• Een dagje Londen

    Yay!

    Ik ga volgend weekend met onze oudste zoon naar Londen. Vertrekken ’s morgens met de trein, Gent-Brussel-St. Pancras, en dan naar het Natural History Museum.

    Natural_History_Museum_London_Jan_2006

    3206589322_4601c915c2_b

    En als er nog tijd over is naar het Science Museum naast de deur.

    341135778_3b43ddef97_b

    En dan terug met de trein.

    Kijken wij daar naar uit? You betcha!

  • Del.icio.us op 10 maart 2010

    l class=”delicious”>

  • We have just sojourned in gravest secret through giant Albion's own Flocklands of the southern seas – passing ghostwise through the Tristest of all Cunhas and the Saintliest of all Hellenes – stopping to spy on the loves of those simplest of villagers, but never to reveal myself to their wondering eyes – and by measures I have returned to Her Magisty's revolted colons of Amriqa.
    (tags: wtf religion)
  • Selenium IDE is a Firefox add-on that records clicks, typing, and other actions to make a test, which you can play back in the browser.

  • Eighties ftw

  • Samen staan we sterker

    Bart schrijft op zijn bedrijfsweblog over het geïntegreerde webbureau. Hij breekt een lans voor websitebouwers waar technologie, design en usability alledrie evenzeer aanwezig zijn om tot een mooi resultaat te komen.

    Het vierde element in de formule is marketing, die grotendeels bij de klant zit maar waar het webbureau best ook kaas van gegeten heeft:

    Centraal in elk project staat onze klant. Meestal werken we daar samen met de marketing manager, of communicatieverantwoordelijke. (In KMO’s, waar we ook heel veel voor werken, is dat vaak de zaakvoerder zelf.)

    We vertrekken altijd van de bestaande marketingstrategie van onze klant. Het is onze klant (of zijn marketing manager) die het beste het bedrijf, de doelstellingen, de doelgroepen en de strategie van het bedrijf kent.

    Ik zie wat Netlash doet, en kan er mij wel in vinden, maar ik ben het er maar gedeeltelijk mee eens.

    Om mezelf te situeren: ik heb een jaar of tien, tussen 1994 en 2004, websites gemaakt. Van zeer klein tot zeer groot. Als programmeur, als projectdinges, grafisch werk gedaan, gebruiksvriendelijkheid, verkoop, algemeen directeur, yada yada. Nu werk ik al een paar jaar als consultant-zoals-dat-heet voor Namahn, een bedrijf dat onder meer specialiseert in één van die vier poten van het verhaal dat Bart vertelt.

     

    Wie staat centraal?

    Als wij aan een website werken (we doen ook andere dingen, product design en service design en watnog, maar het principe blijft ongeveer hetzelfde), gaan wij niet uit van de klant in wat we doen, maar wel van de gebruiker.

    De klant (en a fortiori één vertegenwoordiger van de klant, marketingmanager of wie dat ook moge zijn) heeft niet altijd een duidelijk beeld van de problemen, en nog minder van de oplossingen.

    Ik vermoed dat Bart er wel ongeveer hetzelfde over denkt als ik (en wij), maar ik vind het een verkeerd signaal, een model als dit:

    geintegreerd

    Ik mis daar de gebruiker van de website in. Voor eenvoudige projecten kunnen wij ons zonder veel problemen in de plaats van veel verschillende soorten gebruikers plaatsen, maar als het om een complexe materie gaat, dan luisteren wij niet naar de klant, en denken wij niet dat we het zelf weten.

    Dan trekken we op onderzoek, als etnografen die in de negentiende eeuw eilanden in de Stille Zuidzee of stammen in de jungle bezochten. Met notablok en fototoestel in de aanslag.

    Als wij iets voor loketbedienden of boekhouders of truckchauffeurs of bejaarden moeten maken, dan gaan wij met die mensen spreken. Gaan we kijken hoe zij werken. Vragen we niet alleen wat ze graag zouden willen, maar proberen we te achterhalen wat ze eigenlijk nodig hebben.

    En dít wordt dan de basis van alles. Niet wat een amorfe entiteit “de klant” wil.

     

    Developers zijn inwisselbaar

    Developer, designer, usability engineer, lees ik bij Bart. Zeer zeker dat dat drie belangrijke disciplines zijn.

