Thuis werken

Ik ga vandaag van thuis mijn werk doen.

Niets speciaals, natuurlijk: ik heb twee en een half jaar alleen maar thuiswerken gedaan.

Het is vandaag het einde van mijn derde week werken bij de UGent en ik heb, even nakijken, vier en een halve dag thuisgewerkt van de veertien werkdagen. Dat is een beetje minder dan een derde van de tijd. Ik denk dat het waarschijnlijk wat naar boven zal gaan, maar ik weet het eigenlijk nog niet.

Het is wel wijs, vind ik, de afwisseling. Ik kan er dan gelijk vele keren meer van genieten, als het niet elke dag is.

Adventure en artificiële intelligentie

Ik zag in een flits iets passeren over interactive fiction en artificiële intelligentie, en ik dacht: ik kijk eens wat Midjourney mij zou geven als illustraties bij de allereerste interactive fiction die ik ooit speelde, op een Wang minicomputer ergens in het begin van de jaren 1980.

Online te spelen alhier, voor wie geen zin heeft om veel moeite te doen om het op de één of andere manier te installeren.

En ja, ik vind wat volgt meer dan magisch.

Welcome to Adventure!
(Please type HELP for instructions and information.)

ADVENTURE
The Interactive Original

By Will Crowther (1976) and Don Woods (1977)
Reconstructed in three steps by:
Donald Ekman, David M. Baggett (1993) and Graham Nelson (1994)
[In memoriam Stephen Bishop (1820?-1857): GN]

Release 9 / Serial number 060321 / Inform v6.31 Library 6/11 S

At End Of Road

You are standing at the end of a road before a small brick building. Around you is a forest. A small stream flows out of the building and down a gully.

> ENTER BUILDING

Inside Building

You are inside a building, a well house for a large spring.
There are some keys on the ground here.
There is tasty food here.
There is a shiny brass lamp nearby.
There is an empty bottle here.

> GET ALL

> GO OUTSIDE

At End Of Road

> SOUTH

In A Valley

You are in a valley in the forest beside a stream tumbling along a rocky bed.

> SOUTH

At Slit In Streambed

At your feet all the water of the stream splashes into a 2-inch slit in the rock. Downstream the streambed is bare rock.

> SOUTH

Outside Grate

You are in a 20-foot depression floored with bare dirt. Set into the dirt is a strong steel grate mounted in concrete. A dry streambed leads into the depression.

> UNLOCK GRATE WITH KEY

You unlock the steel grate.
The grate is unlocked but shut.

> OPEN GRATE

You open the steel grate.

> GO DOWN

Below the Grate

You are in a small chamber beneath a 3×3 steel grate to the surface. A low crawl over cobbles leads inward to the west.
The grate stands open.

> WEST

In Cobble Crawl

You are crawling over cobbles in a low passage. There is a dim light at the east end of the passage.
There is a small wicker cage discarded nearby.

> GET CAGE

Taken.

> WEST

Darkness

It is pitch dark, and you can’t see a thing.

> LIGHT LANTERN

You switch the brass lantern on.

In Debris Room

You are in a debris room filled with stuff washed in from the surface. A low wide passage with cobbles becomes plugged with mud and debris here, but an awkward canyon leads upward and west.

A note on the wall says, “Magic word XYZZY.”

A three foot black rod with a rusty star on one end lies nearby.

> WEST

Sloping E/W Canyon

You are in an awkward sloping east/west canyon.

Orange River Chamber

You are in a splendid chamber thirty feet high. The walls are frozen rivers of orange stone. An awkward canyon and a good passage exit from east and west sides of the chamber.

A cheerful little bird is sitting here singing.

> CATCH BIRD

You catch the bird in the wicker cage.

> EAST

Sloping E/W Canyon

> EAST

In Debris Room

A three foot black rod with a rusty star on one end lies nearby.

> GET ROD

Taken.

> WEST

Sloping E/W Canyon

> WEST

Orange River Chamber

> WEST

At Top of Small Pit

At your feet is a small pit breathing traces of white mist. A west passage ends here except for a small crack leading on.

Rough stone steps lead down the pit.

> DOWN

In Hall of Mists

You are at one end of a vast hall stretching forward out of sight to the west. There are openings to either side. Nearby, a wide stone staircase leads downward. The hall is filled with wisps of white mist swaying to and fro almost as if alive. A cold wind blows up the staircase. There is a passage at the top of a dome behind you.

