• Site van het jaar 2009 (2)

    Bon, eerst een paar zaken scherp stellen.

    Ik ben lid van de vakjury van Clickx’ site van het jaar 2009. Omdat ik geen nee kan zeggen als mensen mij iets vragen, omdat ik geen vragenlijst of enquête kan zien zonder ze in te vullen, en omdat mijn ego gestreeld was dat ze mij vroegen om jurylid te zijn. De vakjury telt voor 30% van de stemmen, het grote publiek voor 70%.

    Oh, en ik sta ook in de lijst van de genomineerden voor de weblogs.

    Voor de duidelijkheid: neen, ik kan niet op mezelf stemmen als jurylid. Ik ben dus hoedanook al gepenaliseerd, als jurylid, voor mijn eigen kansen. Maar voor de ook duidelijkheid: neen, ik zou niet op mezelf stemmen, zelfs als ik géén jurylid zou zijn.

    En voor de nog meer duidelijkheid: ik had heel erg uitdrukkelijk gevraagd aan de mensen van Clickx om niét meer in die lijst opgenomen te worden, maar daar hebben ze geen rekening mee gehouden. Kcheh.

    Voor de zo overduidelijk mogelijke duidelijkheid: ik zou ook u graag vragen om niét, ik herhaal niét op mijn weblog te stemmen. Serieus.

    Daar geheel naast: ik zou u wél allemaal heel erg hard dankbaar zijn als u op Gentblogt zou stemmen. Gentblogt is uw stem wél waard, maar meer daarover later. (En voor de duidelijkheid daar: ja, ik mag voor Gentblogt stemmen als jurylid. En ja, ik zou ook voor Gentblogt gestemd hebben als ik niet al sinds jaar en dag redactielid was van Gentblogt.)

    Svhj2009_5

    ‘t Is maar dat ik hoor dat sommigen nijdigheid menen te moeten verspreiden over mijn tegelijk genomineerd– en jurylid-zijn, dat ik er oneerlijk voordeel zou uithalen of zo. Ik heb het niet, overigens, over mensen die dat in het openbaar gedaan hebben, maar wel over mensen waar ik via via via moet over horen onder uitdrukkelijke vraag om er niets over te zeggen in detail — hítelijk als mensen niet de ballen aan het lijf hebben om hun vermeende grieven in het openbaar te luchten.

    Maar bon.

    Zodus.

    Verder naar de volgende paar categorieën. Die vol met sites zitten waar ik weinig of niet naar ga, en waar ik weinig of niets van afweet. Of beter: waar ik nóg minder van afweet dan van de vorige categorieën.

     