    Maar uiteindelijk: eens je een duidelijk plan hebt hoe een website gemaakt moet worden, is het tegenwoordig heel erg vaak niet meer zo moeilijk om die website te programmeren. Om het oneerbiedig te zeggen: maak een degelijk (nadruk op degelijk) document, lever een bruikbaar grafisch ontwerp en je kan een website laten “programmeren"” in India, of Australië, of Madagascar.

    We zijn het tijdperk van de ontwikkelaars als Homerische helden een eindje voorbij, vrees ik. Een CMS is tegenwoordig gewoon van het rek te halen. Drupal, bijvoorbeeld: duizend en één beschikbare modules voor vanalles en nog wat. Een duidelijke briefing en om het even welke van de tienduizenden uitstekende Drupalbedrijven ter wereld kan het werk doen.

    Ook voor detailinteractie is dat tijdperk al lang achter de rug: neem jQuery, neem om het even welk framework en je hoeft het wiel niet meer voor de honderdste keer opnieuw uit te vinden.

    Als het project goed zit en de analyse was degelijk en het plan is goed uitgetekend, dan ga ik er gewoon van uit dat de ontwikkeling goed gedaan wordt.

    Net zoals het me niet kan schelen welke bandwerkers er toevallig aan de band stond toen mijn auto gemaakt werd, als het maar iemand is die het plan volgt en zijn werk goed doet.

     

    Een website is niet klaar als hij geprogrammeerd is

    Developer, designer, usability engineer, lees ik bij Bart. En ook nog marketing manager van de klant.

    En wat met de inhoud van een website? Wie schrijft de teksten? Ik vind dat een website niet af is als er geen proces bij zit om die website in te vullen en – nog veel belangrijker – te onderhouden.

    Niet dat ik denk dat Bart daar anders over denkt, maar toch: het onderhoud van de site, en het op poten zetten van dat onderhoud, is voor mij een veel belangrijker onderdeel van “een website maken” dan de programmeur of de grafische ontwerper.

    In een site waar reacties kunnen gegeven worden en/of waar naar een community gestreefd wordt, is dat aspect zo mogelijk nog belangrijker. Je mag nog de best geprogrammeerde website hebben met de beste usability en de meest uitgekiende informatie-architectuur en het prachtigste ontwerp – als er niet ter dege nagedacht is over het onderhoud en over de verschillende interacties, ben je nergens.

    Daarbij en daarnaast: een website maken is vaak geen eenmalige gebeurtenis. Het is vaak een cyclisch iets, met feedback en bijsturen en aanpassen en wijzigen. Ook dat is een onderdeel van het geheel aan processen dat opgesteld moet worden: wat zijn de doelstellingen? Hoe worden die doelstellingen getoetst? Hoe wordt input verzameld? Waar wordt er bijgestuurd?

     

    Du choc des idées jaillit la lumière

    Ik ben het ruwweg eens met Bart als hij zegt

    Het is juist door die verschillende experten bij elkaar te zetten en ze nauw met elkaar te laten communiceren (…)  dat er een evenwichtig en effectief eindresultaat komt.

    Behalve dat ik het er niet mee eens ben dat die disciplines eenvoudiggaweg op “webdeveloper”, “webdesigner” en “informatie-architect” te mappen zijn.

    Maar met dit ben ik het niet helemaal eens:

    Zo’n geïntegreerd webbureau zal volgens mij altijd voorsprong hebben op losse samenwerkingsverbanden (op voorwaarde dat het klein genoeg blijft om zijn flexibiliteit, snelheid en innovatie te bewaren).

    Ik denk dat er een toegevoegde waarde is in specialisatie. Een bedrijf dat niets meer doet (maar ook absoluut niets minder) dan uitstekend informatie-architectuurwerk en dat dan tot een eenduidige omschrijving van hoe een website zou moeten werken komt, waarmee het dan naar een tweede bedrijf stapt dat niets meer doet (maar ook absoluut niets minder) dan uitstekend ontwikkelwerk, dat lijkt me beter dan een een geïntegreerd webbureau.