Rough stone steps lead up the dome.

> WEST

On East Bank of Fissure

You are on the east bank of a fissure slicing clear across the hall. The mist is quite thick here, and the fissure is too wide to jump.

> EAST

In Hall of Mists

> SOUTH

Low Room

This is a low room with a crude note on the wall:
“You won’t get it up the steps”.

There is a large sparkling nugget of gold here!

Enzovoort.

Enerzijds ben ik bijzonder onder de indruk van wat Midjourney van de omschrijvingen maakt — en dat veel dingen ook min of meer zijn zoals ze in mijn hoofd zaten. Anderzijds is het gelijk wel spijtig dat er concrete beelden op geplakt worden. Ergens.

Maar hoedanook, met de woorden van Károly Zsolnai-Fehér: What a time to be alive!

Doif is dood

Zelie zat te studeren in haar kamer in het achterhuis en ineens ging het van

en Zelie keek uit haar venster en ze zag nog juist een duif van tegen het venster van de badkamer via de vensterbank en de muur naar beneden glijden op het dak van de veranda en van het dak van de veranda plof in de pot waar de lindeboom in staat.

Stille getuigen: pluimpjes op de veranda.

En in de pot met de lindeboom:

Niét wellicht smachtend naar de fjorden, maar heengegaan om zijn Schepper te ontmoeten. Beroofd van het leven, rustend in vrede. Het tijdelijke voor het eeuwige gewisseld en het Onzichtbare Koor vervoegd — een ex-duif.

Snirf. Och here.

update: enige tijd later bleek dat de duif eerst tegen de venster van Anna op het tweede verdiep was gepletst, alwaar ze een hele ruit vol met hersenen achtergelaten heeft, waarna ze naar een verdieping lager gevallen is en uiteindelijk nog een verdieping lager en dan in de pot van de lindeboom.

Nog goede televisie

Nu ja, “televisie”. Series, die op het internet te bekijken zijn mits een abonnement. De laatste keer dat ik naar een echt televisieprogramma gekeken heb op de televisie was denk ik De Mol, samen met het gezin.

Maar goeie series dus.

For All Mankind, van Ronald D. Moore, de mens van allerlei dingen (Star Trek, Outlander), maar voor wat dit betreft misschien wel het meest de mens van Battlestar Galactica. De reeks heeft een eenvoudige premisse: de Sovjetunie is eerst op de maan geland, en daardoor is de space race niet stilletjes doodgebloed in de jaren 1970-1980, maar even hot gebleven als de Koude Oorlog koud is gebleven. Drie seizoenen ondertussen, en een vierde dat eraan zit te komen. Ik ben een grote fan, en ik kan niet wachten op dat vierde seizoen.

En Westworld, waar ik in het begin van de serie naar beginnen kijken was, maar niet echt gemotiveerd was om verder te kijken. Ik heb het nu dan toch gedaan — en na een paar afleveringen begint het écht te klikken, en is het opnieuw even uitstekend als vind ik het eerste seizoen. Ik ben er nog niet helemaal door, en ik hoor dat dit het laatste seizoen zou kunnen zijn. Ik hoop heel erg hard dat ze erin slagen om het goed af te sluiten.

Daarna ga ik maar eens terug naar de K-Drama’s. Nog twee dagen en er zijn weer twee nieuwe afleveringen van Extraordinary Attorney Woo, en er zijn nog een aantal dingen die op mij staan te wachten.

Busy busy busy.

Foto’s

Met een beetje geluk heb ik één dezer een nieuwe lens. Niet zomaar een lens, maar de lens waar ik al bijna twintig jaar van droom.

Ik heb er veertien jaar geleden, zonder flash, in afgrijselijke omstandigheden een paar foto’s mee kunnen trekken op een event van Canon ooit eens.

Het was ergens op een industrieterrein of een corporate locatie met studio of zo van Canon zelf, er waren vrouwelijke modellen voorzien om foto’s van te nemen, maar ik was er alleen maar on the off chance dat die ene lens er zou zijn. Wat het geval was, maar het probleem was dat er niets was om foto’s van te nemen — ik ben naar buiten gegaan op zoek naar iéts levends, en uiteindelijk een pissebed gevonden op de parking:

Geen flash, dit is met die f/2.8-lens genomen aan 1/80 en 800 ISO; dit is niet één foto maar een focus stack van een (veel te klein) aantal verschillende foto’s.

