisch Wikipedia, natuurlijk, waar je meer dan de indruk krijgt dat er een subcultuur is van internetpunten verzamelen op basis van, tja, “aantal artikels genomineerd”, of “aantal artikels verwijderd gekregen”. Een wat kleinere subcultuur van punten verzamelen voor “artikels aangemaakt” ook: van wat ik de afgelopen paar dagen zag, is nl.wikipedia zo ongeveer de voetbalwikipedia aan het worden.

Ah ja, want in typical Wikipedia fashion: er zijn régeltjes voor voetballers. Ooit eens één minuut als profvoetballer in een competitie is voldoende om een eigen artikel te krijgen als voetballer, denk ik dat de regel is. En dus zijn er ikweetniethoeveel artikels over voetballers die één minuut als profvoetballer gespeeld hebben. 

Maar aan de andere kant is er een dan een artikel als Centrale tendens, over een concept uit de statistiek. Aangemaakt op 25 juli om 17u04, en een uurtje later hopla op de lijst. Reden, voor user:YoshiDaSilva? “Geen idee waar dit over gaat”. Okay, het artikel zoals aangemaakt is voor verbetering vatbaar, maar vijf seconden Google brengen mij naar Central tendency. Jáá, het op die lijst zetten, zou er kunnen voor zorgen dat het artikel ergens tussen 25 juli en twee weken later zou kunnen verbeterd worden. Maar als dat niet het geval is, of in de inschatting van persoon die de afhandeling doet binnen twee weken, staat het artikel niet getagd met “stub” of “te verbeteren”, maar zal het gewoon verwijderd zijn. 

update: vergeet het, het artikel is nú al verwijderd. Met de uitleg “geen zinvolle inhoud”. Ik had een paar dagen geleden een begin van verbetering gedaan maar omdat ik niet genoeg van het onderwerp afwist niet online gezet — bij deze dan maar een nieuw artikel aangemaakt. 

Maar kijk: zo gaat het dus. Een artikel dat niet goed genoeg is, wordt weggekapt. Omdat in die geval iemand niet weet waarover het gaat, en zelfs al wijs ik op die verwijderpagina expliciet naar de een bron voor het artikel, reageert even later user:Paul Brussel met het lakonieke “zelfs gewoonn ‘nuweg’: geen zinvolle inhoud”, en hop, ’t is weg. Fuck you, due process, of wat daar voor moet doorgaan. 

Dát is dus het vieze van de manier van werken van nl.wikipedia. 

Dat, en natuurlijk die andere lastigheid van Wikipedia — de mensen. Een hele reeks min of meer anciens die volop in siege mentality zitten: iedereen is erop uit om de Nederlandstalige Wikipedia kapot te maken! Wij moeten de mensheid redden! Alleen wij weten wat goed is! Er zijn bedrijven die reclame willen maken op Wikipedia!

Bruno Peeters (die werkt bij Belfius) was zo stom geweest (ja, ik heb het hem ook gezegd) om zélf een artikel te beginnen over iets dat met Belfius te maken had: de Belfius Foundation. Geen verkeerd artikel: het was neutraal geschreven, die stichting is wel degelijk encyclopedisch, er zijn bronnen om alles te staven — maarrrrr er viel iemand over. Die het allemaal maar reclame vond, en hopla: Belfius Foundation staat op de lijst, en het zou me niet verwonderen dat het binnen een paar dagen weg is, als zelfpromotie.

Maakt niet uit dat het artikel goed is, of welk argument je ook aanbrengt: zelfpromotie is zelfpromotie, reclame is Des Duivels, zeg maar dág met het handje. 

Even later maakt Bruno een artikel aan over bedrijfsmecenaat — da’s dus wanneer een bedrijf als mecenas optreedt, in het kader van corporate social responsibility, of om te proberen een blazoen op te poetsen, enfin, ’t maakt niet uit: ’t is een fenomeen dat bestaat,  dat in een encyclopedie thuishoort (’t is iets heel anders dan privé-mecenaat, er is ongetwijfeld allerlei over te vinden in de PR-cursussen), dat met bronnen kan gestaafd worden, dat neutraal kan omschreven worden. 

