Een fijne werkdag

Het was een fijne dag vandaag.

Toegekomen en gezien dat ik de enige persoon in mijn bureau ben. Dat de interloper die er een paar maand in plaatsgevat had, gelijk voorgoed weg is. Hoera!

Van 8u12 tot 9u55 getekend en ontworpen en vergadering voorbereid. Dan naar de Beste Vergaderzaal Van Het Gebouw getrokken — de 40.127 dat ze zeggen — en een kort anderhalf uur vergaderd over voorstellen die donderdag aan mensen van over de wereld gaan getoond worden. Knopen doorgehakt die moesten doorgehakt worden, beslissingen genomen, echt een zeer aangename vergadering.

Erna verslag gemaakt en beginnen nadenken over de nog te maken wijzigingen. Gaan eten om 12u45: kabeljauw met spinazie en look. Een appel als dessert, en terug naar vergaderzaal getrokken om 13u01. Ik dacht mijn gerief bij elkaar te rapen en naar mijn bureau te gaan, maar er was eerst nog een telefoon over een ander deel van een project, met interessant en ergens wel aangenaam nieuws.

Na de telefoon naar mijn bureau, computers en monitors bij elkaar geraapt, en ontworpen en getekend tot 16u20, met Vangelis op de achtergrond. Goede ideeën gehad, al zeg ik het zelf, ha!

En dat was het. Een werkdag van 7u43 minuten, middageten niet meegerekend.

Ah, en natuurlijk ook nog 4u16 minuten heen en weer reizen. Op dat laatste na, was het een ideale werkdag. 🙂

Wij zijn de maat van alle dingen

Tweede week op rij dat we met de ploeg de prijs van de meest gemiddelde ploeg binnenrijven.

Hrm. De quiz was echt niet gemakkelijk deze keer, al hebben we een aantal dingen laten liggen (Winston in plaats van Churchill voor de polar bear capital van Canada, Palazzo Pitti vergeten, zo nog een aantal dingen. Grr.) (Al hadden we niet de prijs van de middelmaat gehaald als we die vier vijf vragen die we hadden moeten weten, ingevuld, natuurlijk.)

En nu hebben we lotjes gewonnen. En de pot is nog een beetje gespijsd. En in januari gaan we met de hele ploeg, alle acht, op weekend. Hoera!

(Niet dat dat iets te maken heeft met de quiz van maandag, maar alla.)

Innige deelneming

De gazetten stonden er vol van, wegens Allerzielen: tien dingen die ge beter niet zegt (waaronder innige deelneming) of doet (kaartjes sturen).

Ik weet nooit wat ik moet zeggen tegen mensen die iets ergs meemaken in hun leven.

Als er mij erge dingen overkomen in het leven, weet ik ook niet wat ik graag zou horen van mensen.

Gewoon niets, eigenlijk, denk ik. Gewoon niets.

Einde van een tijdperk

Het is het eerste jaar sinds misschien zestien jaar dat we geen halloween hebben gedaan bij ons thuis.

Vroeger, toen de kinderen kleiner waren, kwamen er stapels vrienden en vriendinnen af, en brachten die ook hun ouders mee, en hadden we allemaal samen een fijne avond.

Niet meer.

Anna is naar vriendinnen gegaan, Jan is naar vriendinnen gegaan, Zelie kwam thuis van de scouts, Louis zat in zijn kamer.

Een rustige avond. Niets gedaan.

Snif.

Abonnement

“When in this essay I declare war upon Wagner,” Nietzsche wrote in “The Case of Wagner,” “the last thing I want to do is start a celebration for any other musicians. Other musicians don’t count compared to Wagner.”

I could say the same thing about other steakhouses — compared to Peter Luger, they don’t count. Luger is not the city’s oldest, but it’s the one in which age, tradition, superb beef, blistering heat, an instinctive avoidance of anything fancy and an immensely attractive self-assurance came together to produce something that felt less like a restaurant than an affirmation of life, or at least life as it is lived in New York City. This sounds ridiculously grand. Years ago I thought it was true, though, and so did other people.

Pete Wells, Peter Luger Used to Sizzle. Now It Sputters.

Hierboven: een stukje restaurantreview. Nul sterren voor Peter Luger.

De review eindigt zo:

The restaurant will always have its loyalists. They will laugh away the prices, the $16.95 sliced tomatoes that taste like 1979, the $229.80 porterhouse for four. They will say that nobody goes to Luger for the sole, nobody goes to Luger for the wine, nobody goes to Luger for the salad, nobody goes to Luger for the service. The list goes on, and gets harder to swallow, until you start to wonder who really needs to go to Peter Luger, and start to think the answer is nobody.