Ik was er een beetje kapot van, zo’n goeie lens, en alle mogelijkheden die er zouden kunnen zijn om eindelijk eens springstaartjes degelijk te fotograferen. Maar ik had mijn droom opgeborgen wegens een hele zak vol met Nikon en echt niét het budget om om te schakelen.

De omstandigheden zijn veranderd: ik neem nog altijd evenveel foto’s als vroeger, maar nu is dat 99.99% met mijn telefoon. Mijn zak met Nikonmateriaal staat vooral stof te vergaren. Dat telefoons veel beter geworden zijn, is de hoofreden, maar die paar foto’s in 2008 zitten er zeker ook voor iets tussen. Elke keer dat ik niet verder raakte dan een onduidelijke wazige foto van een springstaart, en elke keer dat ik schimmen van kleine mijten zag voorbijkomen op een filmpje met mijn in elkaar gehackte zo-goed-als-mogelijke Nikon-macrolens, dat akelig gevoel van “het zou zoveel beter kunnen, maar het is nu eenmaal niet zo”.

Eén dezer zal het wel zo zijn. Als alles goed is.

Ik kijk er hard naar uit.

Plots kwam het allemaal terug

Ik zat gisteren op het werk te werken, ik wou een vraag stellen aan een collega, en ik verreed mijn bureaustoel op wielen een meter of zo om mijn collega niet vanachter zijn monitors aan te moeten spreken.

En dan besefte ik het plots: dit is waar ik van droomde, toen ik zes of zeven jaar was: werken aan de universiteit, en een stoel hebben op wieltjes waar ik overal mee naartoe kan rijden op de verdieping.

Het zijn bij de allerbeste herinneringen die ik heb, als klein kind in de lokalen van de Romaanse aan de Blandijn, met de geur van oude boeken, op een stoel met wieltjes het hele verdiep rondrijden. En nu kan ik dat gewoon doen, als ik wil. En ervoor betaald worden.

(Ik weet natuurlijk wel dat dat niet het enige is dat van mij verwacht wordt op het werk. Het zou zelfs wel eens kunnen dat er niet helemaal expliciet in de regels staat dat ik alle tijd waar ik niets anders te doen heb, verplicht ben rond te zoeven op mijn bureaustoel. Maar ik heb nog lang niet alle regels en reglementen nagelezen — het zou mij verbazen dat ik de allereerste persoon ben die zich daar vragen over stelt.)

Tryplajev

Ik weet niet hoe het met u zit, maar ik denk dat ik weinig leutiger vind dan dingen tegen te komen waar ik nog nooit van gehoord had, en daar dan meer over bijleren.

Vandaag was er een meeting waar het onder meer ging over een beeldbank, en toen zei één persoon tegen een andere dat Tryplajev wel iets zou kunnen zijn, en de andere persoon beaamde dat, en ik wist begot niet waar het over ging en dus zei ik dat en vroeg ik hoe dat geschreven werd, en dan bleek het niet te gaan over de visionaire negentiende-eeuwse Kyrgyzische informatie-architecte Baktygul Tryplajeva die in haar joert aan de rand van een afgelegen zoetwatermeer in de Tiensjan een classificatiesysteem uitdacht dat in 2019 herontdekt werd en nu wereldwijd furore maakt.

Het bleek gewoon IIIF te zijn, dat triple-eye-eff uitgesproken wordt, en dat –knippenplak van de wikipediats — was proposed in late 2011 as a collaboration between The British Library, Stanford University, the Bodleian Libraries (Oxford University), the Bibliothèque nationale de France, Nasjonalbiblioteket (National Library of Norway), Los Alamos National Laboratory Research Library, and Cornell University.

Ik ben één van de tienduizend, vandaag. Heerlijk. En ze zeggen op hun website dat het ingewikkeld is. Nog beter.

En natuurlijk dat de Universiteitsbibliotheek een IIIF-viewer gebruikt. Meer nog, in een introfilmpje dat aangeraden wordt voor wie nog niet vertrouwd was met de materie, staat dit helemaal vooraan in de presentatie:

International Leader! ‘t Zal wel nog niet gaan zijn zekers!

Het eerste dat ik deed, was natuurlijk ermee op zoek gaan naar familieleden, en jawel! Kijk, een lithografie van mijn over-over-overgrootvader Basilius Gilliet (de afbeelding is in uiterst detail in te zoomen bij mijn werkgever):

(Basilius Franciscus Gilliet is geboren op 20 december 1818 in de Stalhof in Gent. Hij is getrouwd met Maria Ludovica Massaux, en hun zoon Petrus Constantinus Gilliet, geboren op 28 juni 1862, is de vader van de moeder van mijn grootvader aan vaderskant.)

