Hm. Mja.

Boek één: Jonas is twaalf jaar oud en leeft in een schijnbaar perfect geordende wereld. Elk gezin heeft een vader en een moeder en twee kinderen. Elk jaar worden er 50 kinderen geboren en het jaar erna toegewezen aan een familie. Elk jaar van hun derde tot hun twaalfde is er een ceremonie waarbij de kinderen iets meer of anders mogen (ze krijgen een fiets, een andere haarsnit, kledij met knopen vooraan in plaats van achteraan).

Bij de twaalfde ceremonie krijgen ze een beroep toegewezen: van architect over kinderverzorger tot rioolwerker en draagmoeder. Ze hebben daar zelf geen keuze in te maken (net zoals er geen keuze van levenspartner is).

Jonas wordt Receiver of Memory. Hij krijgt herinneringen van de vorige receiver, die nu giver is geworden. Eén van de eerste dingen die hij krijgt, is de herinnering dat er kleuren zijn in de wereld — in het dorp waar hij woont, zijn er geen kleuren. Ook geen geweld, geen muziek, geen verliefdheid, geen liefde.

Jaja, een postapokalyptische wereld. Met een plot dat ik eerder in de jaren 1960 zou verwachten. En met iets dat mij eerlijk gezegd heel hard stoorde: een zeer vreemde mengeling van realisme en niet-realisme. Er is duidelijk iets erg gebeurd in het verleden, en het is duidelijk de bedoeling om een wereld in onze toekomst te maken: de giver of memories heeft boeken uit onze tijd en zo.

Behalve die boeken heeft hij ook een soort eidetisch geheugen van het verleden — geen genetisch geheugen zoals de Bene Gesserit, maar wel degelijk volledige klank- en licht- en gevoelenseheugens. Geen idee hoe die ooit geëncodeerd zijn, en ook een idee hoeveel generaties we ondertussen ver zijn of hoe lang ze het nog gaan kunnen doorgeven, want het doorgeven van de herinneringen gebeurt door middel van een soort handoplegging, waarna ze wég zijn in de ene persoon en aanwezig in de tweede persoon — dus redelijk fragiel allemaal: een hartaanval of een schielijk ongeval van een kersverse Receiver en ze zijn álles kwijt.

Het was allemaal zeer voorspelbaar, vrees ik. Een boek voor jonge tieners die nog geen andere gelaardige boeken gelezen of films gezien hebben.

Boek twee verlegt de focus naar een ander dorp, met de ook circa twaalfjarige Kira. Ze woont in een dorp dat technologisch zo ongeveer middelleeuws is — het dorp van Jonas was meer Logan’s Run van technologie. Haar vader was een tijd geleden gestorven tijdens een jachtpartij, en zij was geboren met een misvorm been.

Normaal gezien zou ze nooit in leven gebleven zijn, maar haar grootvader leefde toen nog, en die was een machtige man in het dorp, en alsdus. In het begin van het boek sterft haar moeder, de weefster van het dorp. Kira riskeert alsnog verstoten te worden, maar blijkt dat ze — net zoals Jonas uit het vorige boek — een magisch-achtig talent heeft: ze kan prachtige dingen weven, en in wat ze weeft kan zij dingen zien.

Net zoals Jonas wordt ze ook in bescherming genomen door the powers that be. De grote ceremonie in haar dorp is het lied dat jaarlijks gezongen wordt door de Zanger, die tijdens het zingen een prachtig gewaad aanheeft dat volgeborduurd staat met gebeurtenissen uit het verleden, en die een prachtig gekerfde houten staf heeft om bij te houden waar hij over aan het zingen is.

De moeder van Kira repareerde soms eens een stukje versleten gewaad; aan Kira wordt gevraagd om hele stukken niet alleen te repareren maar te hermaken. Ze leert niet alleen weven maar ook stof kleuren — vandaar ook de titel: “gathering blue”, omdat ze alle kleuren kan maken maar niet blauw, en één van de personages op een bepaald moment op zoek gaat naar wede, waarmee blauw kan gemaakt worden.

Het is opnieuw niet enorm subtiel, wat het boek doet — zo is dit een stukje van het lied van de zanger:

Ravaged all,
Bogo tabal
Timore toron
Totoo now gone…

Tja. Bogotá, Baltimore, Toronto. Een beetje Patskrant-niveau, vond ik op het moment zelf.

Uiteindelijk is het min of meer hetzelfde boek als het vorige: vreemd dorp, hoofdpersonage heeft een magische kracht, krijgt een zekere mate van macht, ontdekt de waarheid, doet er iets aan.