Pete Wells, Peter Luger Used to Sizzle. Now It Sputters.

Heerlijk.

Ik voel mij een mens van de wereld, nu ik een abonnement op The Failing New York Times heb.

Het kost mij de eerste maand niets, en daarna 4 euro per maand. Ik vind dat geen geld, voor zo’n fantastisch instituut.

Gemiddeld

We hebben een slechte quiz gehad, en dan een uitstekende en twee al met al toch nog degelijke. Dat zorgde ervoor dat we in poule één bleven zitten, wat geen goede zaak is omdat daar geen prijzen te rapen zijn — buiten die ene keer dat we de hele quiz wonnen natuurlijk.

’t Zal niet meer zijn, denk ik. We hebben in de laatste quiz de prijs van de meest gemiddelde ploeg gehaald. ’t Was dus niet goed, nee. Gewoon veel vragen die we hadden moeten weten maar waar we niet op kwamen, en andere vragen die we gewoon niet wisten. So it goes. Volgende keer poule 2. En dan ons best doen.

De gazet

Het is toch eigenlijk redelijk godgeklaagd hoe lelijk De Standaard is in vergelijking met De Morgen.

En kijk, lelijkheid kan mij misschien wel schelen, maar het is geen doorslaggevend argument als de inhoud tenminste in orde is.

Tot de inhoud van de pagina gewoon onleesbaar wordt omdat (denk ik) de tekst voor de printversie gewoon losweg gedumpt is op de webversie. Als het niet leesbaar zou zijn, klik dan vooral op het beeld hierboven, en geniet mee van fotolegendes zonder foto’s erbij. Of kijk in het artikel zelf online en tel hoeveel keer er zonder context “Koen Aerts” of “Nico Wouters” in het midden van de tekst staat (viér keer), en geniet mee van de verwarring die ontstaat door interviewvragen niet in het vet te zetten of bijvoorbeeld met een “DS:” of “De Standaard:” of zo af te scheiden van de antwoorden.

Godgeklaagd.

De Morgen daarentegen, die doen hun best.

Kopen of zelf maken of laten maken?

Ik ben de eerste om te zeggen dat als het kan, het best is om dingen te gebruiken die al bestaan.

Als ge Excel hebt, doe uw ding in Excel in plaats van iets duurs te kopen, bedoel ik. Of als ge al iets gemaakt hebt in watdanook, moet er een bijzonder goede reden zijn om iets anders te maken of te laten maken of te kopen, in plaats van wat ge hebt te verbeteren.

Jazeker, eigenlijk zou het ongetwijfeld allemaal beter kunnen maar hey: stel dat ge uw huidig ding gewoon vervangt door iets nieuws omdat het nu eenmaal beter zou kunnen gemaakt zijn dat het nu gemaakt is, dan hebt ge in het beste geval iets dat precies doet wat ge al nodig hadt, behalve dat er tijd en geld in gestoken is.

Behalve als er echt zorgen zijn. Als het huidige ding in uw weg staat, dingen zou moeten doen die er zonder veel moeite niet in te steken zijn, of als de omstandigheden dermate veranderd zijn dat het bestaande ding een tang op een varken wordt.

En laat het nu net zijn dat ik iets dergelijk meemaak, in drie organisaties, met telkens zeer verschillende oplossing: één keer wordt wellicht besloten om min of meer van nul te herbeginnen, één keer om iets nieuws te maken op basis van een bestaand iets, bij de derde situatie is het nog niet duidelijk.

Iets off the shelf kopen? In het eerste geval is dat onder geen enkel beding aan de orde, in het tweede geval wellicht ook niet, in het derde geval weet ik het niet.

Iets zelf maken? In het eerste geval zeer zeker ja, in het tweede geval liever niet, in het derde geval weet ik het niet.

Vragen aan een kleine firma om te ontwikkelen? In het eerste geval is het zelfs niet aan de orde, in het tweede geval wellicht wel, en in het derde geval weet ik het niet, maar waarschijnlijk niet.

Een hip nieuw ding van de één of andere startup gebruiken? Eerste geval: zijt ge zot? Tweede geval: zijt ge op uw hoofd gevallen? Derde geval: over mijn dood lijk.

Ah zucht. Beslissingen, beslissingen.