Artificieel intelligent

Ik laat MidJourney en DALL·E regelmatig eens iets maken voor mij. Gewoon, meditatief in de artificieel intelligente hersenen van de computer roeren, en zien wat er uit komt.

Ze hebben allebei hun specialismen; de laatste tijd pruts ik meer met MidJourney, dat standaard de neiging heeft om meer schilderij-achtige dingen te doen. Zoals dit bijvoorbeeld: “Picasso painting of Ronald Reagan at the Berlin Wall”.

Of “Giant squirrel attacking a group of nuns, by Francis Bacon”:

Hij maakt ook fantastische portretten. In volgorde: “studio portrait of a geriatric ostrich”, “studio portrait of a bird wearing a bowler hat”, “mad scientist”, vier variaties op “portrait of a Saami girl” en “wet collodion portrait of a 19th century circus performer wearing round dark glasses”.

Het leutige is ook dat het mogelijk is om de gedachtegang van het ding te volgen — dit is hoe hij tot aan een andere reeks negentiende-eeuwse portretten van circusartiesten raakte:

Ik ben sinds jaar en dag een fan van klassieke jaren-1970 covers van sciencefictionpockets — zowel J’ai Lu als Meulenhoff hadden er altijd fantastische — en nu kan ik er ook maken. Kijk, drie variaties op “a cyberpunk zeppelin in the sky of an alien planet”:

Ik kan eenhele tijd lang bezig blijven met gewoon random mogelijke covers van boeken maken in dezelfde stijl, zoals hier “zombie robot chicken”, “secret lair of a mad scientist”, “workbench of a 19th century mad scientist”:

Of gewoon inspiratie halen uit om het even wat in de buurt, in dit geval de generiek van Extraordinary Attorney Woo, waar walvissen in de lucht zwemmen — met twee verschillende interpretaties van vliegende walvisachtinge dingen:

‘t Is echt wel zot, als g’er over begint na te denken.

Van en naar het werk

Ik ben oprecht écht content dat ik kan gaan werken. Opstaan op een redelijk uur, de velo nemen naar het werk en ondertussen naar een audioboek luisteren, daar werken, en dan terugrijden met de velo met een audioboek: wijs.

Ik had geen enkel probleem met die twee en een half jaar (op twee dagen na) uitsluitend thuiswerken, maar ik heb ook geen probleem met uit mijn huis komen.

Waar ik wél een probleem mee had, was uit mijn huis komen om twee uur heen en twee uur terug in het openbaar vervoer en de shuttlebus te zitten, om daar dan precies hetzelfde te doen als wat ik thuis onder veel betere omstandigheden kon doen.

Om te beginnen is het geen twee uur openbaar vervoer maar tussen vijf minuten (als het in het Rectoraat te doen is) en vijftien à twintig minuten (al het aan de Sterre te doen is) met de velo.
Dat maakt een enorm verschil.

En daar komt bij: het is niet in een bureau zitten met een eigen laptop die degelijk werkt en een laptop van het werk die niet degelijk werkt, en in het allerbeste geval een kleine externe monitor en een eigen muis. Het is met een degelijke werklaptop en een degelijke muis en een degelijk klavier via een docking station op twéé degelijk instelbare groot genoege externe monitors.
Dat maakt ook een enorm verschil.

Nu is het zoeken naar de beste weg om van en naar te geraken. Om de één of andere reden heb ik de neiging om voor veel zaken een verschillende heen- en terugweg te hebben, en het is hier niet anders.

De weg naar en van het rectoraat:

De weg naar en van de Sterre:

Ik heb gisteren een andere weg terug van de Sterre genomen (door de Nederkouter), en die ga ik dus niét meer nemen: die tramsporen! Die trams! De gladdigheid aan de Opera! De toeristen die om de één of andere reden altijd bijna van het voetpad dreigen te gaan in de Korte Meer!

Nog liever de lastige oversteek van de Hofbouwlaan naar de Overpoort dan dat.

