Als ik ergens ga spreken of een opleiding geef of een workshop doe of zo, dan heb ik de rare gewoonte om mijn gasten niet af te blaffen als ze mij lichtjes challengen.
Is het niet mijn gewoonte om kwaad te spreken van het bedrijf dat mij geld betaalt om daar te komen.
Zou ik gelijk nooit tegen een deelnemer zeggen “ik zou nooit met u kunnen samenwerken”.
Zorg ik ervoor dat ik de audio en de akoestiek op voorhand getest heb, zodat ik niet twee uur aan een stuk onverstaanbaar sta te roepen terwijl er muziek dreunt op mijn slides.
Doe ik mijn best om niet alles in een op voorhand al niet zo goed passende metafoor te wurmen.
Vind ik het meestal een goed idee om te luisteren naar de deelnemers en dan geen dingen zeggen zoals “niemand had het over X” terwijl er een hele presentatie over X ging.
Besef ik dat het mogelijk is om tegelijkertijd mensen aan het denken te zetten, uit hun comfortzone te doen komen en een niet-verwarrende briefing voor een opdracht te geven.
Blijf ik met mijn fikken van de mensen af als ik er tegen sta te spreken.
Geen ik feedback als er mij gevraagd wordt waarom ik iets op niets vond trekken. (Zou ik ook nooit zeggen dat het op niets trok, zélfs als het op niets trok.)
Zou ik toch even slikken als ik een deelnemer hoor zeggen “Enfin, zoals één van de andere aanwezigen het zei: “we hebben veel meer gehad aan de twee uur dat we met elkaar konden spreken dan aan al uw presentaties”.
⁂
En jaja, Belgische bescheidenheid is iets dat veel van ons té veel hebben. Maar ik kan mij inbeelden dat het mogelijk is om te dromen en te denken en te durven en te rebelleren zonder als een arrogante etter over te komen.
Sommige mensen moeten veel meer beseffen dat ze gewoon heel veel geluk hebben gehad. En dat hineininterpretieren als “ik had gelijk” — whatever, gast. Ik ken honderd mensen die gelijk hadden, maar gewoon niet die één of twee lucky breaks.
Toevallig op het juiste moment op de juiste plaats, toevallig de juiste mensen kennen. Oh, en een ongezonde dosis dark triad kan natuurlijk ook altijd helpen.
As Maye discovered through painful experience, the answer is to stop treating AI as a policing problem and start treating it as an educational one. Teach students how to write. Teach them how to think critically about AI tools. Teach them when those tools are helpful, when they’re harmful, and when they’re a crutch. And for the love of all that is good, stop deploying detection tools that punish good writers and push everyone toward a bland, algorithmic mean.
We are, quite literally, limiting our students’ writing to satisfy a machine that can’t tell the difference. Vonnegut would have had a field day.
What you learn after dealing with time zones, is that what you do is you put away your code, you don’t try and write anything to deal with this. You look at the people who have been there before you. You look at the first people, the people who have dealt with this before, the people who have built the spaghetti code, and you thank them very much for making it open source, and you give them credit, and you take what they have made and you put it in your program, and you never ever look at it again. Because that way lies madness.
Researchers at the Rijksmuseum have demonstrated that the painting Vision of Zacharias in the Temple (1633) was made by Rembrandt. They examined the work with the same advanced techniques used in Operation Night Watch, and closely compared it with other paintings by Rembrandt from the same period. Materials analysis, stylistic and thematic similarities, alterations made by Rembrandt, and the overall quality of the painting all support the conclusion that this painting is a genuine work by Rembrandt van Rijn.
After scientists accidentally discovered that the common eastern bumblebee can withstand flood conditions, they wanted to investigate what makes that super-ability possible
We banned tens of thousands of accounts. We deployed internal tooling and industry-standard external vendors. None of it was enough. When you can't trust that the votes, the comments, and the engagement you're seeing are real, you've lost the foundation a community platform is built on.
