Omdat ik een diep triestige mens ben, en ik veel te vroeg vertrokken naar de vlieghaven: een trein rond 10u of zo, voor een vliegtuig om 15u55.
Maar kijk: als ik moet kiezen tussen een paar uur verplicht een boek lezen terwijl ik wacht en haasten haasten met ongerustheid over haal ik het wel en aargh — gemakkelijke keuze.
Dus heb ik mijn Kindle bijgetankt en heb ik mij op mijn gemak in Zaventem zetten lezen. Op de tijd dat ik aan het wachten ben, ben ik door Ann Leckie’s The Raven Tower geraakt (degelijk) en tegen dat ik op het vliegtuid zat, was ik aan Eversion van Alastair Reynolds bezig (lang, lang geleden dat ik nog iets van hem las — boek tot nog toe intrigerend maar traag op een manier die ik niet zo aangenaam vind, as opposed to The Raven Tower dat traag was op een manier die ik wel aangenaam vond).
Leve de Europe Unie ook wel, natuurlijk: wat een enorm gemak om gewoon met een identiteitskaart overal te kunnen geraken, en dat de telefoon werkt en ik niet extra moet betalen en alles.
Het vliegtuig was wel enórm krap, ik denk dat ik het geen half uur langer had kunnen uithouden, zo veel pijn ik aan mijn been had.
Aangenaam weerzien met Lissabon verder: ’t was al geleden van, euh, vijfendertig jaar geleden. (Ik kan er met mijn hoofd niet bij hoe veel jaar ik al geleefd heb.)
De risicoaverse mense in mij dacht eerst dat hij een Uber zou nemen naar het hotel, maar bleek dat er gewoon een metro van de vlieghaven naar Oriente gaat, en dat het hotel op honderd meter of zo van de metro is, dus een kwartier of zo later kon ik al op zoek gaan naar mijn kamer o het veertiende verdiep.
Letterlijk op zoek gaan, wegens niet evident:
Ik heb een paar minuten overwogen om ergens in een restaurant te gaan eten, maar uiteindelijk heb ik gedaan wat ik altijd doe als ik ergens ben voor een congres of zo: naar de dichtsbijzijnde grande surface gaan en kijken of ik iets lokaals kan kopen om op mijn kamer binnen te steken.




De lokale specialiteiten bleken vooral een uitgebreid assortiment aan taart-achtige dingen te zijn, de ene al vozer dan de andere. En droge vis.
En kijk nu, een Belgishe rayon:


Ik heb dan maar een pakje pasteis de nata gekocht en een voorraad drank, en ik ben daarmee naar de kamer getrokken.
Morgen is het zondag en ga ik naar het lokale natuurhistorische museum: slecht opgezette beesten en al!
(Enfin ik weet het niet goed, maar ik vermoed dat een ex-koloniale machthebber gelijk Portugal ook wel een museum zal gevuld hebben met negentiende-eeuwse slecht opgezette beesten en insekten en al toch?)
En dan zien we wel hoe ik de rest van de dag vul.










