Ik vind dat dus aardig, die verschillende heens en terugs. Ik zou eens moeten kijken of ik heen en terug hetzelfde kan doen en wat dat dan geeft. Want op elkaar gezet, geeft het dit voor de twee trajecten – en dat is dus min of meer dezelfde tijd en dezelfde afstand, maar toch grotendeels anders:

Recent gezien en uitstekend

Ik was gewoon vergeten de écht goeie dingen in de lijst te zetten gisteren.

  • Strange New Worlds: zonder enige overdrijving in mijn top drie van alles Star Trek. Misschien zelfs in mijn top-één.
  • Prehistoric Planet: ik was al onder de indruk van Walking With Dinosaurs, bijna 25 jaar geleden, maar dit is zo enorm veel stappen verder. Mijn enige klacht is dat het niet lang genoeg duurde, dat er niet genoeg afleveringen waren, en dat we niet méér omgevingen verkend hebben. Ik zou ook enorm graag een verschrikkelijk uitgebreide making of willen zien.
  • Borgen: Power & Glory: jaren na de vorige serie, en griezelig dicht op de realiteit van nu. Zeer zeer goed.
  • Starship Troopers: gewoon één van de beste films ooit. Mike en Jay leggen uit waarom, en ze hebben zoals meestal gelijk. Ik heb het in de cinema gezien en ik vond het toen al uitstekend. Het wordt alleen maar beter met de jaren.
  • Stardust: ook dit blijft zovele jaren later een fantastische film.
  • The Ipcress File: ‘t is spionage, en ‘t is zó schoon gefilmd en gedesigned. Ook spannend en zeer goed in het algemeen.
  • The Dragon Prince: het ziet er voor kinderen uit, maar daar trek ik mij zelden iets van aan, als het goed lijkt te zijn. Het lijkt niet alleen goed, het is ook goed — in dezelfde zin en op dezelfde manier dat Avatar the Last Airbender uitstekend was. Uitkijken naar het seizoen vier, dat ergens in de herfst zou moeten droppen.
  • Prey: een Predator-prequel! Meer nog, een fantastische Predator-prequel! Ge zoudt het al moeten aan het bekijken zijn!
  • The Sandman: ik had nooit gedacht dat dit verfilmd zou raken. Ik heb The Sandman, de comic graphic novel, grijs gelezen, en dit is precies hoe het in mijn hoofd zat. Voor de leute heb ik mijn Absolute Sandman nog eens bovengehaald, en het was raar: nu zit de Netflix-versie méér in mijn hoofd dan het origineel. Om maar te zeggen hoe spot on de casting was (alleen Despair was mij te cute en cuddly).
  • Extraordinary Attorney Woo: het seizoen is nog niet gedaan, maar het kan niet meer stuk. Echt een fantastische serie.
  • The Orville, seizoen drie: om te eindigen waarmee ik begonnen ben: The Orville staat zonder enige overdrijving in mijn top drie van alles Star Trek. Ja, zó goed is het.

Recent gezien

Veel goeie dingen, een paar meh dingen, een paar kakdingen ook.

In de reeks kak:

  • Car Masters: Rust to Riches. De derde reeks van een een serie autoverbouwingen. Concept: ze kopen een auto en verbouwen die, waar ze dan een beetje geld en een andere auto voor krijgen, die dan ook verbouwd wordt en voor meer geld en één of meer nóg betere auto’s geruild wordt, enzoverder. Elk seizoen hebben ze een einddoel voor ogen, dat hen dan naar de “next level” zal krijgen. Op het einde van seizoen twee hadden ze een soort supercar gebouwd en weggegeven aan een museum, met het doel een beter soort (rijkere) klanten te krijgen. En dan krijgen ze die, en zijn ze niet content, want de baas kan zijn ‘visie’ niet kwijt. ‘s Mans visie is: lelijke bling en jaren-1990-spinnenwebben. Enfin ja, het loopt weer meer verkeerd dan wat anders, en op het einde zijn ze wel een stapje verder: er komt een investeerder bij die twee werknemers aanbrengt. Ik voorzie conflicten tussen de investeerder en de baas, volgend jaar.
  • Dream Home Makeover: dominante vrouw en haar flauwe plezante onderdeur van een man doen keer op keer dezelfde makeover. Veel wit, een donkere accentkleur en instagramdecor. Of het budget maar een paar tienduizend dollar of verscheidene miljoenen is, maakt niet zoveel uit: het blijft min of meer hetzelfde. En het gezin is op het griezelige af gesuikerd perfect. En zij spreekt heel de tijd met irritante vocal fry en vraagintonatie en alles is awesome en aaargh.
    Nog drie afleveringen en ik heb de drie seizoenen op Netflix gezien. Pff.
  • Persuasion: ik was bereid om het, tegen de opinie van het internet, niét slecht te vinden. Helaas. Echt niet goed. Het kan mij geen knijt schelen dat het niet “echt” Jane Austen is, het kan mij wél schelen dat er negatieve chemistry is tussen de twee personen die eigenlijk hopeloos op elkaar verliefd zouden moeten zijn.
  • Kids in the Hall. Het spijt me verschrikkelijk, maar neen. Ik heb de originele reeks niet gezien, ik heb de film niet gezien, ik heb alleen dit om mij een idee te vormen. Ik vond dit gênant slecht. Ik heb anderhalve aflevering gezien. Meer lukte niet.