    Eten en drinken

    • Belgische Bieren.be
      Alle sympathie voor een site over onze Belgische bieren, maareuh. De laatste update op de site is de aankondiging van hun nominatie in 2008. En de update díírvoor was die van hun winnen in 2007. En verder is er niets aangepast. Het laatste actua-item is van 2006, de reacties werken niet meer wegens databasefout, het forum is schielijk komen te gaan… enfin, de site is dood, dus.
    • De Restaurantgids.be
      Met een naam als “de restaurantgids” schept dat wel verwachtingen, natuurlijk. De site ziet er op het eerste gezicht in orde uit, met registratie en reviews en sterren en zo — maar ik heb wat rondgeklikt en ik zie niet zo erg veel activiteit, eigenlijk. Ik kan niet op kaart zoeken, wat ik vervelend vind, en er zitten precies ook wat bugs in: ik zag een restaurant uit Wetteren in Gent bijvoorbeeld, of de rangschikking waar ik noch kop noch staart aan vind, of dat blijkbaar alle restaurants in Gent aan huis leveren. Maar vervelender dan dat: ik mis aanbevelingen. Met sterren alleen ben ik niet genoeg. En ik ben niet één review tegengekomen. ’t Kan zijn dat ik gewoon pech had natuurlijk, maar ik zou toch minstens een “recente reviews” of zo voorzien.
    • Hungry Feelings
      Klein maar fijn. Tien minuten over het versnijden van een steak.côte à l’os bijvoorbeeld, of kleine hapklare stukjes over kooktermen en -technieken, en dan weer recepten: wijs!
    • Kookkroniek.be
      Mja. Ik ben in dubio. Een site met recepten en tips is altijd goed, maar in vergelijking met andere in deze lijst is het wat,euh, onappetijtelijk. Allemaal bruin, geen enkele foto. En een vreemde categorisatie ook: is “aardbeienrecepten” echt een categorie waard op het niveau van “vleesrecepten”? Ik vind het ook jammer dat er nergens een “over ons” of zo staat, het lijkt echt onpersoonlijk — al is het dat misschien helemaal niet.
    • Kurkdroog
      Hetzelfde hier als hierboven: zonder een “over ons”, krijg ik hier meteen het akelige gevoel dat het een wijngroothandel is die zijn waren in een on-line winkel wil slijten. Als ik de filosofie van de site lees,ben ik een beetje gerustgesteld, al kan ik me inbeelden dat sommige andere mensen precies afgeschrikt worden door de wiskunde. Net zoals ik me kan inbeelden dat mensen afgeschrikt worden door de stemprocedure voor de wijnen: het moet vie aan formulier, dat er niet bepaald gebruiksvriendelijk uitziet. Ik zou iets sterretjesachtig verwachten, zo van dat ajaxachtig gedoe en zo, en toch ook wel reviews in woorden ook — maar nee. De beste wij die ertussen zit, volgens de site, is een Coto de Imaz – Gran Reserva – 1996, en het enige dat ik daarover te lezen krijg is “Rioja – Tempranillo Klasrijk met fijn boeket, zacht en elegant met mooi verweven hout. Rijp voor de feesttafel.”, en dan een lijstje van gerechten waar hij bij past. Mja.
    • La Cucina
      Oeioei, hou klaar die banbliksems. Het is mijn neef en ik moet er wel voor stemmen, anders is het ruzie in de familie. Ha! Het helpt dat er een fijne selectie aan recepten staat, en dat er, toegegeven, soms met horten en stoten, blijven bij komen, en dat het allemaal dingen uit de echte praktijk en zo zijn. Meer foto’s, dat zou ik wel willen, maar ja, ’t zijn recepten van allemaal verschillende mensen vaak, en dan ligt het moeilijk omhet consistent te houden natuurlijk.
    • Resto.be
      Grmbl. Bijna incontournable, natuurlijk, al was het wegens de massieve inhoud. Jaren geleden deed een gerucht de ronde dat mensen tegen betaling hun reviews weer op nul konden laten zetten, als ze teveel negatieve opinies gekregen hadden. Waarom ik daar nu aan denk? Geen idee, maar ’t is wellicht een les voor de één of andere on-line reputatie-in-eer-houd-dienst of zo. Behalve dat: ja, veel inhoud, ja, nuttig. Maar evenzeer: miljaar het is al een paarjaar tijd voor een degelijke aanpak van de usability-nachtmerrie die die site is.
    • Sensum
      …want zo kan het ook: een beperkte selectie van restaurants (uit Gent alleen C-Jean bijvoorbeeld), maar dan wel bijzonder in orde gepresenteerd. Uitstekend. En ze veroveren Frankrijk ook, ondertussen.
    • WijnIdee
      Oh, dit is zo moeilijk. Wijnidee is al sinds de dageraad van het internet in onze contreien actief. Het blijft up-to-date, er zitten enthousiaste mensen achter, de artikelszijn gevarieerd en interessant, en toch: ik word er warm noch koud van. Ik heb niets met wijn, namelijk. Watmoet ik dan doen?
    • XQuis
      Ik heb precies het gevoel dat dit wat valsspelen is, een Sanoma-site tussen al de rest: het zou al triestig zijn als dit slecht geschreven was. Regardless: leuke recepten, heel vaak nieuwe recepten ook, een interessante sectie over grondstoffen, reviews van kookboeken… nee, ’t is echt wel goed.

     