    Al was het maar om technologie-agnostisch te zijn: zo’n geïntegreerd webbureau – zeker als het “klein genoeg” is  — kan bijvoorbeeld nooit alle mogelijk ontwikkelwerk doen in alle mogelijke talen en systemen en omgevingen. En dan sta je daar, als geïntegreerd webbureau, met een klant die helemaal mee is, maar die uiteindelijk kiest voor een Microsoftoplossing als jij een Drupalshop bent (of omgekeerd). Dan heb je Lithium in je achterhoofd terwijl de klant om wat voor reden dan ook uiteindelijk liever Jive heeft, of nog iets anders – de twee kunnen wellicht hetzelfde, maar je kan moeilijk overal in gespecialiseerd zijn.

    *
    *    *

    Uiteindelijk, denk ik, zijn Bart en ik het over de essentie echt wel eens. Belangrijk is

    • in een project zijn verschillende disciplines nodig;
    • discussie (of, zoals Bart terecht opmerkt: ruzie) tussen verschillende disciplines leidt vaak tot een beter eindresultaat;
    • op voorwaarde dat die verschillende disciplines goed samenwerken met elkaar.

    Waar we een andere mening hebben, is dat Bart andere disciplines ziet dan mij, en dat ik niet per se de meerwaarde zie van een alles-in-één-bedrijf.

    Schoenmakers en leesten: er is een reden dat niet elk bouwbedrijf zowel binnehuisdecorateurs als metselaars als electriciens als schrijnwerkers in dienst heeft.

  • Del.icio.us op 9 maart 2010

  • Die goed doet, goed ontmoet!

    Op Hogeschool Gent, Departement Bedrijfsmanagement, loopt een onderzoek naar “Consumer insights in het gebruik van sociale media door Belgische jongeren”. Ze zijn op zoek naar 16- tot 34-jarigen die online boodschappen over producten of diensten creëren of verspreiden.

    In deze fase van het onderzoek willen ze graag met zulke gebruikers praten. Het is belangrijk dat ze de mening van veel gebruikers kennen. Ze zoeken zowel gebruikers om individueel te interviewen als gebruikers die willen deelnemen aan een groepsgesprek.

    Doe mee en WIN!

    In ruil voor uw medewerking ontvangt u een Fnacbon van 25 euro. Zowel de individuele interviews als de groepsgesprekken zullen online plaatsvinden. U hoeft zich dus niet te verplaatsen. Voor de interviews kunt u zelf het tijdstip en chatprogramma bepalen. De interviews zullen maximum anderhalf uur duren. Voor de groepsgesprekken leggen we samen een datum en uur vast.

    Interesse? Meer info op: http://bmer.hogent.be/onderzoeksocialemedia/

  • Gazet: nog altijd kapot

    Ik vraag mij dan altijd af hoe het er interna aan toe gaat, bij dergelijke situaties.

    9-03-2010 12-53-55

    Rauwe paniek? Gelaten berusting? “Vind mij de schuldige en geef hem zijn C4”? Naarstig doorwerken?

    Ik zou er geld voor geven om daar nu als een vlieg op de muur te zitten. Bij de verschillende verantwoordelijke parijen: de mannen van de visie, de mannen van het budget, de mannenvan de technologische keuze, de mannen van de praktische uitwerking, de mannen van de support, de mannen aan het geld.

  • Standaard kicking it old skool

    Het was nog altijd (of beter: opnieuw) kapot, daar bij De Standaard.

    Ze hadden dan maar een statische zelfgebrouwen html-pagina gemaakt, zo schattig:

    8-03-2010 10-27-47

  • Fotomodel

    Vandaag was Zelie naar Brussel, examen gaan doen. Balletexamen, zo één van die examens waarmee ze dan overal ter wereld in de juiste graad kan beginnen, met een examinator die uit het buitenland komt en alles en alles.

    Ondertussen thuis gezeten met Anna en de jongens. Louis en Jan hebben de hééééle namiddag op de Wii gespeeld: ze zijn een volledige level verder, ’t schijnt. Ze waren zo opgewonden dat ze alletwee naar boven kwamen, zo van “we waren! en dan! een kasteel! en ik was dood! maar Jan was nog ééntje! en dan moest hij! en we moesten maar twee keer! of nee drie! en dan waren we gewonnen! want we moesten nog maar éék keer! springen! en hij was! dood! en nu zitten we een level! verder!”