With the United States and Israel waging a vile imperialist war against Iran, I wanted to take a moment to highlight some of the brilliant low-tech innovation that makes Iranian engineering so impressive.
Spanning more than 40 years of output, da Vinci’s Codex Atlanticus contains 1,119 pages dedicated to countless topics, including weaponry, musical instruments, mathematics, botany, and flight. In the late 16th century, Milanese sculptor Pompei Leoni retrieved a series of these papers and later gathered them into two massive volumes, the first of which focused on technical-scientific themes, while the second concerned anatomy and artistic subjects. It was the former collection that eventually became the Codex Atlanticus, which spans 12 volumes and has been housed in Biblioteca Ambrosiana since 1637.
The current state of news UI assumes that the reader is an adversary to be trapped and monetized. Choosing between a profitable publication and a fast, accessible user experience is not an either-or decision. I guarantee you the engineers at these publications hate this as much as we do, but they are trapped by business models that prioritize short-term CPMs over long-term readership. We just need to stop letting third-party marketing scripts dictate the website's architecture.
Le mental wil gelijk niet meer goed mee, de laatste tijd. Ik loop gelijk de hele tijd rond met het gevoel dat er iets zeer hard gaat mislopen, één dezer dagen of weken of maanden. Ik weet niet wat, ik weet alleen dat het gaat gebeuren.
Niet dat er een specifieke aanleiding voor is of zo, ’t is gewoon zo’n veralgemeende sense of impending doom.
Eén klein ding dat mij meer stoort dan ik dacht dat het mij zou storen, is dat ik naar een Specialist Ter Zake ben gegaan, dat die allemaal testen heeft gedaan, en dat die mij vertelde dat ik een probleem heb met mijn kortetermijngeheugen.
Ge zoudt denken dat weten dat er iets is, beter is dan het aan andere dingen toeschrijven. Of dat gezegd worden dat er écht iets verkeerd is, een geruststelling is. Neen dus. Ik zie ze overal, mijn geheugengaten:
Ik had een stuurgroepmeeting. Ik had mijn gsm mee. Ik ga na de meeting twee verdiepingen naar beneden, steek mijn gerief in mijn fietstas, bedenk dat ik een foto wil nemen en vind mijn gsm niet. Waar is gsm? Had ik hem mee naar beneden? Geen idee. Terug naar boven: geen gsm. Heb ik mijn gsm ergens anders gelegd? Geen idee. In het WC misschien? In de keuken? Nee, geen van beide. Fuck it, geen flauw idee waar. Dan maar onverrichterzake terug naar beneden, en par acquit de conscience toch nog eens overal kijken, ook waar ik weet dat hij niet kan zitten: gsm blijkt in fietstas te zitten. Kak.
We gaan ’s middags met collega’s eten. Er zat al iemand aan het tafeltje, manifest een collega. Hij weet wie ik ben — ik weet voor de dooie dood niet wat zijn naam is, wat hij doet, waar ik hem van ken. Blijkt: ’t is eigenlijk een echt naaste collega waar ik gelijk al twintig meetings mee heb gehad.
Ik ben een boek aan het lezen. Het ligt niet op één van de drie plaatsen waar ik een boek dat ik aan het lezen ben, verwacht te vinden — dus ben ik het boek kwijt. Er is geen manier ter wereld dat ik dat boek nog ooit ga terugvinden tenzij ik het toevallig tegenkwam.
Idem voor: mijn goeie vulpen, mijn Kindle Scribe, mijn andere goeie schrijfstok, mijn laptoptoetsenbord, duizend dingen waarvan ik wéét dat ik ze ooit heb gehad, maar geen enkele manier heb om ze terug te vinden.