Maar neen hoor: artikel aangemaakt op 24 augustus 2013 (in deze vorm, zoals hopelijk nog te zien een degelijk, neutraal en met degelijke bronnen omkleed artikel), en hopla 62 minuten later gemarkeerd als {{reclame}}, en op de “genomineerd voor verwijdering”-lijst. Met deze uitleg erbij:

-reclame- Gaat niet over bedrijfsmecenaat, maar over een aantal initiatieven van Belgische banken hieromtrent, compleet met bijbehorende linkspam. Zie ook het eveneens genomineerde Belfius Foundation, van dezelfde aanmaker, en bijbehorende discussie. Merk bij deze aanmaker Bvlg bovendien op dat hij de naam “Belfius” in tal van reeds bestaande artikelen heeft ingeplugd. Zoiets valt eerder onder de term “vandalisme” dan onder de term “mecenaat” in te delen. Kijk ook eens hier. De persoon doet kennelijk aan marketing voor zijn werkgever. Dat blijkt ook hieruit. Zelfs “Wiki” rekent deze social media expert tot zijn marketingactiviteiten!

Aaarhgh. Er is een Richtlijn (da’s iets belangrijks op Wikipedia) die zegt Ga uit van goede wil (Assume Good Faith in ’t Engels, WP:AGF voor de kenners). Assume Good Faith? Wat zouden we, zeggen ze bij nl.wikipedia. 

Er is een andere Richtlijn die spreekt over Neutraal standpunt, en die onder meer dit zegt:

Er is eigenlijk zelden reden om iets te verwijderen omdat het niet vanuit een neutraal standpunt is geschreven (materiaal rond levende personen uitgezonderd). Als de inhoud op zich verifieerbaar juist is (en de bewijslast wat betreft verifieerbaarheid ligt bij degene die het materiaal bijgedragen heeft) dan zijn problemen rondom het neutrale standpunt wel aan te pakken. Als de toon onjuist is (bijvoorbeeld heel enthousiast, neerbuigend, suggestief, etc) dan zal herschrijven eigenlijk altijd mogelijk zijn. Als er sprake is van een eenzijdige belichting van het onderwerp dan is het mogelijk om ook andere zienswijzen toe te voegen. Het is ook niet altijd nodig om dit onmiddellijk aan te pakken, vaak kan een constatering op een overlegpagina al helpen, zodat iemand te zijner tijd de problemen kan verhelpen (dit zal allicht ook afhangen van hoe ‘erg’ het betreffende materiaal is).

Wat zeggen ze bij nl.wikipedia? Bakt u een ei, zeggen ze bij nl.wikipedia. En ook Zoiets valt eerder onder de term “vandalisme” dan onder de term “mecenaat” in te delen. 

Jaaaaa, opnieuw onhandig (lees: stom) van Bruno om dat artikel zelf te maken, dat komt erop neer dat je nog eens een stamp in het wespennest van de zelfverklaarde Verdedigers Van De Nederlandstalige Wikipedia gaat geven, maar desalniettemin: dit-is-geen-reclame! 

En zelfs al is het reclame, en al is heel de idee van bedrijfsmecenaat een cynische vorm van reclame voor de bedrijven in kwestie, dan is de oplossing niet “verwijderen dat artikel”, maar is het bijvoorbeeld wel “voeg die informatie in het artikel toe, met een aantal bronnen ter staving”. 

Maar neen hoor: elke discussie wordt vakkundig uit de weg gegaan. Bruno zegt:

Vermits je aanstoot neemt aan de verwijzing naar Belfius Foundation, heb ik deze verwijderd. Bovendien is er een andere case van Belgisch bedrijfsmecenaat toegevoegd. Het platform bedrijfsmecenaat.be (waar ik helemaal niet bij betrokken ben) bevat info over 60 verschillende bedrijven. Van zodra ik andere cases vind zal ik deze toevoegen.

— geen antwoord. Bruno zegt:

Het artikel is uitgebreid met verschillende bijkomende referenties uit België (buiten de financiële sector). Indien er iemand zich geroepen voelt om voorbeelden in Nederland toe te voegen, dan kan ik dit enkel maar aanmoedigen. De verwijzing naar Belfius is zoals reeds gezegd verwijderd. Graag had ik inhoudelijke opmerkingen gekregen op het artikel. Ik heb sterk de indruk dat het shoot the messenger is. Bedrijfsmecenaat heeft een belangrijke maatschappelijke rol – zowel bij de gevers als bij de ontvangers, wat ondersteund wordt door meerdere verwijzingen vanuit externe bronnen.

De reactie van ene “Kleuske”?

Uzzeffukijkuh… Da’s nummertje 2,3, 5 en 7 uit het menu van Chez Banner. Sambal bij?

