Zullen we één ding afspreken?
Dat we het niet meer zullen hebben over pop-up stores? Dat we die dingen gewoon kraampjes noemen?
zaterdag 22 oktober 2011 in Woord. Permanente link | 6 reacties
Zullen we één ding afspreken?
Dat we het niet meer zullen hebben over pop-up stores? Dat we die dingen gewoon kraampjes noemen?
maandag 18 juli 2011 in Woord. Permanente link | 6 reacties

Ze zoeken naar volk om de test te doen, dus haast u erheen. En eerlijk zijn hé!
De woorden, trouwens, waar ik geen definitie van kon geven (maar nu dus wel en voor heel lang in de toekomst, want ik vergeet dergelijke dingen dan niet echt meer):
pother (woord van onbekende oorsprong, verschijnt in de literatuur in de vroege 17de eeuw.
vibrissæ (van het Latijn vibrāre, vibreren — ik dacht dat het trilharen waren maar ik was er niet zeker van; blijkt in eerste betekeneis neusharen te zijn)
williwaw
A sailor’s (whaler’s, etc.) name for a sudden violent squall, orig. in the Straits of Magellan.
opsimath [ad. Gr. ὀψιµαθής: see next.]
Ha!
vrijdag 13 mei 2011 in Woord. Permanente link | 6 reacties
Zoals in
é, yo, maat, friki gewoon!
Als de keeper te ver van de goal loopt met de bal in zijn handen.
maandag 17 april 2006 in Woord. Permanente link | 2 reacties
Engels gesproken door mensen die het Engels niet als moedertaal hebben, ‘t is een rare zaak.
Ik heb op de lagere school Engels gehad vanaf, denk ik, het vierde leerjaar. Maar eigenlijk heb ik het geleerd in het derde middelbaar, dat ik twee keer gedaan heb, bij de weergaloos onvergelijkbaar fantastisch goeie en helaas veel te vroeg gestorven leraar Engels Jan Van Herreweghen.
Daarvóór, we schrijven begin de jaren 80, ging ik aan de slag met computertijdschriften en zo’n klein blauw Verschueren’s vertaalwoordenboekje waar ik zo ongeveer elk woord in moest opzoeken—maar in die 3de Latijn-Wiskunde die ik twee keer gedaan heb, heb ik Engels vanbinnen en vanbuiten geleerd. Van woordenschat over fonetica tot grammatica. En, dank zij de leraar, ben ik verliefd geworden op de taal.
Tegenwoordig lees ik praktisch niet anders, is de BBC mijn televisie-homepagina, spreek en schrijf ik het dagelijks op het werk, en is uiteraard ook tinternet bijna allemaal in tengels.
Na testen en volgens de mensen die het weten heb ik in Engels het Raad van Europa-niveau C2 voor lezen en schrijven en spreken:
Can understand with ease virtually everything heard or read. Can summarise information from different spoken and written sources, reconstructing arguments and accounts in a coherent presentation. Can express him/herself spontaneously, very fluently and precisely, differentiating finer shades of meaning even in more complex situations.
…maar dat wil làng niet zeggen dat ik een native speaker zou zijn. Of dat ik zelf een native speaker voor de gek kan houden.
Om te beginnen: mijn accent. Ik kan, als ik dat wil, een vorm van RP doen—BBC English, zo u wil. Maar dat doe denk ik enkel als ik met echte engelsmans spreek. Door de band spreek ik, enfin denk ik toch, in een soort euro-middle-of-the-road-engels, dat met een beetje geluk niet thuis te brengen is op een regio of land.
En daarnaast: mijn idioom. Ik heb geen eigen engels idioom, en ik meng dus zonder scrupules pakweg Dickens met Marvel, of New York met Midlands. Ik spreek dan wel hoegenaamd niet met een amerikaanse tongval, maar ik heb er eigenlijk geen groot probleem mee om amerikaanse woorden en zinsconstructies door de rest te draaien: waarom zou ik niet “fall” zeggen, en zowel “trunk” en “boot” als “lift” en “elevator” door elkaar?
En dus neem ik graag en veel over van zowat overal. En bezig ik in één conversatie tegelijk uitdrukkingen Them’s good eats en good show, what? En doe ik decidedly Jon Stewartiaanse turns of phrase als “nyeeeeehh …not so much” of “so how’d that turn out?” tegelijk of toch in de buurt van unabashedly Paul Whitehousiaanse “…which was nice” of “aww… bugger”.
Euh. Maar bon. Waarom ik daar eigenlijk allemaal over nadacht: ik betrapte er mezelf op, daarnet in een googletalkvenster, dat iemand hallo zei, en dat ik daarop antwoordde met “ey up”.
Dat kan maar één ding zeggen: dat ik het idioom van mijn baas (bazin) overneem. Aan de telefoon zeg ik steeds vaker “bye-ee”, en ik vrees dat ik zonder nadenken ook wel eens “ee by gum” of “by ‘eck” durf te zeggen—zo helemaal van “up north”, als het ware.
Mm. Zolang ik geen aardige dingen begin te doen met lidwoorden—“the” afkorten tot “t” zoals in “goin’ down t’ canteen?” of “the” laten vallen zoals in “I’ll put it on website”—zal ik me maar geen zorgen maken zeker?
zaterdag 23 april 2005 in Woord. Permanente link | Geen reacties
Iemand die woorden uitvindt.
Kijk, zo kan het ook, maar een echte logodaedalist doet het natuurlijk beter.
vrijdag 22 april 2005 in Woord. Permanente link | Geen reacties
Traag sprekend.