Ik heb een reeks medicamenten en Medische Hulpmiddelen nodig. Ik heb de medicamenten in een logische doos bij elkaar gestoken. De Medische Hulpmiddelen, daar had ik op dat moment geen doos voor en ook geen logische plaats; ik heb ze dan maar op een niet-logische voorlopig plaats gestoken. Toen één van mijn dozen Hulpmiddelen op was en ik een nieuwe doos moest opendoen, wist ik niet meer waar ze zaten. Onvindbaar. Ik heb dus een nieuwe voorraad gekocht. Ik heb eergisteren de oude voorraad per toeval teruggevonden (op schap 2 en 3 van mijn nachtkastje). Ondertussen ben ik de nieuwe voorraad kwijt.
Ik kon al een tijd al lachend zeggen dat het dementie was die aan het toeslaan was, maar de realiteit is: het is al mijn hele leven zo, al van op de lagere school. En nu ik weet dat het echt is en geen verstrooidheid of watdanook dat erger wordt, voel ik er mij slechter bij.
Begrijpe wie begrijpen kan.
Enfin bon. ’t Wordt wat werken aan de coping mechanisms. Tijd om nog eens alles dat in huis ligt te klasseren. Om alles een écht logische plaats te geven.
Misschien een database met foto’s aanleggen of zo, wie weet.
⁂
Oh en ook: fuck genetica. ’t Is allemaal geen cadeau.
Geen van al die schijven zijn een probleem — een zekere maten van dat hoarding is mij niet vreemd, en als er iets vol staat, koop ik wel een nieuwe schijf — behalve c:, want dat is mijn hoofdhardeschijf en minder 50GB daarop vrij is echt niet genoeg. Ik ga dingen moeten verhuizen, maar ik stel het alsmaar uit.
Bah.
De belangrijkste boosdoener op die c: is een uit de hand gelopen Ubuntu van WSL. Eens kijken of dit werkt:
Uw en mijn vriend de AI zegt mij dat het zou moeten werken. Ik ga ervan uit dat die het beter weet dan een random search op het interweb mij zou leren. Here goes!
Hoera succes! Een redelijk aantal gigabyte van mijn c: weg, en het werkt allemaal nog.
Een eind trager dan op de SSD waar het op stond, maar het werkt wel.
Ahem gelijk tijd om ook eens te updaten naar 24.04 LTS. 🙂
Ik was eens aan het kijken naar mijn voorouders, en ik kwam op Elisabeth Caltens uit, tien generaties van mij verwijderd:
16 Decembris circa 10am vesp: obiit Elizabeth Callebaut ux[or] Guilielmi Itterbeke solitis munita sacramentis aetat: suae anno 31.
Och here 31 jaar geworden, den duts. Zij was getrouwd met Willem Itterbeke (Iterbeke, Ytterbeke, Yterbeke, IJderbeeck, zelfs Uytterbege of Heyterbeke begot) en ik weet van vier kinderen: Maria (1663-1745), Joannes (1666-1704), Petrus (1670-1747) en Georgius (1672-1761).
Normaal gezien ga ik niet vreselijk veel dieper bij zijtakken van verre voorouders, maar ik zag ineens in de overlijdens een Itterbeke die met een Sierens getrouwd was en Willem Itterbeke is de acht-generaties-voorouder van mijn grootmoeder, Germaine Sierens, en ik was benieuwd.
Blijkt dit de situatie te zijn:
Dus ja, het is allemaal wel familie, maar ’t is niet incestueus of zo: gewoon twee aftammelingen van Gilles Sierens (1589-1678) die getrouwd zijn met twee afstammelingen van Willem Itterbeke (1638-1694).
Meh.
Ik blijf het wel fantastisch vinden om mij te proberen inbeelden wat voor leven sommige mensen moeten gehad hebben — Antonia Sierens heeft veertien kinderen gehad tussen haar 22 en 45 jaar. En ze is 74 jaar oud geworden. Het is niet dicht genoeg van familie om er veel tijd in te steken om een soort gezinssituatie-door-de-decennia te proberen reconstrueren, maar damn.
Het is niet evident qua procedure, als ge in een niet-privébedrijf werkt, zo’n dingen: in de plaats van te zeggen “allo, ik wil mij inschrijven, hier zijn mijn gegevens en hier is mij geld”, is het te doen met:
(ik) allo mensen van de conferentie, ik zou mij willen inschrijven, hier zijn mijn gegevens — kunt ge mijn werk een offerte sturen alstublieft?