Dat “menu van Chez Banner” is een lijstje van “standaard-antwoorden van een marketeer die zijn/haar artikel beschermt tegen verwijdering”, waar dan gemakkelijk gebruik van gemaakt kan worden. Bijzonder fijn van de anciens-Wikipedia-waakhonden-met-een-afkeer-van-alles-wat-ook-maar-commercieel-zuo-kunnen-zijn: zegt Bruno bijvoorbeeld

In Wikipedia:Relevantie vond ik het volgende Wie de relevantie van een onderwerp wil aantonen, dient te streven naar een onderbouwing met zo betrouwbaar, onafhankelijk en deskundig mogelijke bronnen. Mecenaat door Belgische bedrijven en personen uit het Belgische bedrijfsleven wordt al beschreven in verschillende artikels op Wikipedia : Musée_Magritte_Museum#Mecenaat, Jozef_Camerlynck#Mecenaat, Maurits_Naessens#Mecenas en Edouard_Empain. Het onderwerp mecenaat door een bedrijf lijkt mij bijgevolg relevant te zijn voor Wikipedia. Gezien de belangrijkste ziekenhuizen in België telkens ingaan op de oproepen van Belfius Foundation lijkt mij de indicatie dat dit initiatief maatschappelijk relevant is in België. Het artikel bevat verschillende bronnen waarin Belfius Foundation en de initiatieven aan bod komen. Indien gewenst kunnen er nog bronnen toegevoegd worden.

Okay, redelijke opmerking, denk ik dan. Hier kunnen we als volwassenen over discussiëren.

En hoe antwoordt “The Banner” daarop? Zó antwoord “The Banner” daarop:

Ping! nr. 14 van de lijst.

En dat is het dan. Er net boven reageerde Bruno met een hele riem tekst op iemand die zei “Reclame verpakt in een encyclopedisch artikel (dus van buiten (artikel) bont, van binnen str*nt (de bedoelde boodschap); zoals ze in Amsterdam zeggen).” en was de reactie van diezelfde “The Banner”:

Ping! nr. 10 van de lijst.

En dat is het dan: de grootste on-line encyclopedie, waarvan de de facto gatekeepers schoolvoorbeelden zijn van alles wat ze niet zouden moeten zijn, maar het niet eens beseffen. 

Klik je als argeloze gebruiker door naar “The Banner”’s gebruikerspagina, is de eerste paragraaf die je begroet 

Naar mijn mening is Wikipedia ten dode opgeschreven. Met een ArbitrageCommissie als een partijdige, tandeloze tijger en moderatoren die onder geen voorwaarde af te zetten zijn, is het duidelijk dat de Nederlandse Wikipedia reddeloos en redeloos is.

Wil je naar de gebruikerspagina van die “Kleuske” van daarnet gaan, wordt je begroet met

Vertrokken
Deze gebruiker heeft Wikipedia (voorgoed) verlaten.

De nederlandstalige wikipedia is voor mij niet meer de moeite waard. 

Wou je alsnog een overleg aangaan op zijn/haar overlegpagina, dan zie je 

Mocht u wensen te protesteren tegen een nominatie tot verwijdering, is de beste plaats hier [link naar verwijderlijst], wilt u uw mening geven over mijn grenzeloze arrogantie of mijn intellectuele vermogens kunt u dat hier doen. Dank u voor uw medewerking.

En dan zijn ze verbaasd dat er weinig mensen meeschrijven aan Wikipedia. 

Een maand met een nieuwe Telenet-modem: kloterij

’t Is nu net iets meer dan een maand dat ik een nieuwe Telenet-modem gekregen heb

Fijn, dacht ik, het nieuwste van het nieuwste en gratis en alles: what’s not to like?

Wel: dat het niet werkt, bijvoorbeeld. Internet doet wat het moet doen, en dan plots gaat het heel traag en hapert het, en dan valt het uit. 

Niet voortdurend, niet altijd, niet reproduceerbaar, maar gegarandeerd een paar dagen per week is het internet bijna of helemaal niet bruikbaar. 

Ik ben vandaag wéér vergeten bellen naar support — al kan ik mij de conversatie levendig voorstellen, en zie ik helaas niet echt een scenario waar het in orde komt: een eindeloos straatje van “hebt g’uw bakske al eens herstart? zijn al de drivers actueel? en wanneer gebeurt het precies?”, gevolgd door “oei, gij hebt ook een intern netwerk opgezet? ja, zet dat dan af hé meneer”, gevolgd door ik die zeg dat ik het niet wil af zetten en dat het exact zelfde netwerk al vijf jaar perfect werkte tot die nieuwe modem, gevolgd door “ja meneer dan kunnen wij u niet helpen sorry”.

