Michel Vuijlsteke's weblog

Tales of Drudgery & Boredom.

Tag: macro (pagina 2 van 4)

Zó dicht!

…en toch zo veraf. Toen we daarnet aan het wandelen waren, kwamen we voorbij zo’n bloemachtig ding (ik ben geen grote plantenkenner :)) dat vol zat met vliegen: zweefvliegen allerhande, vleesvliegen, bloemenvliegen, vanalles.

Ik doe wat elk normaal mens zou doen in dergelijke omstandigheden: de lens van zijn fototoestel vijzen, de macrolens bovenhalen, de macrolens op het fototoestel vijzen, de ringlflits op de macrolens, en foto’s nemen.

En voor de honderdtwaalfenveertigste keer zit ik bij het bekijken van de foto’s te vloeken.

Ringflits, zelfs op 1/4 van de snelheid en manueel zo zwak mogelijk ingesteld: veel te krachtig. Gevolg: ik moet op f/40 foto’s nemen, want sneller dan 1/250 weigert de D200 als de flits eraan hangt. Gevolg: al is die 70-180 echt wel een goeie lens, zelfs daar is f/32 tot f/40 echt wel een beetje des Guten zuviel, en zit ik met scherpteproblemen. Of beter: wazigheidsproblemen. Ik zou liever f/20 aan 1/1000 of zelfs nog meer flits en dan aan belachelijke snelheden genre f/8000 fotograferen, vleugels in vlucht en zo, maar dat lukt dus niet.

De ringflits is een ouder model, van het type dat ze elke week zonder enig nut gebruiken op CSI. Een ander flitssysteem dringt zich op, maar dan ben ik meteen vele minder mobiel. Of anders toch die nieuwe ringflits met twee satellieten? Ik denk dat het dat zal worden, in tandem (tridem?) met een D800 die ik per radio aanstuur.

Andere limiet waar ik zó dicht op zit en toch zó veraf: vergroting. Elke keer dat ik foto’s bekijk, vloek ik dat ik details niet beter kan zien, kleinere beesten niet beter kan fotograferen, facetten niet duidelijk genoeg kan onderscheiden in ogen, haartjes niet scherp genoeg zie… aaargh!

’t Is echt een verslaving, vrees ik, macrofotografie.

Landschapsfoto’s, daar kan men met om het even welk toestel en een redelijke breedhoeklens propere dingen mee doen.

Portretfotografie, daar kan men met een goeie portretlens en redelijke belichting propere dingen mee doen.

Productfotografie, daar kan met met een goeie macrolens en een degelijke lichtinstallatie (een paar witte dozen van creimnaglas bijvoorbeeld) ook propere dingen doen.

Natuurfotografie van vogels en dassen en herten en zo: een goed statief, een goeie telelens, camouflagekledij en veel geduld, en alles wordt mogelijk.

Concertfotografie, daar is een degelijke (eigenlijk: uitstekende) lens ook voldoende om prachtige resultaten mee te halen.

Misschien hebben fotografen van sterren en planeten ook wel zo’n probleem: met een telescoop, goeie software en een webcam hebben ze voldoende materiaal in huis om degelijke foto’s te maken–maar het kan altijd beter, en scherper, en helderder, en nóg beter. En er zijn altijd betere telescopen, en betere software te schrijven, en dingen.

Maar bloederige macrofoto’s van kleine beesten, en vooral kleine beesten in het wild en dus niet in een nagebootste omgeving in de studio: lenzen, statieven, belichting, nog belichting, voorzetlenzen, extensies, tubes, adapters, … aaargh!

En het kan altijd beter en altijd scherper en altijd is er méér dan wat er op de foto te zien is.

Frustrerend, ik moet het u niet zeggen.

Macro

Helaas, helaas. De teleconvertor van Bruno past niet op mijn macro-lens. Nog goed dat ik het weet, want ik had er haast één gekocht.

Het ziet er naar uit dat ik een TC-201 nodig zou hebben als ik een teleconverter zou willen gebruiken. OF toch nog een voorzetlens erbij? I dunno, I dunno.

