이상한 변호사 우영우

Extraordinary Attorney Woo op Netflix is bijzonder zeer goed. Hoofdpersonage Woo Young-woo is een geniale advocate met autismespectrumstoornis. Haar sociale vaardigheden trekken op niets, ze werkt hard aan strategieën om een modicum aan emotionele intelligentie te kunnen simuleren, maar dat lukt maar moeilijk.

De serie loopt op een slap koord tussen drama en humor, en ik dacht dat het redelijk typisch zou zijn: karikaturale personages, rechtszaak-van-de-week waar Woo telkens een Columbo-achtige ingeving zou krijgen om ter elfder uren en totaal onverwacht de rechtszaak winnen, en ondertussen het tergend langzaam verliefd worden van twee koppels waaronder het hoofdpersonage, die dan rond aflevering 12 van de 20 voor het eerst een zedige kus op de wang doen.

Neen dus. Niet helemaal.

Een case of the week, ja, maar ze wint niet alles. En zelfs als ze wint, is niet altijd goed dat ze wint — serieuze are we the baddies-vibes.

Degelijke verhalen, interessante evoluties, fijne personages, een grote plot twist die ik niét in de allereerste aflevering zag afkomen, maar vooral: wat een acteerprestatie van Park Eun-bin.

Probeer hier maar eens naar te kijken en niet op haar acteren verliefd te worden:

Everything old is new again

Ik heb vanaf vandaag een nieuw werk, hoezee! Het is met veel spijt in het hart dat ik van mijn oud werk afscheid neem, maar het is met kweetniethoeveel goesting dat ik aan mijn nieuw werk begin. Deze week allemaal meetings om te leren wat en hoe, en dan, euh, ik weet nog niet goed wat ik precies ga doen.

Wél veel ideeën om dingen te doen, daar niet van. Maar geen idee of dat dingen zijn die eigenlijk bij mijn job horen. Ik heb, besef ik, eigenlijk nog nooit bij een zó grote organisatie gewerkt. Okay, wel bij de poowst en Sony en dingen gelijk KBC en BNP Paribas Fortis en Belfius toen het nog Dexia was en zo, maar dat was als consultant, en dus niet écht echt bij het bedrijf zelf.

En akkoord, EUROCONTROL is ook wel groot, en de gebruikers waren eigenlijk “iedereen in de hele wereld die ook maar iéts met vluchten of vliegende toestellen in Europa te maken heeft”. Al met al was ik er redelijk embedded, en waren er redelijk wat momenten dat ik echt de indruk had om te werken als werknemer bij EUROCONTROL en niet als consultant, maar uiteindelijk bleven het timesheets en facturatie en altijd en overal ergens in het achterhoofd “ik word hier x per uur betaald” en “het contract is voor bedrag y en/of timeframe z”.

Dit is dus helemaal anders. We werken voor het goed van het algemeen, en we doen ons best, en ja, we moeten ook (of zelfs méér) op tijd en middelen kijken — maar het is geen tikkende tijdbom op de achtergrond van “we moeten dit of we verliezen misschien wel de klant”.

Ik ga het allemaal ongetwijfeld nog leren kennen, en ik weet honderd procent zeker dat ik mij meer dan veel keer ga afvragen maar allez, hoe is dat mógelijk? en dat ik meer dan zeker ga geconfronteerd worden met het is zo omdat het zo is. Maar wat een verademing, verlost te zijn van — draai of keer het hoe ge wilt, het is zo — winst als begin, midden en einde van alles wat ge doet op uw werk.

Als er mij gevraagd werd wat ik het allerliefst wou, op mijn vorig werd, was dat meestal een variatie op “gewoon goed werk kunnen doen, zonder al die verkoop erbij”.

‘t Is moeilijk uit te leggen. Het is niet de verkoop zelf die mij tegensteekt: ik doe dat zelfs graag, uitleggen wat we willen doen en andere mensen ervan overtuigen dat het de moeite waard is om erin te investeren. Het is de finaliteit die mij tegensteekt. Winst versus gewoon goed werk.

Afijn. Op naar de rest van de week.

Dooce

Qua blast from the past: terwijl ik links aan het verbeteren was, kwam ik een tegen die naar dooce.com verwees. Waar blijkbaar niets meer op staat behalve één post, van begin april dit jaar.

Er is geen navigatie meer, maar ik vond ook deze, van 2021.

In een voetnoot staat, voor wie Heather Armstrong en Dooce niet zou kennen, het verhaal tot nog toe:

A very public misunderstanding happened in downtown San Francisco on July 19, 2008. I turned 33 years old that day. If you have no idea what I’m talking about, all you need to know is that someone got a book deal and went on to write multiple bestsellers because of that misunderstanding. Someone else almost lost her life to her alcoholism.