Kaka. 

update: allez jong, @telenet op de twitters reageert omzeggens meteen, zelfs zonder dat ik expliciet klaag. Waar gaan we dat schrijven?

Tien

Tien dagen, dat vliegt voorbij. 

Niets gezien van de Gentse Feesten. Volgend jaar misschien. 

De rijkste mens ter wereld

Ik blijf dat fascinerend vinden, gedreven mensen.

Compare and contrast

Eén interview is van een serieuze nieuwszender, één is van een humoristisch programma. 

Om lichtjes door de grond te zakken, vind ik.

Gelezen: The Fault in Our Stars

David Foster Wallace ligt nog altijd op mijn maag. Ik vond er niets aan, maar dat was duidelijk verkeerd want ik wist er niet genoeg van af en ik oordeelde alleen op hoe het op mij overkwam in plaats van erover na te denken en de context te kennen, en nu voel ik mij nerveus als ik een boek lees, en durf ik bijna niet te zeggen of ik het goed of slecht vind.

Ik had een reeks boeken staan op mijn Kindle waar ik niet meer van wist waarom ik ze erop gezet had, waar ze over gingen, of wat. The Fault in Our Stars was de eerste op de lijst, en ik durfde er bijna niet aan beginnen zonder eerst te gaan lezen wie de auteur is, wat het doelpubliek, wat de rest van de wereld er van vindt en dus met welke instelling ik eraan moest beginnen.

Voor de duidelijkheid: ik heb het niét gedaan. Ik wist dus niet of het science fiction zou zijn (met die “stars” in de titel), of dat het over Shakespeare zou gaan (“the fault, dear Brutus, is not in our stars”), of het beroemd of populair of obscuur of verguisd was.

Het bleek te gaan over een meisje van zestien met kanker, dat iedereen had opgegeven toen ze dertien was, maar dat blijft leven. En hoe ze verliefd wordt op een jongen van zeventien in haar support group, een ex-basketballer met een geamputeerd been die genezen is van kanker. En over haar favoriete boek, dat ook over een meisje met kanker gaat, en dat in medias res stopt, en dat ze enorm graag zou willen weten hoe het verhaal afloopt.

‘t Is een mooi, ontroerend boek, dat akelig dicht op het been schrijft over kanker en slepende ziekten en wat dat doet met een mens. Dat erin slaagt om zowel erg grappig als romantisch als ontroerend te zijn. “Dit zou Zelie echt eens moeten lezen”, dacht ik. Niet omdat het een kinderboek is, maar omdat het denk ik helemaal iets voor haar zou zijn.

En neen, ‘t is geen literatuur. Maar ik ga er niet over neuten, dat de twee komma vijf hoofdpersonages schrikbarend perfect zijn (alleen de hoofpersonages, gelukkig, er zijn ook andere), dat geen enkel mens écht spreekt zoals zij spreken (in de traditie van Buffy the Vampire Slayer, that is), en dat het licht is op het intrige en het heel hard nadenken: ik vond het een fijn, mooi boekje.

Ik ben tegen mijn gewoonte nu net toch maar gaan kijken op het internet wat het eigenlijk is en wat andere mensen ervan vonden. Blijkt: nummer één bij Amazon en Barnes&Noble zes maand voor het verschenen was, verschrikkelijke internethype wegens sociale media, 4.5 sterren met meer dan 4000 reviews bij Amazon, TIME Magazine’s #1 Fiction Book of 2012, Entertainment Weekly Best Fiction Book of 2012, #1 New York Times Bestseller, #1 Wall Street Journal Bestseller, New York Times Editor’s Choice, Huffington Post Best Books of 2012, tralala. Binnenkort verfilm, ook.

Het is wat het is, vind ik: een mooi jeugdboek. En daar is niets verkeerd mee.

[van op Boeggn]

Officieel: wij zijn kinderlokkers

Sandra belde van op de Gentse Feesten: “Zeg, willen wij een goeie datum?”

– Een goeie datum? 

– Ja, een goeie datum.

– Waarom een goeie datum? 

– Een goeie datum!!

– Okay, maar waarom een goeie datum?

– Gewoon, wil-len wij een goe-de da-tum?

– Ja, ik heb u wel verstaan, maar wat voor datum? 

Enfin, het ging nog even over en weer voor ik begrepen had dat het niet “datum” was dat ze zei maar “daad doen”. Bleek: er liepen zeven meisjes van de Chiro op straat met een bordje “slaapplaats gezocht voor zeven meisjes van de Chiro”, en Sandra heeft ze dus gezegd dat ze hier mochten komen slapen in ons achterhuis. 

Officiële kinderlokkers, wij!