(Portugezen) zeker dat, hier is een offerte
(ik) allo werk, hier is een offerte van die mensen, kunnen jullie een bestelbon schrijven voor die mensen alstublieft?
(administratie) allo Portugezen, hier is een bestelbon, kunnen jullie daar een factuur voor opsturen alstublieft?
(Portugal) allo meneer hier is uw factuur
(ik) allo administratie van mijn departement, hier is de factuur
(administratie) allo Financiën, gelieve deze factuur te betalen dankuzeer
Dat zou allemaal goed kunnen verlopen zijn, met wat mails over en weer en toch een telefoontje ook omdat het allemaal niet duidelijk was daar in Lissabon — maar toen kreeg ik vandaag een mail om te vragen of ik nog van plan was om te komen en dat ze mijn ticket bij hoge uitzondering nog drie dagen zouden kunnen vasthouden?
Ik zei zeer zeker dat, dat ik nog kom, en dat ik dacht dat het allemaal al in orde was? Ik tegelijk naar mijn administratie: ulpe ik dacht dat dat allemaal in orde was?
Waarop de Portugezen ondertussen: ah merci om zo rap te reageren, we zullen uw ticket dan nog drie dagen vasthouden, want wij hebben nog geen geld gezien.
Waarom mijn administratie naar de administratie van Financiën een mailtje stuurde om te vragen om alstublieft die factuur alsnog te betalen.
⁂
Het is mogelijks ergens door de mazen van een net geglipt, dat is allemaal begrijpelijk natuurlijk. En wellicht komt het allemaal ook in orde.
We hebben binnendeuren. Het is bijna niet te bevatten, maar voor het eerst in zes jaar of zo hebben we bijna overal werkende binnendeuren: van de gang naar het bureau, van de gang naar het wc, van de keuken naar het bureau, aan de badkamer, en aan onze slaapkamer.
Ontbreekt nog: een nieuwe deur tussen de gang en de keuken. Dat wordt een grote ijzeren deur met glas in, en ik heb er geen flauw idee van hoe lang dat nog gaat duren.
En dan moeten we al die deuren nog afwerken ook natuurlijk — het zijn van die invisidoors, die er in principe zo uitzien (aan één kant):
…maar voor het moment zien ze er nog zo uit:
En dan moeten we nog altijd een nieuwe voordeur hebben, natuurlijk. Pff.
Ik mocht vandaag naar een opleiding over wendbaar leiding geven met negen andere leidinggevenden aan de universiteit, hoezee.
Het is altijd grappig om te zien welke situaties gelijk zijn en wat anders is op verschillende plaatsen en voor verschillende functies.
Uit mijn test die we op voorhand moesten doen, bleek alvast dat ik praktisch niet bewogen wordt door verplichtingen (extern of intern) maar wel door passie en zingeving.
Het is elke maand een gedoe met inschrijven voor Genquizt: iemand moet het doen, en het moet binnen de vijf minuten na het openen van de inschrijvingen gebeuren of ge belandt onverbiddelijk op de wachtlijst.
Voor de inschrijvingen van maart zat er iemand klaar om klokslag 20u de zopndag, maar schets onze verbazing: het was zelfs een minuut na 20u al te laat!
…bleek dat de onverlaten het inschrijvingsuur vervroegd hadden naar 18u. Mogelijks omdat 20u mensen teveel stress gaf tijdens het avondeten op zondag.
Nog niet alles geplant, maar toch al een aantal van de pepers in de grond gestoken. Het was een hele expeditie, naar de Hubo gaan met de velo en dan op mijn rug (wegens geen fietstassen) een zak van 60 liter potgrond meesleuren.