Mijn hart sloeg een paar slagen over. Ik hoop zo hard dat alles in orde komt.

Leve Ian Dury

Eén van de vele dingen die bijna niet te bevatten zijn: Ian Dury is al meer dan 22 jaar geleden gestorven.

Ik kwam totaal toevallig dit tegen op de youtubes:

Ik word altijd blij van de muziek (die sax! dat samenspel tussen lead en backing! die beat!) en van de tekst (Dury is een ongelooflijke schrijver).

En hier werd ik ook blij van de clip zelf: allerlei Dury-dingen in de achtergrond, geen letterlijke tekst maar fijne animatie, en oh die letrasetletters, hoe enorm veel heb ik dáár niet meer gespeeld als ik klein was. Fantastisch.

Ik had de tekst niet zo lang geleden — hang on, even checken — zestien jaar geleden dammit, ook al eens gepost, met links op dingen die niet noodzakelijk voor iedereen duidelijk zouden kunnen geweest zijn. Genius.com bestond toen nog niet (en toen het wel bestond, in 2009, was het rapgenius.com en op dat ene genre gefocust), en er zitten allerlei dingen in de tekst die niet evident zijn, ik dacht: ik ga eens op zoek en ik maak het de wereld kond.

Helaas: ik was even heel blij met het nummer en de clip en de letraset in mijn hoofd, maar dan zag ik mijn post en voor elke link die wel nog werkt (Bonar Colleano, link naar BBC-artikel dat gewoon heerlijk is blijven bestaan zoals in 2006) zijn er een hele hoop die niet meer werken. Dode sites, verdwenen geschiedenis, allemaal weg.

Linkrot. Alles gaat onherroepelijk kapot, op het internet.

En nu ben ik weer een beetje verdrietig.

Heb ik daarom, in een soort futiele poging tot anti-entropie, zoveel mogelijk nietmeerwerkende links omgezet naar de archive.org-versies van rond die tijd in 2006? Jazeker. Alleen de Geocities-links heb ik kapot laten zijn, als eeuwige middelvinger naar de klootzakken van Yahoo.

Vaarwel, privé

Ik ga veel mensen missen. Gelijk, echt zeer veel. En het was zeer vaak zeer zeer leutig.

Maar kijk: ‘t is gedaan. Vandaag was mijn laatste officiële werkdag bij Namahn. (Ik ga dit weekend wel nog wat dingen afmaken, maar bon.)

Maandag begin ik te werken aan de UGent. Spannend, ik moet het u niet zeggen. En ik kijk er naar uit om meer met de fiets te rijden dan ik tegenwoordig doe. Ik mis audioboeken op de fiets.

Ik ga van de occasie gebruik maken om nog wat dingen te veranderen, als we toch bezig zijn. Maar dat zien we dán wel, vermoed ik.

Het is moeilijk positief te blijven

Iets meer dan vijftien jaar geleden was ik al met al redelijk relatief optimistisch over het internet en de wereld. Redelijk. Relatief. Ik gaf er ooit een spreekbeurt over — wie wil, kan er de slides nog altijd van zien.

Tegenwoordig: not so much.

Het ligt natuurlijk zeer delicaat dat ik daar iets over zou zeggen, want oud en niet van kleur en cis en man. En ja, ik weet dat zelfs dat schrijven overkomt als “we mogen niéts meer zeggen”. Terwijl ik het natuurlijk wel mag zeggen, kijk maar, ik bén het aan het zeggen.

Maar niemand kan ontkennen dat er méér dan een zeker chilling effect aan de gang is. En dat net de mensen die er eigenlijk van zichzelf het meest gevoelig aan zouden zijn, er mee te maken hebben, en alsmaar meer extreme zelfcensuur gaan doen. De Rikken Torfs en Mia’s Doornaert dezer wereld trekken er zich uiteraard stuk niets van aan — ‘t is te zeggen, alleen om erover te klagen.

Ik heb er een theorie over: online leven wil zeggen dat mensen de dingen vaak totaal zonder context zien — geen gezichtsuitdrukking, geen intonatie, geen idee van wat er vóór en er ná kwam. Twitter (en Tumblr vóór Twitter) is een perfecte microcosmos van al wat aan de hand is: contextloos, quasi- of totaal anoniem en zonder enige frictie reageren op een bericht van één paragraaf maximum, herhaal dat tot in de oneindigheid en het spel zit op de wagen.

Er is nu een generatie die het nooit anders geweten heeft, en die dat soort houding gewoon doorgetrokken heeft naar het offline leven.

