Vijf

Mevrouw de voorzitter heeft gevraagd om vijf dingen te vertellen over mezelf die u waarschijnlijk nog niet wist, bij voorkeur ietwat vreemde dingen. Bij deze.

  1. MatthewsTot eind de jaren ‘90 kende ik alle gegevens van alle Playboy centerfolds tussen Laurie Carr (december 1986) en Lisa Matthews (april 1990) van buiten. Geboortedata, afmetingen, likes/dislikes, you name it. Ik was jong, ik zat op een jezuietencollege, ik ging niet uit, ik kende geen mensen.
    Stop met lachen.
     
  2. Ik ben afgrijselijk verlegen en kan hoegenaamd geen small talk doen. Of beter: ik kan dat wel, maar ik moet daar enorm vreselijk veel moeite voor doen. Vreemden aanspreken op straat, tijdens een receptie een gesprek onderhouden: afgrijselijk. Ik spreek ook quasi onverstaanbaar in de meeste situaties, als ik er niet erg op let: ik ben die mens tegen wie men na drie keer geen “sorry?” of “u zei?” meer durft zeggen omdat het te genant wordt.
     
  3. Ik doe bijzonder graag presentaties, voordrachten, lezingen en dergelijke. Voor veel of weinig publiek maakt me niet uit, voorbereid of geïmproviseerd ook niet.
     
  4. Ik draag, denk ik, al zo’n vijftien jaar dezelfde schoenen. Niet letterlijk hetzelfde paar schoenen, uiteraard, maar wel: zwarte Doc Marten’s. Ik stap de winkel binnen en ik vraag naar het equivalent van maat 44–45, als het kan met een metalen tip, en anders is anders ook goed. Passen hoeft niet.

    Heel erg soms heb ik wel eens tegelijkertijd ook andere schoenen bezeten, dat wel, maar ik heb altijd een paar zwarte DM’s. Ik ben die schoenen beginnen dragen nadat ik van een kennis die zijn legerdienst moest doen een paar achterovergedrukte ongebruikte legerlaarzen gekregen had. Ik droeg op dat ogenblik, in 1989, zwarte daim laarzen-met-rits-aan-de-zijkant en die zware zwarte leren dingen waren een revelatie. DM’s zijn geen legerlaarzen, maar toch the next best thing.
     

  5. Ik ging vroeger regelmatig werken in djellabah en met een fez op. Ik ben ooit bij een Ierse vriend in Brussel toegestuikt met een groene djellabah, mijn fez en blinkende rode gelakte Doc Marten’s. Ik droeg die kleren gewoon graag.
    Ik zeg het: stop met lachen. Ge moet niet denken dat ik het niet zie.

Geschreven al luisterend naar: Tom Waits – Orphans: Brawlers, Bawlers & Bastards Disc 3 – On the Road

Doe mee met de conversatie

15 reacties

  1. Punt 2, 3 en 4 wist ik.

    Bij punt 1 heb ik mijn lach niet kunnen inhouden, en bij punt 5 heb ik serieus mijn best moeten doen om een brede grijns te onderdrukken. Sorry, ik heb mijn best gedaan.

    Een djellabah en rode gelakte DM’s, dat valt nog te verantwoorden. Maar een fez? Met zo’n floshke aan? *trekt wenkbrauw op*

  2. Indertijd bij Netpoint heb ik je eens gezien met die … euh ‘djellabah’ (wist niet dat het zo heette) en ‘k was daar inderdaad toch wel een beetje van geschrokken 🙂 Wat me ook is bijgeleven, is dat jij nooit ofte nimmer iets met korte mouwen aanhad of zelf maar de mouwen van je hemd opstroopte (zelfs bij extreme temepraturen). Juist, he? :p

  3. Ik moet bekennen dat ik ook wel eens (na een onvergetelijke scoutstrip naar Marokko) in djellabah over straat durf lopen. Maar dan niet met fez, maar met een tulband. Kwestie van onherkenbaar te zijn enzo ..

  4. @Mike: ik heb vier spreekmodussen, denk ik.

    – Onverstaanbaar mummelend, met mensen die ik niet genoeg ken
    – Verstaanbaar en spreektaal (gelijk ik hier schrijf, met andere woorden), met mensen die ik genoeg ken
    – Begrijpbaar en algemeen nederlands — voor in beleefd gezelschap
    – Lezingen en dies meer: zonder meer (goed, durf ik zelfs zeggen) begrijpbaar

  5. Schitterend stukje, doodeerlijk, menselijk tout court.

    Ik zeg “altijd” tegen m’n teerbeminde: een geluk dat je me geen 10 jaar vroeger leerde kennen… .

  6. Bij puntje 5 kreeg ik efkes ’t gevoel dat ge ermee aan ’t rammelen waart. Maar blijkbaar is ’t wel echt. ‘k Vind het wel cool (of vet of hoe zeg je dat tegenwoordig), maar ‘k had het niet van u verwacht. 🙂

    Wat betreft puntje 2: spijtig, heel spijtig, want ik had me al voorgenomen u zeker aan te spreken als ik u ooit zou tegenkomen. 😀 Kans is klein, want ik kom maar pakweg een keer om de drie maanden in Gent. Goed voor u dus, moet ge niet teveel schrik hebben dat ge mij gaat tegenkomen, en ge moogt alweer drie maanden gerust zijn, want ik ben vandaag in Gent geweest. 🙂

Laat een reactie achter

Zeg uw gedacht

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.