En dan bleek dat er in de Brico maar één dink met een deksel was om in te zaaien. Ik heb daar alvast twee en een half zakje zaden in gezaaid, proper ver genoeg van elkaar om de plantjes er later uit te kunnen krijgen en in hun eigen potjes te plaatsen om ze dan uiteindelijk samen in grotere potten te zetten die ik dan aan de muur ga hangen.
Het halve zakje dat over was, heb ik nu al in een grotere pot geplant, en dat zal dan ook in aparte potjes moeten als ze uitgekomen zijn, en alles.
Maandag ga ik nog een doos kopen om in te zaaien, met individuele potjes als het kan. Pff. Ik kijk er niet naar uit, het hartzeer van al die planten die onvermijdelijk meer dan de helft dood zullen gaan.
Ik wil al jaren Cosmic Encounter spelen maar het komt er nooit van. Het is iets dat beter is met meer spelers, maar niemand in de buurt heeft ooit goesting (ik meestal ook incluis, moet ik ootmoedig toegeven).
En dus dacht ik: ik ga eens een scriptje schrijven om het op een computer te spelen, tegen andere mensen of tegen de computer zelf.
So far, so good:
Het is absoluut niet evident, omdat er enorm veel menselijke interactie is, en de computer op dit moment eigenlijk alleen maar een hele reeks if-thens is.
Ik ga er eens een AI achter steken, denk ik.
(Ja, een zoveelste project waar ik veel te veel tijd in ga steken en dan weer ga opgeven. Sue me.)
Ik zou heel veel kunnen gedaan hebben, maar ik moet minder dingen doen die ik eigenlijk niet zou moeten doen, dus ik heb al met al niet veel gedaan.
Raar.
Vreemd, ook. Want ik heb eigenlijk wel een redelijk duidelijk beeld van wat er allemaal zou kunnen gedaan worden. Maar hey, ours is not to reason why.
Het plan voor dit weekend: eindelijk en nu voor écht om potgrond en potten gaan in de winkel. Welke winkel? Maakt niet uit. Online of offline, we zien wel.
Date and Location: Registered on June 6, 1839, in Cologne (Köln), Prussia (modern-day Germany).
Historical Context: This document records the illegitimate birth of Johann Bourtscheidt. Because the mother was unmarried, the birth was reported by a midwife assistant from the maternity hospital (Gebäranstalt) where the child was born. This reflects the social support systems of the 19th century, where unmarried pregnant women, often domestic servants like Christina, utilized specialized maternity hospitals for childbirth. The father’s name is omitted, which was standard practice for illegitimate births unless the father formally acknowledged paternity.
Details mentioned
Principal Individuals:
Johann Bourtscheidt
Role in Document: Subject of Birth Record (Child)
Biographical Details: Born on June 5, 1839, at 11:00 PM in Cologne (Köln) at the maternity hospital (Gebäranstalt). Male. Born out of wedlock.
Christina Bourtscheidt
Role in Document: Mother
Biographical Details: 21 years old. Unmarried. Occupation: Maidservant (Dienstmagd). Born in Surth, District of Cologne (Kreis Köln). Residing in Cologne at Spilmannsgasse, House No. 9.
Associated Individuals:
Wilhelmina Borgmann
Role in Document: Informant
Biographical Details: 22 years old. Unmarried woman (Jungfrau). Occupation: Midwife assistant (Hebammenassistentin). Residing in Bonn, currently working at the maternity hospital in Cologne.
Theodor Schmitz
Role in Document: Witness
Biographical Details: 67 years old. Occupation: Manager/Economist of the maternity hospital (Oekonom der Gebäranstalt). Residing in Cologne.
Johann Heinrich Schmitz
Role in Document: Witness
Biographical Details: 28 years old. Occupation: No profession (ohne Gewerbe). Residing in Cologne.
Franz Rudolph von Monschaw
Role in Document: Civil Registrar
Biographical Details: Deputy to the Lord Mayor of Cologne.
Full text transcription
Nro. 1259. Geburts-Urkunde. Gemeinde Köln. Kreis Köln. Regierungs-Bezirk Köln.