    Fotoblog

    • ArturR Eranosian
      Een verschrikkelijk groot talent als hij zijn best doet en er niet met zijn klak naar smijt. En soms ook als hij er met zijn klak naar smijt. Onthoud de naam, dat komt in orde.
    • Fotogeniek België
      Ik word lastig van opvallende watermerken in foto’s. Is dat genoeg qua opinie? Ik vermoed van niet. Ik word ook lastig van foto’s waar ik geen grotere versie van mag zien dan die ene kleine op de pagina zelf. En ik word er lastig van omdat er op deze site heelder foto’s staan die ik zo de moeite vind dat ik ze écht groter zou willen zien. Ik snap het wel hoor, professionele fotograaf en foto’s soms al verkocht aan anderen die het alleenrecht opeisen en dus hoedanook niet graag hebben dat foto’s in het groot downloadbaar zijn — beschouw mijn watermerk/grootte-opmerking dan ook maar als een opmerking die geldt voor de rest van de hele lijst. Ik voel nu al dat het moeilijk wordt, deze reeks: hoe moet ik in ‘s hemelsnaam beoordelen? Op de kwaliteit van de foto’s (die er ook hier uiteraard is)? Op hoe goed ik de foto’s vind (net zoals op andere sites vind ik hier uitstekende foto’s, foto’s waar ik meh tegen zeg, en foto’s die ik niet goed vind—maar moet ik de foto’s goed vinden als de klant/het publiek/iemand anders de foto’s goed vindt)? Op de kwaliteit van de websites (het design? de werking?)? Op de kwaliteit van de tekst (moet een fotoblog tekst hebben, plots?)? Op de hoeveelheid interactie? Op een combinatie van al die dingen? Lastig!
    • Gekiekt/Steven Meert
      Hij noemt zichzelf een underdog, maar hey, dit is spek naar mijn bek. Ik vind het gewoon heel erg mooie foto’s, zonder pretentie, gezonde zelfrelativatie, en had ik al gezegd goede foto’s? Is dat genoeg? I dunno.
    • Isabel Pousset
      Ik ben een fan. Ik wou alleen dat ik de foto’s groter kon zien.
    • Jens Mollenvanger
      Godhemel, wat een moeilijke categorie. Mag ik echt maar drie stemmen uitbrengen per categorie? Ja? Drat.
    • Jimmy Kets
      Grmbl, Jimmy Kets. Hij heeft heelder reeksen foto’s die ik uitstekend vind, en hij heeft heelder reeksen foto’s waar ik letterlijk kwaad van word, zo slecht ik ze vind. Ik vermoed dat daar een wijze les voor kunstcritici in zit, zo van “als het u niet onbewogen laat, dan is het écht kunst”. Voor de rest denk ik dat ik voor deze categorie met een randomgetallengenerator ga moeten werken.
    • Lisa Van Damme
      Er staat nog niet veel op, maar wat erop staat, is veelbelovend. Is dat genoeg om er een stem op uit te brengen? You tell me.
    • Serge Van Cauwenbergh
      Ik was gelijk helemaal gepakt van de verjaardag van zijn grootmoeder.
    • Squeeze the Lime/Bert Stephani, Pieter Van Impe
      Ik ga niet rond de pot draaien: ik ben teleurgesteld in Lime. Ik begrijp het helemaal, dat ze het ongetwijfeld te druk hebben met het echte leven en het echte werk om hun weblogaanwezigheid in orde te houden, maar ik vind een audiopodcast om de drie à vier weken géén fotoblog. En voor de rest verschijnen er precies geen foto’s en filmpjes meer, of het zou moeten zijn dat ik er helemaal naast kijk. En ik had er zó enorm veel van verwacht.
    • Wannabes
      Wat ik zei onder Jimmy Kets over die random stemmen? Wel: vergeet dat voor deze. Wannabes, die hadden mijn stem al nog voor ze op deze lijst stonden.

     

    Ik wil het dus echt wel consciëntieus doen, dat jureren. Als ik dingen helemaal verkeerd begrepen heb: smijt u in de commentaren of stuur mij gerust een mail ofzo.

    Ik vind het alsmaar moeilijker worden, trouwens.

  • Del.icio.us op 20 november 2009

  • Draad kwijt

    Ik ging een gefundeerde mening geven over iets.

    En het was al helemaal opgebouwd in mijn hoofd, met een grapje ter inleiding, en dan wat argumenten pro, en dan een advokaat van de duivel, en dan een weerlegging daarvan, en dan een samenvatting en een oproep tot actie.

    Serieus waar. En het was, denk ik, iets over iets belangrijks. Of toch minstens iets waar ik van wakker lag. Of lig. Of zal liggen. Of zou kunnen liggen. Of zo.

    En er zouden veel mensen het eens zijn met mij en veel mensen het oneens, maar ik zou toch gelijk hebben. Of ik zou tenminste vinden dat ik gelijk had. Denken dat ik gelijk had. Willen dat ik gelijk had. Hopen dat ik gelijk had.