Ik betrap er me op dat ik vaak iets doe waar ik zelf een hekel aan heb: beginnen aan een zin, en dan stoppen, en dan herbeginnen, en dan weer stoppen, en dan weer herbeginnen. Als iemand dat tegen mij doet, heb ik altijd de neiging in het midden van zo’n stilte komaan! accouche! te roepen, en ik kan me alleen maar inbeelden dat het ongelooflijk irritant moet zijn.
En het omgekeerde is trouwens ook iets dat me te vaak overkomt en waar ik zelf ook een hekel aan heb: om die tardiloquentie te compenseren bedenk ik soms heel het verloop van een conversatie in mijn hoofd, en dan komt die er als één stroom op géén tijd uit. Wat, kan ik me inbeelden, onnoemelijk vervelend moet zijn. Enfin ja, het beseffen is al één ding zeker?
donderdag 21 april 2005 in Woord. Permanente link | 2 reacties
Verlamming van de tong.
Ik lijk wel geslagen door glossoplegie. Geen idee hoe ik dit woord in een context kan gebruiken.
woensdag 20 april 2005 in Woord. Permanente link | 9 reacties
Gekenmerkt door de neiging over te geven.
Ik ben niet meteen heel erg vomiturient, maar als ik bananenyoghurt drink uit de doos, en dan het laatste klakje alsnog in een glas uitgiet, en ik zie daar plots in de bodem van mijn glas in plaats van stukjes banaan een half glas wriemelende maden, ja, dàn…
dinsdag 19 april 2005 in Woord. Permanente link | Eén reactie
Zo hard als ivoor worden.
Ganda-hesp. Mmmm. Om de zoveel tijd koop ik een volledige hesp bij de slager. De eerste pakweg 90% daarvan zijn op géén tijd op, vooral nu we een snijmachine hebben. Helemaal op het einde an zo’n hesp komt er geleidelijk aan meer en meer vet tussen het vlees, en tegen dat 95% op is, komt er ook nog eens bij dat er allerlei harde plooien in het vel zitten. Resultaat: het laatste hompje wordt, alle wasabi ten spijt, weken (en soms maanden) overgelaten aan eenzame eburnatie ergens onderaan en achteraan de frigo. Eigenlijk stom.
maandag 18 april 2005 in Woord. Permanente link | Geen reacties
Gekenmerkt door symmelie, een misvorming waarbij twee ledematen vergroeid zijn.
Allemaal goed en wel, De Kleine Zeemeermin, maar leef maar eens samen met zo’n symmelisch monster. Ja, ‘t spaart uit in kosten van sletsen en bottinnen, maar fietstochten? Alleen met een tandem, en daar zijn ze ook niet veel hulp natuurlijk.
zondag 17 april 2005 in Woord. Permanente link | 4 reacties
Het doden, in het bijzonder het slachten van een ritueel slachtoffer.
Ik heb nooit anders geweten dan dat wij kippen hadden in de tuin. Mijn grootmoeder kocht ze als tsjiepkes, ze kregen eerst meel, en dan altijd maar grover graan (van bij madame Landsgrave zaliger!), om uiteindelijk aan een graan/mais-mengeling te eindigen. Ah, het gevoel van met twee armen tot aan de oksels in een enorme bak koel kiekeneten te roeren… groots.
De beesten zaten overdag in grote kooien die dag na dag op een nieuw stuk vers gras stonden, ‘s avonds in een grote ren, en ‘s nachts in een ruim kot mer stokken om op te zitten.
Enfin, de kippen hadden wel een fijn leven. Tot het onvermijdelijke moment van de mactatie natuurlijk: met elk jaar dat mijn grootmoeder verouderde, werd het minder om aan te zien, tot zelfs te gruwelijk voor woorden. De nek half door, een bot kapmes, de achterkant van het kapmes, een vort kapblok, een mes onder de tong of net niet, uiteindelijk zelfs met de long rifle vanop afstand, en met een spade in de losse modder… ik bespaar u de details.
zaterdag 16 april 2005 in Woord. Permanente link | Geen reacties
Het monologeren.
Niets zo fijn in vergaderingen als mensen met extreme soliloquaciteit—op den duur praten die zichzelf meestal toch onder tafel.
vrijdag 15 april 2005 in Woord. Permanente link | Geen reacties
Het feit oversteekbaar te zijn (gezegd van water).
Nog een geluk dat de rijkswacht ons geholpen heeft toen het bij mijn ouders overstroomd was die keer voor nieuwjaar. Voor mij ging het nog, maar voor de kinderen was de vadositeit niet meteen optimaal te noemen.
donderdag 14 april 2005 in Woord. Permanente link | Geen reacties
Overblijfselen van levende wezens bevattend.
Bweikes! Hoog tijd om de binnenkant van de auto ook eens te laten kuisen, hij begint echt wel zwaar zoötisch te worden.
woensdag 13 april 2005 in Woord. Permanente link | Eén reactie
Met drie strepen.
Als ik klein was, was Adidas zo’n beetje hetzelfde als schoenen van Staf van Shoeconfex. Ik vraag mij af hoe ze erin geslaagd zijn die trivirgate sloefen van Alle Domme Idioten Doen Aan Sport naar even-cool-als-Nike te doen evolueren.
Alles wat hier staat is mijn eigen opinie. Het wordt niet nagelezen of goedgekeurd door mijn werkgever voor het on-line komt, en ik bied geen enkele garantie voor kwaliteit of correctheid.
Mijn werkgever is het niet noodzakelijk eens met wat ik schrijf, en het spreekt vanzelf dat hij dan ook op geen enkele wijze aansprakelijk kan zijn voor wat ik hier publiceer.
Eén van mijn e-mailadressen is michel [at] zog punt org. Normaal gezien antwoord ik daar, buiten de kantooruren, onmiddellijk op.
Valideert, in principe: css & xhtml.
Gemaakt met WordPress.
Syndicatie: Entries (RSS) en commentaar (RSS).