Boek één heeft een open einde, dacht ik. Neen dus. Blijkt dat Jonas uit boek één in boek drie “Leader” is geworden van een derde vreemd dorp — een dorp waar iedereen welkom is die om welke reden dan ook niet in andere dorpen wil of kan leven. Een dorp zonder lidwoorden, blijkbaar:

Matty has lived in Village and flourished under the guidance of Seer, a blind man known for his special sight. Village once welcomed newcomers, but something sinister has seeped into Village and the people have voted to close it to outsiders. Matty has been invaluable as a messenger. Now he must risk everything to make one last journey through the treacherous forest with his only weapon, a power he unexpectedly discovers within himself.

Matty kwam ook al in boek twee voor: hij was degene die op zoek ging naar die wede.

Nu woont hij bij Seer (die blind is — get it? ’t is een blinde ziener!), en gaat hij om de zoveel tijd eens over en weer naar andere dorpen, onder meer het dorp van Kira.

En tja, het boek is weer in hetzelfde bed ziek. Ik heb niets tegen de mengeling van sciencefiction en magie, ik heb wel iets tegen totaal onlogische werelden. De drie dorpen liggen maximum een kilometer of tien van elkaar, er zijn enorme verschillen in technologie, er wordt blijkbaar handel gedreven tussen dorpen die verder helemaal afgesloten zijn van elkaar, aargh!

Natuurlijk (wat hadt ge gedacht?) blijkt dat Matty ook magische krachten heeft. En natuurlijk is er ook in dit boek een twist.

Het verhaal van boek één en boek twee wordt in boek drie besloten. Ik had geen idee waar het in het laatste boek zou over gaan.

…en kijk, we komen terug naar het dorp van boek één, waar we Claire tegenkomen, die op haar twaalfde de taak van Vessel — draagmoeder — toegewezen krijgt. Tegen dat ze veertien is, is ze zwanger van een kind dat ze nooit zal kennen. En dan loopt er iets fout: ze krijgt een keizersnede en mag geen Vessel meer zijn. Ze wordt heringedeeld in de viskwekerij, maar in al de verwarring waren The Powers That Be vergeten haar een nieuw voorschrift voor emotiedodende pillen te geven.

Waardoor ze niét vergeet dat ze een kind heeft gehad dat ze wil vasthouden. En ze op zoek gaat naar Product 36, dat een zoon blijkt te zijn. Waar ze zo goed en zo kwaad mogelijk een relatie mee opbouwt: om de zoveel tijd gaat ze op bezoek in de kindercrèche.

En dan verdwijnt haar nauwelijks twee jaar oude zoon uit het dorp, en vlucht ze ook weg, op zoek naar hem. Ze gaat aan boord van een rivierboot. Einde deel één van boek vier.

Begin deel twee van boek vier: die boot moet schipbreuk geleden hebben, want het volgende dat gebeurt is dat ze aanspoelt in (wait for it, wait for it) een vreemd dorp met zijn eigen regels gewoontes, helemaal van de wereld afgesloten. Zonder geheugen.

Het spreekt vanzelf dat ze op een bepaald moment haar geheugen terugvindt, en dat ze dan alsnog op zoek wil gaan naar haar zoon. Helaas ligt het dorp weliswaar aan de zee, maar het is ook omringd door een enorm hoge klif. Ongeveer een derde van het boek is een Karate Kid-achtige montage waarin Claire over verschillende jaren leert die klif te beklimmen.

En neen, dat is niet logisch. Een klein diagram om mijn bezwaar duidelijk te maken: als die boot van deel één (die handel drijft met de andere dorpen) tot in de buurt van het dorp in boek vier geraakt, dan moeten de boten van het dorp uit boek vier ook in de buurt van de dorpen uit boek één, twee en drie geraken.

Afijn. In deel drie van boek vier is Claire ontsnapt en woont ze in het dorp van boek drie. En dan zijn er shenanigans en is het allemaal een happy end.

Ik heb niets tegen kinderboeken. Sommige van de beste boeken die er zijn, zijn kinderboeken. Deze boeken, vrees ik, lezen als schoolboeken. Het soort boeken dat soms bijna geschreven lijkt om een Interessante Discussie Tijdens De Les over te hebben, of een Interessant Vraag Voor Het Mondeling Examen uit te halen. Boeken die stampvol Boodschappen zitten, met Metaforen en dergelijke.

Wellicht had ik dit graag gelezen in het vijfde of zesde leerjaar — op voorwaarde dat het geen verplichte lectuur was, à la Het stenen bruidsbed of De muur of De Man Die zijn haar kort liet knippen.

Spijtig.

Laat een reactie achter

Zeg uw gedacht

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.