En anders: ik zou wel eens overwegen om een macro-ding voor mijn videocamera te kopen ook. Want in beweging hebben veel van die beesten ook wel iets aparts:

Dat was ons bad trouwens, dat stijf staat van waarschijnlijk veertig jaar nooit-geheremailleerd gebruik. Van zodra we geld hebben, komt er een nieuw. En nieuwe tegels. En een nieuwe vloer. En een nieuwe douche. En een nieuw toiler.

En dàn misschien eens een macro-filmcamera.

Alhoewel… foto’s blijven toch wel veel scherper:

Tegenaria parietina

Merk trouwens op hoe uitgeput dat het arme beestje was… helemaal geen protest als ik ze oppakte en buiten zette:

Scytodes

Meer dan een jaar geleden had ik er per toeval één gefotografeerd, zonder te weten wat ik eigenlijk te grabbelen had: een lijmspuiter.

Een subtropisch spinnetje, dat sinds een paar jaar ook bij ons te vinden is. In huis, welteverstaan, buiten overleven ze niet. Ze maken geen web, ze vangen hun slachtoffers door er een soort plakkerige lasso in zigzag over te spuiten. Vandaar ook het grote kopborststuk: lijmklieren en gifklieren en plakkerige giftige lijm.

Nooit gedacht dat ik ooit nog zo’n Scytodes thoracica zou te zien krijgen. Tot daarnet:

lijmspuiter

Ik ben zó content.

Scytodes thoracica

Combinaat

Kijk hier eens naar:

Pissebed focus gecombineerd

Jaja, hoor ik u al denken, een pissebed. En ook wel: zo heb ik er ook duizend zitten. En ook wel: pff, ringflits en f/40, zo krijg ik het ook wel scherp.

Maar!

‘t Is een getruceerde foto! Genomen zonder flits op een donkere koer!

Om genoeg licht binnen te krijgen moet het diafragma zo ver mogelijk open staan, f/5.6 aan 1/50 op 180mm in dit geval. En dan is er geen scherptediepte, dan krijg je dus maar een millimeter of twee in focus:

Pissebed focus vooraan

De oplossing: een paar foto’s nemen van hetzelfde onderwerp met focus op verschillende dieptes, en dan bij elkaar knippen en plakken.

In Photoshop lukt dat wel, maar het is niet evident om het mooi te doen. En het is nog minder evident om het zo te doen dat het niet opvalt dat het gedaan is.

Enter CombineZ5, een aan het ongelooflijk grenzend programma dat een “stack” foto’s combineert, daar dan de relatieve diepte van de verschillende elementen op de foto uit smurft, en zoveel mogelijk alles intelligent in focus zet door elementen van de foto’s uit de stack te gebruiken, te interpoleren waar nodig, enfin, allemaal te complex voor woorden.

Pissebed depth map

Maar wel vreselijk vreselijk handig. Zelfs voor uit de losse pols geschoten foto’s als die van die pissebed. Ik zou er bijna zin van krijgen om mijn statief boven te halen en een stilzittend of dood beest te fotograferen.

En ‘t is in ieder geval goed om weten als ik nog eens een kever met een bol dekschild tegenkom, of een vlieg waar ik met geen stokken alles tegelijk van in focus krijg.

[NB: ik weet dat de foto helemaal bovenaan nog artefacten bevat, en dat hij voor verbetering vatbaar is en zo, maar voor echt zonder statief en zeer snel en zeer slecht licht en alles standaard klik next next, vind ik het toch indrukwekkend.]

Op de koer

Oooo een spinnetche, onder een doodnormale bloempot op onze doodnormale koer:

Tegenaria

Tegenaria

Van deze huisspinnen zitten er heelder stapels in elk huis en op elke koer en in elke houtmijt of stapel dakpannen of stenen van het hele land.

Huisspinnen zijn zo mooie beesten van dichtbij: bijna gelijk luipaarden van tekening, en die óógjes! En kijk ook eens van dichtbij naar die lijn haartjes bovenop het hoofje: schat-tuh!

Enfin, ik ben misschien bevooroordeeld.