Im Jahr tausend achthundert neun und dreißig, den sechsten des Monats Juni, Vormittags zehn Uhr, erschien vor mir Franz Rudolph von Monschaw, Beigeordneten des Ober-Bürgermeisters von Köln, als Beamten des Personenstandes, die Jungfrau Wilhelmina Borgmann, zwei und zwanzig Jahre alt, Standes Hebammenassistentin, wohnhaft zu Bonn, jetzt hier in der Gebäranstalt welche mir ein Kind männlichen Geschlechts vorzeigte und mir erklärte, daß dies Kind den fünften des Monats Juni, des Jahres tausend achthundert neun und dreißig, des Abends um eilf Uhr geboren sey zu Köln in der Gebäranstalt von der unverheiratheten Christina Bourtscheidt, ein und zwanzig Jahre alt, Standes Dienstmagd, gebürtig zu Surth, Kreis Köln, wohnhaft zu Köln, in der Spilmannsgasse, im Hause Nro. 9 und erklärte ferner, diesem Kinde den Vornamen Johann, werde gegeben werden. Diese Vorzeigung und Erklärung haben Statt gehabt in Beiseyn des Herrn Theodor Schmitz, sieben und sechszig Jahre alt, Standes Oekonom der Gebäranstalt, wohnhaft zu Köln, und des Herrn Johann Heinrich Schmitz, acht und zwanzig Jahre alt, Standes ohne Gewerbe, wohnhaft zu Köln, und haben vorbenannter erklärender Theil sowohl als diese beiden Zeugen, nach ihnen geschehener Vorlesung, gegenwärtige Urkunde mit mir unterschrieben.
Schmitz Wilhelmina Borgmann Schmitz F. R. von Monschaw
⁂
Dat is een groot gemak. Hij doet ook hard zijn best met minder leesbare dingen, zoals dit:
Historical context
This document is a page from a Roman Catholic parish register, specifically recording baptisms from August 1717. Written in Latin, the standard language for ecclesiastical records of the time, it follows a traditional formula: the date of the event, the name of the child, the names of the parents (often noting they are married spouses), the birth time (which was sometimes recorded for astrological or legal reasons), and the names of the godparents (sponsors). The abbreviation ‘B.M.’ likely refers to the parish name, such as ‘Beatae Mariae’ (of the Blessed Mary). The surnames strongly suggest the record originates from the Low Countries (modern-day Belgium or the Netherlands) or perhaps Northern France.
Details mentioned
The document contains an entry for a baptism in August 1717:
Maria Josepha
Role: Subject of Baptism
Birth Date: 15 August 1717, at 2:00 PM (secunda hora pomeridiana).
Baptism Date: 16 August 1717.
Parents: Daughter of Carolud (Charles) Gilliet and Joanna [Surname illegible], spouses.
Godparents: Egidius [Giles] and Judoca [Surname illegible].
Officiant: J. B. Piette, Pastor.
Full text transcription
Maria Josepha f. Caroli Gilliet et Joannae … conjugum nata est secunda hora pomeridiana diei 15 Aug. 1717 et baptizata est die 16 aug. 1717. Suscept. sunt Egidius … et Judoca … ita est J. B. Piette Pastor B.M.
⁂
Het is niet helemaal juist (Maria Theresia, niet Josepha, bijvoorbeeld, en de moeder is Joanna Vertier), maar het is toch wel indrukwekkend.
Het opent ook wel allerlei mogelijkheden — dit is bijvoorbeeld een foto die ik in juni 2004 nam van een microfilmlezer in het archief in Beveren:
Ik heb indertijd genoteerd wat ik belangrijk vond (Petronilla Gilliet, dochter van Hubertus en Livina Timmerman, geboren op 26 maart 1690), en ook dat een zeker Jacobus Gilliet peter was. Dat Petronilla Speeckaert meter was, vond ik toen niet zo interessant.