(wat een vreemd concept trouwens, op tweedaagse tocht zijn, tijdens de Gentse Feesten, en op den bots gratis overnachting moeten zoeken)

Homo’s

In de marge van de gazet, naast een artikel over hoe het in de soep aan het draaien is in Egypte, een citaat van de Nederlandse schrijver Stephan Sandres: ‘Ik kan aan jonge homo’s verhalen vertellen uit de oude doos, die zij aan- horen alsof ik van vóór de oerknal spreek.’

Ayup. 

Er zijn veel dingen enorm veranderd, de laatste jaren. Het meest visceraal anders, waarmee ik bedoel “loop van de wereldgeschiedenis veranderend” is natuurlijk de communicatie: internet en dingen. Het staat me bij dat we nog niet kunnen inschatten wat de gevolgen ervan zullen zijn, maar ik denk wel zeker dat het er eentje is voor het Grote Boek Van De Mensheid — véél belangrijker dan twee wereldoorlogen, om maar iets te zeggen. 

Maar met homo’s is het echt een bijzonder vreemd iets. Het beeld dat op mijn netvlies gebrand blijft, is een interview met Boy George op de Nederlandse televisie, ergens begin de jaren 1980, op Veronica wellicht. De interviewer had eigenlijk maar één vraag: “ben je een homo”, maar hij durfde ze niet te stellen. En dus ging het, wellicht maar een minuut of twee maar het leek een eeuw lang, over “waarom doe je al die make-up aan?” en “heb je een vriendin?” en “ja, maar waarom dat lange haar, waarom probeer je er al een vrouw uit te zien?”

[contrasteer trouwens met dit interview uit dezelfde periode, door Bart Peeters dertig jaar geleden, en zie hoe schattig ze een duet doen op 7:09!]

…maar het punt was dus: in de jaren 1980 was het nog altijd abnormaal om homo te zijn. En dat bleef in de jaren 1990 ook zo. Zeker bij het grote publiek. Ja, er waren natuurlijk wel mensen die ervoor uitkwamen dat ze homo waren — de onvermijdelijke Tom Lanoye, een verdwaalde Will Ferdy een eeuw geleden, maar “homo’s zijn andere mensen dan wij” bleef de grondstroom.

En ik vind dat de mens die dat beeld helemaal op zijn kop gezet heeft, veel te vaak vergeten wordt.

Er is, voor zover ik me dat herinner, één persoon die Vlaanderen — heel Vlaanderen, niet alleen weldenkend Vlaanderen — heeft doen beseffen dat homo’s mensen zoals u en ik zijn. Die, in het jaar 2000, en da’s och here nog maar 13 jaar geleden, meer gedaan heeft voor de holebi-emancipatiebeweging in la Flandre profonde dan alle Lanoyes bij elkaar:

Held

Spreek mij maar eens tegen.

Drugs drugs druuuugs

Ge moet dan eens pakweg postzegels doen of zo, en naar Animal Crackers kijken. Bij deze scène (“pardon me while I have a strange interlude”) wordt het bijzonder interessant. 

Enfin, schijnt het, natuurlijk. Heb ik ooit eens gelezen in een boek of op het internet, of zo. 

Kara

Ooooo zo mooi. 

Gelezen: The Pale King

Hola, dacht ik bij de eerste bladzijde: ik beklaag de vertalers die hier iets van moeten maken.

Gatver, dacht ik een paar bladzijden later: dat soort gimmicky schrijverij, met van die muren tekst zonder paragrafen en zinnen van ettelijke bladzijden lang – was ik dat niet al zeer zwaar beu gelezen in de middelbare school, ergens na De man die zijn haar kort liet knippen?

(En neen, het is inderdaad geen goed teken als ik begin te schrijven over een boek terwijl ik het nog aan het lezen ben. Da’s meestal dat ik bang ben dat het me niet zal aanstaan. Zucht. Volgen: verspreide notities tijdens het lezen van The Pale King, tussen 17 en 24 juli.)

Het was al lang geleden, maar ik voel me na nog een paar tiental bladzijden als een kanaalzwemmer die net vertrokken is aan Cap Gris Nez, en plots blijkt in erwtensoep te zwemmen. ‘t Is ongetwijfeld voedzaam en goed voor u, maar erin zwemmen? Aangenaam is anders.