Vlieg – kever – mot

Meer dan dat is het niet. Een vlieg…

20060711_183640_kgb1440

…en een kever

20060711_181030_KGB1418

…en een mot

20060711_181132_kgb1419

Ze hebben allemaal één ding gemeenschappelijk: dat ik geen flauw idee heb wat ze precies zijn.

Stofdiertje

Wel: eigenlijk een maskerwants (Reduvius personatus), of beter: de nimf van een maskerwants, maar het had net zo goed een stofbeestje kunnen heten. 🙂

Maskerwants

Maskerwants

Maskerwants

De volwassen wants is een roofwants die een bijzonder pijnlijke beet heeft, de nimf vermomt zich met rondslingerend stof om op insekten in huis te jagen: ze blijven verdoken zitten, en als er iets smakelijks voorbijkomt, springen ze er vliegensvlug op, grijpen het met de voorpoten, en steken het met hun steeksnuit dood.

Om het dan leeg te zuigen, slurp.

Deze kerel, misschien een millimeter of vijf groot, zat plots zonder enige waarschuwing op mijn knie. Hoera! ‘t Was nog eens lang geleden dat ik een nieuw beest gefotografeerd had.

Wepsen

Kijk, vieze beesten op de rozen:

Zaagwespenlarven

Geen rupsen, veel erger dan dat: larven van zaagwespen.

Een mooi ballet van opgeheven staarten, dat wel, maar ze vreten alles op wat ze tegenkomen, en ze zijn vooral voor rozen dodelijk.

Zaagwespenlarven

Een paar foto’s gemaakt, en ze dan tot een vroegtijdige dood veroordeeld.

Onder de hiel van mijn moeder. Stérf, viezeriken!

Rhododendron

Sommige beesten maken het u toch wel echt té gemakkelijk.

Neem nu deze. De onderkant van de blaadjes van de rhododendron hangen vol velletjes:

Rhododendroncicade

De blaadjes van de rhododendron zitten vol van dit soort vieze blinkende vochtiguitziende nimfachtige dingen, die schuwgaweg telkens naar de andere kant van het blad scuttlen als je er in de buurt van komt:

Rhododendroncicade

Kom een beetje in de buurt van de rhododendron en een halve wolk van deze kerels vliegt op:

Rhododendroncicade

Jawel dames en heres: de rhododendroncicade, Graphocephala fennahi. Een vieze immigrant uit Noord-Amerika, die er bij mijn ouders nog eens verantwoordelijk is voor de verspreiding van Pycnostysanus azaleae. Bah, vies.

Wel een mooie cicade hoor, behalve dat ze vieze schimmels helpt verspreiden:

Rhododendroncicade

Meer informatie alhier. Moraal van het verhaal: ‘t is een vreeë vuiligheid, en ‘t is niet gemakkelijk om ervan af te geraken.

Bedrieger!

Dit beest, zo ongeveer even groot als een vingertop, zat op een afsluiting in hartje Brussel.

Ik had geen macro-lens bij, alleen mijn el cheapo 50mm, ‘t wil dus wel wat zeggen voor de grootte van het beest dat ik deze foto kon nemen:

Mug

Ziet er vervaarlijk uit, vele keren groter dan een normale wesp, zo’n angel-achtig ding achteraan, brr!

Wel: nee dus. 🙂

‘t Is een bedrieger, en van dichtbij zie je het meteen: haltertjes in plaats van een tweede paar vleugels zoals een wesp zou hebben. Een lid van de diptera en niet van de hymenoptera.

Een langpootmug begod! Meer specifiek: een gele kamlangpootmug, Ctenophora ornata. Niet meteen heel erg veel voorkomend in Vlaanderen, en dan nog vooral in vochtige bossen, waar de larven in rottend hout zit.

Die goed doet, goed ontmoet. En dat ik verdju niet meer op stap mag zonder macrolens en ringflits. 🙂

Changing of the guard

Ik had ergens gelezen dat er tegenwoordig weer meer honingbijen zijn. Wel, bij mijn ouders is dat bijzonder duidelijk te zien: vooral de lavendel zit heel de dag vól met bijen. En hommels, en zweefvliegen, maar vooral met bijen.