Door verder te zoeken, heb ik een klein boompje kunnen maken van de buurt van Petronilla Gilliet:
…maar Jacobus Gilliet zit daar niet in. En het hele boompje is niet te verbinden met de grotere Gillietboom. Logischerwijs is Jacobus Gilliet familie van de andere Gilliets hierboven — mogelijk een broer van de vader, of een broer van de grootvader.
Als ik een AI door al mijn akten zou kunnen laten gaan, zou ik ongetwijfeld links kunnen leggen. In dezelfde parochie had ik op hetzelfde moment namelijk al een andere Jacobus Gilliet, in deze doopakte:
(Anno 1683 quinta februarii Baptisavi Tobiam, filium Jacobi gillet et Joannae de vos conjugum, natum quarta ejusdem circa medium quartae pomeridianae, suscept. Tobias de valkenaere, et Anna de vos.)
Als ik daar de naaste omgeving van in een boompje zet:
Deze Jacobus Gilliet is mijn voorouder tien generaties geleden, en zou 45-50 jaar oud geweest zijn. Dat maakt er in tijd mogelijks een oom of een grootoom van Petronilla.
Ik geef ze daar bij MyHeritage (of concurrenten) nog een jaar of zo vóór ze batchverwerking van bronnen en conclusies doen. 🙂
LLM Skirmish is a benchmark where LLMs play 1v1 RTS (real-time strategy) games against each other
LLMs write their battle strategies in code, which is then executed in the game environment
LLM Skirmish tests in-context learning, as each tournament lasts five rounds and LLMs are able to alter strategies between rounds
In an 1874 paper, Georg Cantor proved that there are different sizes of infinity and changed math forever. A trove of newly unearthed letters shows that it was also an act of plagiarism.
7
Organizational corruption imposes a steep cost on society, easily dwarfing that of street crime. We examine how corruption becomes normalized, that is, embedded in the organization such that it is more or less taken for granted and perpetuated. We argue that three mutually reinforcing processes underlie normalization: (1)institutionalization, where an initial corrupt decision or act becomes embedded in structures and processes and thereby routinized; (2) rationalization, where self-serving ideologies develop to justify and perhaps even valorize corruption; and (3)socialization, where na¨ıve newcomers are induced to view corruption as permissible if not desirable. The model helps explain how otherwise morally upright individuals can routinely engage in corruption without experiencing conflict, how corruption can persist despite the turnover of its initial practitioners, how seemingly rational organizations can engage in suicidal corruption and how an emphasis on the individual as evildoer misses the point that systems and individuals are mutually reinforcing.
When we say that a large portion of the Internet sits behind Cloudflare, we mean it. Our Turnstile widget and Challenge Pages are served 7.67 billion times every single day. That’s not a typo. Billions. This might just be the most-seen user interface on the Internet.
We are the employees of Google and OpenAI, two of the top AI companies in the world.
We hope our leaders will put aside their differences and stand together to continue to refuse the Department of War’s current demands for permission to use our models for domestic mass surveillance and autonomously killing people without human oversight.
A guilty pleasure is something you genuinely like, but that clashes with your self image. For example, you might really be a fan of Paris Hilton, but feel that you’re the kind of person who should not be a fan of Paris Hilton. If you ever tell someone you like Paris Hilton, you’ll say it with just enough coyness that your interlocutor will understand that you shouldn’t be mistaken for that kind of person.
A guilty displeasure is the same thing, in reverse. It’s something you genuinely don’t like much, but feel like you should, because the kind of person you are, or aspire to be, must like that thing.
Modern Illustration is a project by illustrator Zara Picken, featuring print artefacts from her extensive personal collection. Her aim is to preserve and document outstanding examples of mid-20th century commercial art, creating an accessible resource for understanding illustration history.
For over 20 million years, the landscape of Europe has been a tree-rich mosaic of grasslands, scrubs and more or less open woodlands with an abundance of wildflowers. This is the conclusion of a new and comprehensive study of Europe’s vegetation history—a study that suggests modern afforestation runs counter to the continent’s long-term ecological trajectory.