Ergens eind 1656 schreef Blaise Pascal: “Mes Révérends Pères, mes lettres n’avaient pas accoutumé de se suivre de si près, ni d’être si étendues. Le peu de temps que j’ai eu a été cause de l’un et de l’autre. Je n’ai fait celle-ci plus longue que parce que je n’ai pas eu le loisir de la faire plus courte.” Ik vrees dat Wallace ook ergens tegen een tijdslimiet gelopen is, hier kon nog verschrikkelijk hard in gesneden worden.

En dan vraag ik me plots af of ik aan het lezen ben over personages, dan wel over karikaturen van personages? Ik weet het niet. Eéndimensionaal zullen ze wel niet zijn, vermoed ik, daarvoor worden er echt veel te veel woorden geschreven.

Maar er is zoiets als overdrijven. Een persoon neerzetten in ettelijke bakken zinnenbrij van pointillistische stream of consciousness, en dan aan de lezer overlaten om er iets uit te distilleren, da’s ook een optie. Ik ben persoonlijk meer een voorstander van boeken waar de schrijven er zélf net wat meer werk in steekt.

Nog maar 6% van het boek, en less zou verdomd serieus veel more zijn, dacht ik bij het begin van §7. ‘t Is voorlopig vooral fucking vermoeiend, David Foster Wallace.

Ik lag in bed toen ik aan 11% van het boek raakte, en ik kreunde luidop “urgh, néé”. “Author’s Foreword”, is de titel van het hoofdstuk, en het is exact dat: DFW die ons aanspreekt. Om ons, ook weer veel te lang en veel te gedetailleerd, uit te leggen dat het écht allemaal gebeurd is. Manifest niet, natuurlijk, hij zegt het zélf, alleen “The characters and events in this book are fictitious” is echt écht waar. Cringe. Cringe, cringe, cringe. Scholier-van-twaalf-cringe.

…en dan gaat het gewoon weer verder, het boek. 16%, en alweer ettelijke pagina’s over een jongen die veel zweet. Ik weet op het eerste gezicht niet of het een nieuw personage is of niet. En ik heb bij deze besloten niet meer álle voetnoten te lezen.

(nog een paar dagen verder) Ik weiger dit boek neer te leggen.

Ik lees hier en daar flitsen van dingen die graag zou lezen, ik vermoed dat er ergens iets aan de hand is en dat ik op termijn zal zien dat wat een eindeloze reeks onverbonden nonsens lijkt, eigenlijk een ingenieuze kaleidoskoop zal zijn, maar miljaar.

Ik zit over de helft van het boek, zegt de teller van mijn Kindle me, en het steekt me als sinds veel te veel tijd enorm veel te veel tegen. Hier en daar een flits en dan weer een dood eind, dat is het patroon zowat tot nog toe. Kijk, omdat gedeelde smart halve smart is, bij deze §25:

‘Irrelevant’ Chris Fogle turns a page. Howard Cardwell turns a page. Ken Wax turns a page. Matt Redgate turns a page. ‘Groovy’ Bruce Channing attaches a form to a file. Ann Williams turns a page. Anand Singh turns two pages at once by mistake and turns one back which makes a slightly different sound. David Cusk turns a page. Sandra Pounder turns a page. Robert Atkins turns two separate pages of two separate files at the same time. Ken Wax turns a page. Lane Dean Jr. turns a page. Olive Borden turns a page. Chris Acquistipace turns a page. David Cusk turns a page. Rosellen Brown turns a page. Matt Redgate turns a page. R. Jarvis Brown turns a page. Ann Williams sniffs slightly and turns a page. Meredith Rand does something to a cuticle. ‘Irrelevant’ Chris Fogle turns a page. Ken Wax turns a page. Howard Cardwell turns a page. Kenneth ‘Type of Thing’ Hindle detaches a Memo 402-C(1) from a file. ‘Second-Knuckle’ Bob McKenzie looks up briefly while turning a page. David Cusk turns a page. A yawn proceeds across one Chalk’s row by unconscious influence. Ryne Hobratschk turns a page. Latrice Theakston turns a page. Rotes Group Room 2 hushed and brightly lit, half a football field in length. Howard Cardwell shifts slightly in his chair and turns a page. Lane Dean Jr. traces his jaw’s outline with his ring finger. Ed Shackleford turns a page. Elpidia Carter turns a page. Ken Wax attaches a Memo 20 to a file. Anand Singh turns a page. Jay Landauer and Ann Williams turn a page almost precisely in sync although they are in different rows and cannot see each other. Boris Kratz bobs with a slight Hassidic motion as he crosschecks a page with a column of figures. Ken Wax turns a page. Harriet Candelaria turns a page. Matt Redgate turns a page. Ambient room temperature 80° F. Sandra Pounder makes a minute adjustment to a file so that the page she is looking at is at a slightly different angle to her. ‘Irrelevant’ Chris Fogle turns a page. David Cusk turns a page. Each Tingle’s two-tiered hemisphere of boxes. ‘Groovy’ Bruce Channing turns a page. Ken Wax turns a page. Six wigglers per Chalk, four Chalks per Team, six Teams per group. Latrice Theakston turns a page. Olive Borden turns a page. Plus administration and support. Bob Mc-Kenzie turns a page. Anand Singh turns a page and then almost instantly turns another page. Ken Wax turns a page. Chris ‘The Maestro’ Acquistipace turns a page. David Cusk turns a page. Harriet Candelaria turns a page. Boris Kratz turns a page. Robert Atkins turns two separate pages. Anand Singh turns a page. R. Jarvis Brown uncrosses his legs and turns a page. Latrice Theakston turns a page. The slow squeak of the cart boy’s cart at the back of the room. Ken Wax places a file on top of the stack in the Cart-Out box to his upper right. Jay Landauer turns a page. Ryne Hobratschk turns a page and then folds over the page of a computer printout that’s lined up next to the original file he just turned a page of. Ken Wax turns a page. Bob Mc-Kenzie turns a page. Ellis Ross turns a page. Joe ‘The Bastard’ Biron-Maint turns a page. Ed Shackleford opens a drawer and takes a moment to select just the right paperclip. Olive Borden turns a page. Sandra Pounder turns a page. Matt Redgate turns a page and then almost instantly turns another page. Latrice Theakston turns a page. Paul Howe turns a page and then sniffs circumspectly at the green rubber sock on his pinkie’s tip. Olive Borden turns a page. Rosellen Brown turns a page. Ken Wax turns a page. Devils are actually angels. Elpidia Carter and Harriet Candelaria reach up to their Cart-In boxes at exactly the same time. R. Jarvis Brown turns a page. Ryne Hobratschk turns a page. ‘Type of Thing’ Ken Hindle looks up a routing code. Some with their chin in their hand. Robert Atkins turns a page even as he’s crosschecking something on that page. Ann Williams turns a page. Ed Shackleford searches a file for a supporting document. Joe Biron-Maint turns a page. Ken Wax turns a page. David Cusk turns a page. Lane Dean Jr. rounds his lips and breathes deeply in and out like that and bends to a new file. Ken Wax turns a page. Anand Singh closes and opens his dominant hand several times while studying a muscle in his wrist. Sandra Pounder straightens slightly and swings her head in a neck-stretching arc and leans forward again to examine a page. Howard Cardwell turns a page. Most sit up straight but lean forward at the waist, which reduces neck fatigue. Boris Kratz turns a page. Olive Borden raises the little hinged flag on her empty 402-C box. Ellis Ross starts to turn a page and then stops to recheck something higher up on the page. Bob McKenzie hawks mucus without looking up. ‘Groovy’ Bruce Channing worries his lower lip with a pen’s pocket clip. Ann Williams sniffs and turns a page. Matt Redgate turns a page. Paul Howe opens a drawer and looks inside and closes the drawer without taking anything out. Howard Cardwell turns a page. Two walls’ paneling painted over in Baker-Miller pink. R. Jarvis Brown turns a page. One Chalk per row, four rows per column, six columns. Elpidia Carter turns a page. Robert Atkins’s lips are soundlessly moving. ‘Groovy’ Bruce Channing turns a page. Latrice Theakston turns a page with a long purple nail. Ken Wax turns a page. Chris Fogle turns a page. Rosellen Brown turns a page. Chris Acquistipace signs a Memo 20. Harriet Candelaria turns a page. Anand Singh turns a page. Ed Shackleford turns a page. Two clocks, two ghosts, one square acre of hidden mirror. Ken Wax turns a page. Jay Landauer feels absently at his face. Every love story is a ghost story. Ryne Hobratschk turns a page. Matt Redgate turns a page. Olive Borden stands and raises her hand with three fingers out for the cart boy. David Cusk turns a page. Elpidia Carter turns a page. Exterior temperature/humidity 96°/74%. Howard Cardwell turns a page. Bob McKenzie still hasn’t spit. Lane Dean Jr. turns a page. Chris Acquistipace turns a page. Ryne Hobratschk turns a page. The cart comes up the group room’s right side with its squeaky wheel. Two others in the third Chalk’s row also stand. Harriet Candelaria turns a page. R. Jarvis Brown turns a page. Paul Howe turns a page. Ken Wax turns a page. Joe Biron-Maint turns a page. Ann Williams turns a page.