En ‘s avonds en ‘s nachts? Dan wordt de wacht gewoon overgenomen door de nachtvlinders:

Nachtvlinder op lavendel

Wreed accident

In het terugkeren van Zelie en Louis af te zetten voor hun kamp, in de auto, aan het lezen (in Paper Prototyping, overigens van harte aangeraden).

Plots een vlekje op mijn blad:

Donderbeestje

Op de foto hierboven in de buurt van de t, klik om duidelijker te zien: een donderbeestje. Thrips.

Unieke kans! Die beesten komen ‘t schijnt heel erg veel voor, maar ik heb er nog maar twee keer gezienin de paar jaar sinds ik een fototoestel heb dat ze min of meer kan vatten, alletwee de keren trouwens in de buurt van De Panne.

Bon, ik dus balancerend met dat boek op mijn knie, één oog op het beestje, zien dat het niet zou ontsnappen, één hand om het boek open te houden, en met de andere mijn rugzak open doen, D200 uithalen, stopsel van de 70–180 halen, 30mm van de D200 vijzen, stopsel op de 30mm, 70–180 in de D200 vijzen, deksel van de 70–180 halen, 6T uithalen, onderwijl voortdurend het boek draaiend om het beest niet van de pagina te zien lopen, 6T op de 70–180 draaien, ring van de SB-29 op de 6T vijzen, controledinges op de D200 steken, SB-29 op de ring klemmen, en dan met één hand de D200–constrocutie vasthouden (dat weegt dus een halve ton met al dat gerief erop), met de ellenboog het boek vasthouden, met de andere hand focuseren op 37cm, draaien naar 180mm, op M zetten, f/40, en dan proberen met die ene hand dat gevaarte op dat millimeterskleine beest gericht te houden.

Erin geslaagd om een aantal foto’s te nemen:

Donderbeestje

Zoals gezegd: niet evident wegens echt heel erg klein.

Ik zat er ook te dicht op, en de ringflits gaf teveel licht, dus ik dacht de flits eraf te halen en in de ene hand te houden, terwijl ik met de nadere hand het fototoestel vast zou houden, en met mijn derde hand… oeps!

Te laat:

Donderbeestje

Een hand te weinig. Boek dichtgeslagen. Donderbeestje dood.

Gone to meet its maker. Joined the thrips choir in-vi-si-bu-le. An ex-thrips, as it were.

Ki-yooote!

Die oogjes!

Marpissa muscosa

Marpissa muscosa, uiteraard. Ik wou een foto van boven nemen om de oogjes achteraan zijn kop te tonen, maar natuurlijk keek het beest rechtstreeks in de lens.

Marpissa muscosa

Echt waar de meest schattige van alle soorten spinnen, springspinnen.

Meivlieg

Het regent primeurs!

Eendagsvlieg

Een eendagsvlieg (Ephemera vulgata?). De eerste die ik in jaren zie, en a fortiori de eerste die ik op foto vast kon leggen. In de gang bij Sofie en Andy, en weggevlogen vóór ik een betere foto kon nemen. Helaas.

Predator

‘t Is bijna niet te geloven, maar ik had tot vandaag nog geen enkele foto van een lieveheersbeestje dat effectief een blafluis bladluis aan het verorberen is.

Um, en nu dus wel. 🙂

Ladybig on a rampage!

Early days natuurlijk, en het is net een hele tijd slecht weer geweest, maar het is verbazend hoe weinig, al met al, bladluizen er zijn.

De rozen (die overigens beginnen uitkomen, niet vergeten morgen wat foto’s te nemen) zijn grotendeels vrij van ongedierte, enkel de kerstroos (Helleborus niger) heeft nogal wat van die honingdauwafscheidende beesten zitten:

Bladluizen op kerstroos

Vies. Maar ook wel ergens fascinerend, natuurlijk.

Oudere berichten Nieuwere berichten

© 2017 Michel Vuijlsteke's weblog

Thema gemaakt door Anders NorenBoven ↑