Mijn opinie is altijd juist. Er is geen grijs, er is alleen zwart en wit. Niets heeft context. Xavier Waterslaeghers die 25 jaar geleden Zwarte Piet speelde, is precies even schuldig aan blackface als die fascisten van by Gucci.

De comedian die tijdens de Gentse Feesten zegt dat dreadlocks het terrein moeten verlaten, is even hard te veroordelen als de racisten die het aandurfden om als niet-persoon-van-kleur dreadlocks te hebben en reggae te spelen:

Slachtoffercultuur en virtue signaling: verontwaardigd worden in de plaats van andere mensen. Gatekeeping en tone policing.

Zucht.

Een kerkorgel zonder kerk en Das Boot

Sam Battle van Look Mum No Computer (fantastisch Youtubekanaal, van harte aangeraden) heeft een tijdje geleden een kerkorgel uit een huis gehaald. Het orgel zat er door het hele huis, maar het huis moest verkocht worden en het orgel was niet meer gewenst.

Ik dacht: ha leutig, een afbraakvideo en we zien binnenkort wie weet wel hier en daar een stuk van dat orgel in één van zijn projectjes opduiken.

Wel: neen dus. Hij heeft op géén tijd dat orgel al bijna helemaal herbouwd, verbonden met moderne keyboards en/of midi, er lichten in gestoken, ‘t is wreed wijs. Dit is aflevering vijf, maar bekijk vooral de andere ook:

Op het einde van de aflevering speelt het orgel een midibestand en hoera! ‘t Is het muziekje van Das Boot, en hoe goed is dat niet?

(Ik heb het ontdekt, zoals vermoed ik veel van mijn generatiegenoten, via de techno-versie, die ik ook nog altijd fantastisch vind. 1992 jong, ondertussen ook al dertig jaar geleden.)

(Ik moet bekennen dat ik de film zelf nog niet gezien heb. Schaam op mij. Ik probeer ergens een gat te vinden in mijn drukke programma van K-Drama-zooi en slechte Halo-boeken lezen.)

Love & Thunder

We zijn met het hele gezin naar de nieuwe Thor gaan kijken.

Ten eerste: ik begin het alsmaar minder leutig te vinden om in de cinema naar een film te kijken. De zaal was bijna leeg, maar er zaten toch nog te veel mensen naar mijn goesting te veel lawaai te maken. En de zetel is oncomfortabel, en het licht van de nooduitgang links van het scherm schittert heel de tijd in mijn oog.

Ten tweede: wat een rare film. Het is gelijk een sketch-comedy-reeks, waar een reeks afzonderlijke vignetten naast elkaar gemonteerd zijn zonder al te veel samenhang. Ik ben ervan overtuigd dat er veel meer gefilmd is dat er voor hetzelfde geld ook had kunnen in zitten. Misschien dat er dan wel wat meer samenhang had geweest, maar ik vermoed van niet.

De toon gaat van serieus naar niet-serieus en terug, ‘t is om emotionele whiplash van te krijgen. Er zitten plotgaten zo groot als een olifant in, van begin tot einde. Er wordt zelfs niet meer gedaan alsof dat er een zekere vorm van realisme in moet zitten.

En Chris Hemsworth staat ondertussen zó stijf van de anabole steroïden of godweetwatanders dat hij zijn gezicht gelijk niet meer kan bewegen.

Nee, ik vond het niet goed.

Spijtig.

Oh nooo

De velo heeft een platte band en ik ben te leeg om hem zelf te vervangen. Ik heb geen rustieken om een gat in een binnenband te dichten, ik heb geen nieuwe binnenband voor als de binnenband helemaal om zeep zou zijn, en ik heb nog minder een buitenband als de buitendband er ook zou aan zijn.

De reparateur die aan huis komt, is op vakantie, dus ‘t zal met de velo naar de dichtste reparateur te sleuren zijn. Snirf.

(Jaja, ik weet het, leeg vel en alles. Oud worden, zeg ik. En de economie moet draaien. En al.)

Een test voor een senior UX designer

We zijn op zoek naar iemand om mij te vervangen, op mijn bijna-oud werk.

Dat is niet evident, natuurlijk. Mensen vinden in het algemeen is al moeilijk, maar senior mensen vinden is nog wat moeilijker. Er zijn CV’s die bekeken worden, en dan een introducerend gesprek, en dan een tweede gesprek waar onder meer door projecten gegaan wordt en dieper doorgevraagd wordt, en dan is er op het einde een test.