In de reeks meh:

  • Trainwreck: Woodstock ’99. Documentaire over Woodstock 1999. Drie afleveringen, had ook op een half uur gekund.
  • The Most Hated Man on the Internet: Documentaire over Hunter Moore, de mens die met Is Anyone Up? zowat revenge porn uitgevonden heeft. Drie afleveringen, had ook op een half uur gekund.
  • The Terminal List: Chris Pratt doet zijn best, daar niet van, maar het blijft toch een redelijk meh-serie. Het is zeventien dagen geleden dat ik het zag, en ik moest al naar de interwebs gaan om te weten te komen waar het over ging.
    Oh en ook: acht afleveringen, had ook in een aflevering of drie gekund.
  • Resident Evil: opnieuw iets waar ik me niet veel van aantrek dat het niet precies de lore van het hele Resident Eviluniversum volgt, maar dat ik me wel aantrek van de algemene saaiheid. Dit zou immens spannend moeten zijn, het was het niet.
  • Starship Troopers 2: Hero of the Federation: ik had Starship Troopers herbekeken, en het plan opgevat de hele serie te bekijken. Na de tweede film heb ik dat plan maar weer even op ijs gezet. Echt geen goeie film, dit. En nog zoveel teleurstellender omdat Startshop Troopers zó enorm goed is.
  • Iron Chef: Quest for an Iron Legend. Het punt van Iron Chef is dat er enorm bekende Iron Chefs zijn. Dit is een nieuwe reeks en iedereen is nieuw, dus ik heb nooit het gevoel dat er echt Iron Chefs zijn. En het is allemaal zó duidelijk niét op het moment zelf uitgevonden, dat ik er op den duur gewoon mee gestopt ben.
  • Thor: Love and Thunder

Niet slecht, maar ook niet echt uitstekend:

  • Treadstone: ‘t is Jason Bourne-achtig. Spannend en degelijk hé, daar niet van. Maar ik was er niet van omvergeblazen.
  • Manifest: pfffja. Een soort rehash van Lost en nog wat andere dingen. Gecanceld na drie seizoenen met een cliffhanger op het einde. Het schijnt dat de serie ergens anders verder zou gaan, ooit. We zien dan wel, zeker?
  • Girl in the Picture: moeilijk om dit “goed” te noemen, of er eigenlijk gelijk wat over te zeggen. Zo een verschrikkelijk verhaal, bah.
  • Snowflake Mountain: een soort bootcamp voor kinderen die veel te hard verwend zijn. Té veel scripted content, niet slecht in zijn genre, maar ook niet goed.
  • Nonkels: ik heb soms hard gelachen. Maar niet genoeg om het uitstekend te vinden.
  • The Staircase: ik had de Franse documentaire al gezien, wat dus wou zeggen dat ik hier zo ongeveer alles al van wist. Het zou wellicht beter geweest zijn als dat niet het geval was. Maar bon.
  • Curb Your Enthusiasm, seizoen 11: degelijk maar niet uitstekend.
  • The Boys, seizoen 3: ik vond het gelijk minder dan de vorige seizoenen. Nog goed hé, daar niet van.