En om de zoveel §’s een andere stijl, nu eens eerste persoon, dan eens derde, nu eens toneelstuk, dan eens… ah ha ha. So very, I dunno, Joycean. Wacht, neen: in 1920 was dit misschien risqué en boeiend en nieuw, ik vind dit anno nu gewoon geeuw. Of misschien moet ik The Commitments achterna en het (ik parafraseer, die film is zelf ook alweer een eeuw geleden) gewoon self-indulgent literary masturbation noemen.

 

Mocht het nog niet opgevallen zijn: ja, ik ben kwaad. Ik ben nijdig op David Foster Wallace en zijn pretentieuze stapel hoofdstukken, omdat hij erin geslaagd is om mij er tegen op te doen zien om mijn Kindle open te slaan. In plaats van verder te lezen, heb ik de afgelopen tijd de drie volledige reeksen van Black Books herbekeken, Defiance bijgebeend, seizoen 7 en het begin van 8 van Dexter gedaan, en wel zeker tien films bekeken. In plaats van te lezen, wat ik eigenlijk liever had gedaan.

Hier en daar zijn er nog altijd stukken die ik goed vind, daar niet van. Hier en daar zijn er zelfs hoofdstukken die ik graag lees. Maar dit is geen boek. Dit is een aaneenplaksel van hoofdstukken.

(nog anderhalve dag later)

En ik blijf koppig weigeren het op te geven. Opgeven is Wallace laten winnen. Ik zit ondertussen aan §50 (89%) en het einde is in zicht. Ik verwacht geen zware dramatische ontknoping of zo, het is me al een eeuw duidelijk dat het meeste dat ik mag verwachten een vissenstaart zal zijn.

Erm hang on. Er is geen §51?!! Het eindigt met een resem “Notes and asides” van een uitgever, en die uitgever is niet nóg maar eens een “ho ho zie mij literatuur schrijven jong”-vondst, maar het is gewoon een échte uitgever, die écht schrijft over écht gevonden notities en dingen op het échte manuscript van Wallace.

Blijkt dat die gast verdorie gestorven is. En dat ik een onafgewerkt boek aan het lezen was! “He died in 2008, leaving behind unpublished work of which The Pale King is a part”, zegt de flaptekst, die ik (Kindle zijnde) pas helemaal op het einde lees.

Klootzak. Da’s een week van mijn leven die ik niet terugkrijg. Ik ga nog eens écht mijn regel van “zo weinig mogelijk over het boek lezen op voorhand” moeten opgeven.

*
*      *

Ja, er zitten uitstekende stukken in dit manuscript. Rake observaties en goed geschreven delen zo. Maar elk degelijk stuk staat verdronken tussen riemen en riemen verschrikkelijk saaie (en pretentieus saaie) navelstaarderij.

En bovendien: James Joyce zou de Franse vertaler van Ulysses, Jacques Benoîst-Méchin, gezegd hebben “I’ve put in so many enigmas and puzzles that it will keep the professors busy for centuries arguing over what I meant, and that’s the only way of insuring one’s immortality.”

Het kan zijn dat het allemaal de schuld is van de mensen die al die ettelijke bladzijden postuum gepubliceerd hebben, maar ik heb de indruk dat het David Foster Wallace zelf was die bijzonder bewust precies hetzelfde spelletje wou spelen als Joyce. En dat stoort me mateloos, ja.

Bah.

[van op Boeggn]

Kyoote!

Maar zo een schattig mannetje!

Fuck zomer

Ik heb een hekel aan de zomer. Bah warmte.

Tijd dat het regent en koud is en dingen. Ik ben uit protest al drie dagen niet meer uit het huis geweest, en ik denk dat ik dat op woon-werkverkeer na zo ga houden, tot het gedaan is met warm weer zijn.

Ik kan tegen zon en alles, maar als het binnen in huis zo warm is dat uw drank op vijf minuten een lauw soort stroop wordt en dat alle oppervlaktes warm aanvoelen: neen.

Neen.

11 jaar oud. Slik

Ick, Ick, Ick. (Okay, ’t is MEMRI dus korrels zout zijn wellicht handig, en natuurlijk is een huwelijk zonder toestemming ook in de Islam niet mogelijk, maar toch.)

Goed begonnen, Koning Philippe!

Heel-de-tijd-dat-de-troon-in-beeld-was:

Wal

Wallobrux. En Vlaanderen? Dat hebben ze bij de regimepers links laten liggen. Buiten camera. 

Vlaa

Ik zeg niets hé. 

Ik kan alleen constateren. 

Older posts