Ik ben geen fan van veel druk en nervositeit, als het op testen aankomt. Zo van die dingen van “hier, een opdracht, en begin er maar aan, en trek uw plan”: ik heb daar niet noodzakelijk een probleem mee, maar ik denk niet dat het de juiste soort test is om dat soort profiel mee te beoordelen.

(Tussen haken: het is wel het soort test dat ik heb gedaan om aan de UGent te beginnen werken. De boodschap dat ik de baas van een bedrijf van 120 man geworden ben, een pak papier gekregen met memo’s en organogrammen en alles, en dan als opdracht: maak een presentatie voor de Raad van Bestuur met een situatieschets en plannen voor de korte en de lange termijn. Ik vond dat geestig hé, daar niet van, maar geen idee of er echt veel overlap was met mijn verwachte takenpakket.)

En dus heb ik het volgende op poten gezet:

  • Ik heb een korte briefing van een pagina of twee geschreven. Een realistische briefing voor een nieuw project, met genoeg informatie om over te brainstormen.
  • We sturen die briefing de dag vóór de test door naar de kandidaat. Niet met de bedoeling dat die al iets klaar zou hebben tegen de volgende dag, maar wel om de dag van de test niet totaal uit de lucht te vallen.
  • Ik geef in die briefing meteen ook mee wat we gaan doen de dag erna:
    1. We brainstormen een uur of anderhalf uur. Hoe zouden we dit project aanpakken? Kunnen we eventueel al een paar hypotheses formuleren rond een eventuele oplossing? In die brainstorm spelen mijn collega en ik de rol van mededesigners en experten-van-de-klant.
    2. We verwachten van de kandidaat tegen het einde van de dag van de test een kort geschreven verslag, als was het een verslag voor de eindklant: wat hebben we gedaan, wat plannen we te doen, wat zijn de volgende stappen.

Op die manier leren we (1) hoe de kandidaat in een groep werkt, of die initiatief neemt, de juiste vragen stelt, dingen kan schetsen, inzicht heeft in dingen en dat soort zaken, en (2) hoe de kandidaat schriftelijk communiceert.

Het is namelijk bijna niet te bevatten hoe moeilijk dat ligt, schriftelijk communiceren, voor veel mensen. Ik heb het nog niet eens over gestructureerd en overtuigend schrijven, maar gewoon over schrijven zonder taalfouten.

Afijn. Zeer binnenkort twee van dat soort testen. Hopelijk binnenkort meer.

Hoera België

21 juli, tralala. Ik werd wakker met regen en ik dacht “yep, drache nationale”. Ik vond het bijna spijtig dat het niet stikheet was, nu ik een ventilator heb.

Normaliter zou ik vrijdag een brugdag nemen, maar er zijn vergaderingen te doen, dus ‘t zal niet gaan. Niet dat ik er hard mee inzit, ‘t is niet alsof het enorm moeilijk of lastig werk is. Gewoon werk dat moet gedaan worden.

En dan weekend, en dan nog een week.

Ventilator

Met de warmte en alles heb ik dan alsnog een ventilator gekocht. Ik heb even overwogen om een verkoelend ding te kopen, maar dat zag er mij allemaal veel te veel hassle uit. Ik dacht ook even aan zo’n dure Dyson, maar het is een veel goedkopere (maar nog altijd dure) Duux Whisper geworden.

Ik ben er content van: stevig, afstandsbediening, beweegt links en rechts en op en neer (eventueel tegelijk indien gevraagd), en fluisterstil.

Meer moet daar niet over gezegd worden: ik overleef de warmte, zelfs bij 40 graden buiten, zonder veel problemen in huis. Niet teveel bewegen, de vensters dicht laten overdag en openzetten ‘s nachts.

Als het blijft duren met die hittegolven heel de tijd, gaan we misschien wel meer radikale maatregelen moeten treffen: luiken aan de vensters, of zo.

“Misschien wel de laatste keer”

Dat is wat ik al meer dan een paar keer bedacht heb, deze week.

Dat, en “fuck het wordt nu gelijk nog warmer”. Hier binnen in huis is het helemaal doenbaar tot de late namiddag — het was 24.5 graden rond een uur of halfvier terwijl het bij mijn collega met een moderner huis tien graden warmer was, en het op straat 39.5 graden was. Helaas: een huis dat langzaam opwarmt, is natuurlijk een huis dat ook uiteindelijk opwarmt. Het is nu 22u40 en mijn thermostaat binnen zegt dat het 28 graden is, bleh, terwijl het buiten nog altijd een beetje warmer is. Binnen een half uur is het weer kouder buiten en kunnen de vensters open.

En morgen komt er een ventilator toe die ik gekocht heb op het interwebs wegens beu van in de warmte te zitten.