Zeer goed:

  • Night Sky: J. K. Simmons en Sissy Spacek doen dat fantastisch, een ouder koppel spelen. We moeten daar eerlijk over zijn: dit had ook een film kunnen zijn in plaats van een serie van 8 afleveringen, maar in dit geval stoorde het mij niet. Meditatief, soms. Spijtig dat er geen degelijk einde was, en dat de serie dan ook nog eens niet hernieuwd is.
  • Reacher: gebaseerd op Killing Floor, het eerste boek in de Jack Reacherserie van Lee Child. Spannend, goed geacteerd, uitstekende special effects, zeer zeer content van.
  • Ms. Marvel: meer uit sympathie, misschien, want ik vond dat er eigenlijk wel wat méér had mogen gebeuren in dit eerste seizoen. Of beter, dat er meer afleveringen hadden mogen in zitten.
  • The Umbrella Academy: een zeer goed seizoen, vond ik.
  • RRR: belachelijk, maar zeer goed.
  • Keep Breathing: een survivalserie. Vrouw stort neer met vliegtuig, moet op de één of andere manier overleven in de wildernis. Ik vond het bijzonder goed. En een uitstekend einde, ook.
  • Carter: ongeveer hetzelfde gevoel als bij RRR: zó hard over the top dat het uitstekend wordt. Ik kan mij geen andere film herinneren met een zó lange en zó overdreven actiesequentie: vliegtuigen en auto’s en helicopters en treinen en al. Zot.

Netwerkmiserie

We hebben een huis en een hof en dan een achterhuis.

Als we het huis gekocht hebben, moest er onder meer overal nieuwe elektriciteit gestoken worden. We waren toch bezig met kabels, dus hebben we de elektricien gevraagd om direct heel het huis ook vol UTP-kabel te leggen.

Er zitten netwerkgaten in de living, in de slaapkamers van de kinderen, in het achterhuis, in de wc beneden en in de wc boven. In de keuken zijn ze er niet meer, en in onze slaapkamer ook niet meer.

Dat is omdat een paar jaar na de verbouwing bleek dat geen enkele van de kabels nog werkte. Of, wie weet, ooit gewerkt heeft. Om een verscheidenheid van redenen wellicht: verkeerde gelegd, verstorven, te hard gekneld tussen dingen, wie weet.

De enige kabel die altijd gewerkt heeft, is die naar het achterhuis. Ik heb daar jaren aan een stuk computers staan gehad, waar we dan met de kinders op speelden — Freddi Fish en Minecraft en al.

En dan hebben we ook daar verbouwd, stond er een bibliotheek, woonde Zelie op het eerste verdiep, en moest ze op het internet geraken. Ik heb er eerste één van de internetdozen gezet die ik nog in huis had, en toen die de geest gaf een tijd geleden, heb ik een propere Ubiquiti-doos gekocht.

En dan kwam Zelie ineens af met de boodschap dat haar internet niet meer werkte.

Zucht.

Ik heb de meest voor de hand liggende dingen gedaan: kijken of het Ubiquiti-ding nog werkte (ja), en of de kabel die in het achterhuis uitkomt nog internet heeft (neen).

En dan zonk de moed mij in de schoenen: in het bureau beneden waar het internet het huis binnenkomt, zijn er duuzd UTP-kabels: al de uiteinden van de kabels die in heel het huis liggen en niet (meer) werken. Ik zag nog maar twee mogelijkheden:

  1. De kabel die naar het achterhuis loopt, heeft de geest gegeven ergens tussen het bureau en het achterhuis. Geen goed nieuws, want totaal ondoenbaar om vloeren op te breken en hof op te graven om nieuwe kabel te leggen. (Tenzij het ene klein iets is, gelijk de aansluiting van de kabel aan het begin of het einde).
  2. De verkeerde kabel zit in de doos, in het bureau. Geen goed nieuws, want het zijn misschien niet letter duuzd kabels, maar het zijn er wel een paar tiental, en ik heb geen kabeltester die ik nog kan terugvinden (er is er zeker ergens één in huis, maar ik weet niet meer waar).

Ik was al op zoek naar een bedrijf of een mens naar wie ik geld kon smijten om het allemaal voor mij uit te zoeken, maar dan bood fijne ex-collega Jan aan om te komen kijken met zijn rugzak vol Gerief.

We zijn er samen doorgegaan: Ubiquiti-doos niet kapot, kabel tussen achterhuis en huis ook niet kapot. En de juiste kabel zit aan de bureaukant wel degelijk in de internetdoos.

En toch werkte het niet.

Yep.

Het meest onwaarschijnlijke was het geval: van de vier UTP-stekkers die op de internetdoos zitten is die ene waar de achterhuiskabel in zat, naar de zak.

Stom.

Enfin bon. Het internet in het achterhuis werkt weer. En als er nog eens een internetprobleem is in huis, is die internetdoos het eerste waar ik naar kijk.