    En dan zouden er andere mensen ook hun opinie geven. En dan zou er op een volwassen manier gediscussieerd worden, en dan zou er een consensus bereikt worden, en dan zou er een actieplan met realistische doelen komen, en zouden er mensen gemobiliseerd worden en zouden er dingen veranderen.

    Dénk ik.

    Want ik weet niet meer waar ik het over wou hebben.

    Ouder worden jong, ‘t is niet altijd plezier en spel.

  • Excuustruzen en misplaats

    God, god, god. Wat kan ik mij daarin opwinden, in dergelijke dingen.

    Oh, neem nu die Vaira Vike-Freiberga. Geboren in Riga toen het nog geen Sovjetunie was, gevlucht naar Duitsland en dan Marokko en dan Canada, doktoraat psychologie, experte in semiotiek, psycholinguïstiek en in de analyse van Letse orale literatuur. Lid en leider van tig verenigingen, zowel wetenschappelijk als academisch als gouvernementeel, zowel Canadees als internationaal. Uiteindelijk teruggekeerd naar Letland, president geworden, Letland in de Navo en en Europese Unie gekregen, en internationaal zwaar carrière gemaakt. Speciaal gezant geweest van de secretaris-generaal van de Verenigde Naties, kandidaat geweest zelfs voor de post van secretaris-generaal. In 2007 nog lid van de denktank over de toekomst op de lange termijn van Europa.

    Internationale uitstraling, internationale ervaring, met niet alleen politieke maar ook academische en wetenschappelijke ervaring, op allerlei mogelijk niveaus. Enfin, alles wat een goede president van de EU zou kunnen moeten hebben.

    Oh, en hoe profileert zij zich? Met haar uitgebreide CV? Met haar Europees denken? Met haar vlotte vijftaligheid? Met haar ervaring in compromissen sluiten? Gaat ze iets zeggen over de zware recessie waar Letland zich in bevindt? Is het niet een probleem dat ze niet in een politieke partij zit? Dat haar land niet in de Euro zit?

    Nee, niet echt. Ze profileert zich als vrouw. Als vrouw die “furieus” is dat er maar gesuggereerd wordt dat er geen geschikte vrouwen zouden zijn om president van de EU te worden. Als vrouw die haar “mannelijke rivalen” ervan beschuldigt dat de open strijd niet durven aangaan, dat ze in sordiede achterkamertjes beslissingen doen.

    En de website om haar te ondersteunen? http://www.awomantoheadeurope.eu/

    “A woman to head Europe”. “Een” vrouw. Om het even welke vrouw. Als het maar geen man is. Nog vóór het eventuele begin van wat dan ook: al meteen een conflictsituatie, al meteen u compleet onmogelijk maken, al meteen bewijzen dat ge een onmogelijke kandidaat zijt om een consensus te bereiken.

    Alsof de breuklijn (laat me niet lachen) man/vrouw de enige is in Europa.

    Pff.

     

    In tegenstelling tot blijkbaar de quota-mensen, ben ik positief ingesteld over de evolutie van de maatschappij: het komt allemaal wel goed, denk ik.

    Geef het een paar jaar, geef het misschien nog een halve generatie, en het komt in orde, met dat “gender” gedoe. Wat een akelige term ook, “gender”. Noem een kat een kat, zeg dan gewoon “meer vrouwen op hogere posities” of zoiets—want “meer mannen voor de klas”, of “meer mannelijke verplegers”, daar lees ik precies niet zoveel over.

    Quota, dat minstens 40% van de mensen in de kleuterschool mannen moeten zijn, dít zou nog eens wat zijn. Mijn kinderen, mijnheer mevrouw, ze worden vermoost! met al die vrouwen, dat is zó de werkelijkheid verdraaien! Met al die vrouwen krijgen mijn kinderen de boodschap dat alleen vrouwen geschikt zijn om zich bezig te houden met kleine kinderen! Dat moét anders! SNEL QUOTA!

     

    Serieus, gasten. Alles komt in orde. Laat eens iedereen doen wat hij/zij wil doen.

    Ik kan me met de beste wil van de wereld niet inbeelden dat mijn dochters ooit in een situatie zouden komen dat zij om hun geslacht zouden gediscrimineerd worden.

  • Vriendjes worden

    Natuurlijk dat ik ook zo’n LinkedIn-spel heb, en een Facebook-dink, en een Godweetwatnogallemaal.