    Met één hand een artikel voor Gentblogt geschreven, en tegelijkertijd met Anna gespeeld. Samen naar Belle en het Beest gekeken. Gespeeld met de kat. Filmpjes gemaakt. Gepuzzeld. Verkleedfeestje gespeeld. En fotosessie gehouden:

    Anna

    (Natuurlijk dat Anna geen Anna zou zijn als ze er niet de helft van de tijd de zot mee aan het houden zou geweest zijn:)

    Anna trekt een wezen

    Op hetzelfde filmrolletje stonden trouwens nog foto’s van Jan aan het voetballen, de laatste keer dat ik erbij was.

    Het miezerde, het veld lag er als een modderbad bij, en de keeper van Jan’s ploeg had meer aandacht voor de moddertaartjes die hij aan het maken was dan voor dbal die keer op keer de netten in vloog.

    Jan heeft zijn best gedaan.

    Jan voetbalt

    Behalve als hij niet zijn best deed. En als hij op de bank vloog wegens “spelen” tijdens het voetbal spelen. Ik heb het niet meteen zien gebeuren, maar aan hun gedrag op de bank te zien, kan ik het mij levendig inbeelden dat ze niet met onverdeelde aandacht stonden te voetballen.

    Jan op de bank

    Die modder was écht interessant, blijkbaar.

  • Del.icio.us op 7 maart 2010

  • Het zat in de familie, blijkbaar

    Schoolagendanotities schrijven, het is een vak apart. Op een paar regels maximum effect.

    Ik wist tot vandaag niet dat mijn vader er met de regelmaat van de klok ook had, van die opmerkingen:

    Het zat in de familie

    “Uw zoon veroorlooft zich meer dan onbetamelijke opmerkingen te maken tijdens de les. Hij zal hiervoor 2 uren arrest hebben op nader te bepalen datum.”

    De opmerkingen klonken ook zo enorm bekend in de oren, over de houding en het gedrag en het doen en het laten.

    Ondertussen weet ik hoe erg het moet geweest zijn voor hem, om dergelijke notities in mijn schoolagenda te moeten zien. Die machteloosheid, zo moeten zien dat de genen alsnog boven komen drijven. Ondanks alle pogingen om het te vermijden.

  • Yay Henk!

    Zonde van de Zendtijd heeft gewonnen!

    Een mooi moment van herkenning, zowaar.

    (Maar mag ik mij ook luidop afvragen wie in ’s hemelsnaam die show in mekaar gebokst heeft? De bloopers (vier niet eens zo grappige momenten) in sneltempo laten opvolgen door Daan die een eerbetoon doet aan dode mensen, en dan die dode menten in de achtergrond laten staan en nauwelijks zichtbaar en dan in- en uitzoomen op Daan: akelig.)

  • “Sorry,” zegt De Standaard

    “Door een technisch probleem is De Standaard Online op dit moment niet bereikbaar. Onze technici werken volop aan een oplossing.”

    Zeggen ze.

    Al de hele dag lang. Een mens vraagt zich af hoe zoiets nog mogelijk is, in het jaar tegenwoordig.

  • Oei ai oei ai ai

    Hooboy ik heb mijn voet omgeslaan bij het naar huis wandelen. Awoert vurte Brusselaars en hun slecht onderhouden plankier!

    En pijn dat dat doet! Straks is er iets gescheurd! En dan word ik vannacht wakker met afrgijselijke pijnen en een paars uitgeslagen linkerenkel, die dan in de loop van de week begint te necrotiseren en dat ik er dan aan aan pruts en dat er een gat in zit en dat er dan een week later gelijk beweging in zit en dat het een made is of zoiets.

    Serieus: pijn. A Huge Ever Growing Pulsating Blauwe Plek That Rules From the Centre of My Ankle.

    En dit was het exacte moment dat het gebeurde:

    Ik was naar het station aan het wandelen en ik dacht: ik ga foto’s nemen met de telefoon, en toen zag ik iets en keek ik ernaar, en dan ging ik gewoon tegen de vlakte en tegelijkertijd douwde ik op het knopje om een foto te maken.

    Krak zei mijn enkel. Straks een kruisband gescheurd, gewoon.

    update Ik was er eigenlijk wat mee aan het lachen, maar toen ik uit de trekzetel naar bed wou gaan, ging dat eigenlijk nauwelijks. Ik lach er al een heel stuk minder mee, nu. Urgh.

  • Kcheh

    Het zijn aardige dagen jong, aardige dagen.

    ’t Is  toch soms weird hoe een mens tegelijkertijd gelukkig en ongelukkig kan zijn.