We zijn gisteren met het hele gezin naar Ikea gegaan. Eerst gaan eten, en dan gaan kijken naar meubels die we in onze verbouwing zouden kunnen zetten.
Natuurlijk dat we ook dromen van echte meubels, van die dingen die we dan ergens zouden vinden voor een appel en een ei, en die o-zo-prach-tig-mooi zouden passen in ons interieur — maar realistisch: ik zie het niet lukken. En Ikea is zo een groot gemak, en het is stukken goedkoper dan bijna overal elders.
Enfin, toch voor wat we nu aan het zoeken zijn, te weten:
- een stuk of vijftien boekenkasten,
- een kleerkast,
- en een lage kast om notities en cursussen en zo in te steken.
Vrijdag op een klein uurtje de winkel rondgelopen, en knopen doorgehakt voor boekenkasten (Billy, kleur: eik), de kleerkast (Pax, kleur: wit met blinkend pistache deuren), en de lage kast (Bestå, kleur: wit).
Vandaag, om geen aantoonbare reden (ik dacht dat het het idee van Sandra was, mijn broer stond het bij dat het de architect was, Sandra dacht dat het mijn idee was) zijn we nog eens naar Ikea gegaan, met het idee: we kopen gewoon al wat gerief.
Ik denk dat de tijd in zo’n Ikea anders werkt dan in de rest van de wereld: zowel vrijdag als gisteren hebben we er zo’n drie uur rondgelopen, als mijn uurwerk mij niet bedrogen heeft.
Euh maar dus, we waren op zoek naar meubelen. Billy, check. Wat geklooid met diepe en ondiepe kasten (diepe hebben geen bovenstuk, geen idee of de indiepe wel diep genoeg zijn voor mijn postuurkes), maar bon. We gaan beginnen met een stuk of vijf zes kasten, en dan zien wat we er mee kunnen doen.
Pax: méér dan check. De kast, met drie deuren, een hangstuk, een ingebouwde ladekast, nog drie laden aan de andere kant: perfect, denken we, voor de ruimte. En het pistachegroen gaat, denken we, redelijk perfect passen met het groen van twee stoeltjes die ik van het stort gered heb:
Voor de lage kast die tegen de andere muur moet komen, daar zijn we het minder eens over. Ik had in mijn hoofd (en op plan getekend) twee witte Malm-kasten: 160 cm breed, 48 cm diep en 78 cm hoog. Zes laden zonder handvaten, een glasplaat bovenaan:

En zo dus twee naast mekaar. Over bijna de volledige lengte van de muur.
Sandra had een ander idee: twee Bestå-kasten van 120 cm breed, 40 cm diep, en 64 cm hoog. Met verlegbare planken binnenin en opendraaiende kastdeuren. Die eventueel uit te breiden zijn met nog eens twee kasten van 60 cm breed, om twee keer 180 cm te hebben. (Of drie keer 120, maar dan liggen er drie glasplaten in plaats van twee.)
De vraag is natuurlijk: waar gaan die kasten voor gebruikt worden? Kledij en dergelijk zou moeten in de kleerkast liggen, maar voor de rest zijn dit de enige opbergmeubels. Boeken zelf, dat kan in de bibliotheek een verdieping lager, maar cursussen, mappen, notities, muziekinstrumenten, turnzakken: dat zou hier allemaal in kunnen.
Deuren met planken (Bestå) hebben het voordeel dat er grote ruimtes kunnen gemaakt worden om dingen recht te zetten, en minder grote hoogtes voor, euh, waar geen grote hoogte nodig is. Maar met minder dan 60 cm nuttig binnenhoogte, is er niet veel ruimte om te jongleren met legplankhoogtes. En op een plank in een lage kast: alles wat onderaan en vanachter ligt, dat is verloren.
Een kast met laden (Malm) heeft het voordeel dat alle ruimte benut kan worden, en die Malm is ook wat dieper.
Maar het grote nadeel dat het een vaste indeling is: drie keer iets meer dan 20 cm hoogte. Dus alles wat A4 is of map, moet plat liggen.
En ook met de breedtes is iets aan de hand. Twee Malms naast elkaar laten nog genoeg ruimte om aan één kant een stoel te zetten of aan twee kanten een lampachtig iets:

Twee brede Bestå naast elkaar, dat is wat weinig, denk ik:

Maar drie brede of twee brede en twee smalle, dat gaat dan wel min of meer over de hele breedte:

Uuuuurgh. ’t Gaat nog lastig worden.




