    Ik vermoed dat het niet voor iedereen zo is, maar echt: ik heb het zó enorm moeilijk om mensen te vragen om mijn vriend te worden op die dingen.

    En het lukt al helemaal niet als het gaat om mensen die ik eigenlijk helemaal niet zo goed ken. Ze zouden dat een andere naam dan “vriend” moeten geven.

  • Chuffed

    Ha! Ik heb gisteren het beste compliment in jaren gekregen: de copywriter uit Londen waar we de hele voormiddag mee vergaderd hadden, vroeg tijdens het middageten uit welk deel van Londen ik juist kwam.

    Muhuhu.

  • Dieven!

    Ik had in het achterhuis één draadnetwerkverbinding, en voor de rest een zeer zeer zwakke draadloze verbinding met de draadloze dink die in de woonkamer staat, aan de overkant van de tuin, door de keuken, een trap naar boven, en dan verder de kamer in.

    Toch vervelend dat ik geen draadloos netwerk heb in het achterhuis ook, dacht ik. Toegegeven, ik heb er praktisch nooit mijn laptop mee, maar toch: voor de iPhone bijvoorbeeld zou het handig zijn. En dan kan ik met de Linuxlaptop over en weer ook. En heb ik betere ontvangst in de tuin, als het weer mooi weer wordt.

    Dus haal ik een oude draadloze netwerkdink uit de oudcomputergeriefdoos, plug ik dat in het netwerk, en denk ik er niet meer aan. Ding doet zijn werk zoals het moet, meer nog: ik kan er tot een paar huizen verder op straat (dus door de tuin, door de keuken, door de gang, straat op, een paar huizen verder) mee op het netwerk. Uitstekend goed.

    Denk ik er niet meer aan, tot vandaag dus, dat ik in het midden van de maand een waarschuwing van Telenet krijg dat ik over mijn limiet dreig te raken. Blijkt een onverlaat de afgelopen drie dagen een slordige 50 gigabyte gedownload te hebben over mijn netwerk. Blijkt dat het, misschien wegens al heel lang in de doos gezeten te hebben, terug naar zijn standaardinstelling zonder wachtwoord of encryptie gegaan te zijn.

    En dat dus iedereen in de wijde omgeving op mijn netwerk kon.

    Trr, ’t is proper.

  • Predator

    Zo wijs!

    Fotograaf van National Geographic gaat naar Antarctica, en komt er een zeeluipaard tegen. Zeeluipaarden zijn serieus gevaarlijke beesten, denk ik. Vier meter spieren, met van die tanden waarmee ze een peingwiem in één hap in twee bijten.

    En dan gebeurt dit:

    Bekijk het filmpje vooral op hoge resolutie en full screen.

    [via]

  • Denial is a river in Egypt

    Ik heb, zoals ik al twintig jaar of meer doe, de laatste Terry Pratchett gekocht zo snel als ik hem kon krijgen.

    Unseen Academicals, het 37ste boek in de Discworld-serie. Het gaat over voetbal en niet over voetbal, zoals al Pratchett’s boeken over hun onderwerp gaan en niet over hun onderwerp. Hoofdpersonages deze keer zijn de Wizards en Rincewind, voor het eerst sinds meer dan tien jaar (als men The Last Hero niet meerekent).

    Volgend jaar komt er nog I Shall Wear Midnight, met Tiffany Aching — mijn favoriete personage samen met Granny Weatherwax.

    En dan? Dan is het misschien gedaan.

    Terry Pratchett heeft alzheimer’s. Unseen Academicals heeft hij niet meer zelf kunnen schrijven, hij heeft het moeten dicteren. Misschien is het wel zijn voorlaatste boek. Of zijn laatste.

    Ik kan daar niet zo goed mee om, ik.

    Het is nu al het tweede boek op rij van hem dat ik koop en dat ik opzij leg na een hoofdstuk: zo lang ik het niet gelezen heb, is het niet gedaan. En zo lang ik het niet gelezen heb, is hij niet dood.

  • Site van het jaar 2009 (1)

    Zoho. De lijst van de genomineerden voor Clickx Site van het Jaar 2009 staat online.

    In het algemeen zal er wel weer discussie zijn over de genomineerden. Ik snap er ook niet al te veel van: er zijn in sommige categorieën toch wel écht betere sites te nomineren, vind ik.

    Maar bon. Ik ga me in de loop van de volgende paar dagen door de lijst werken. En dan nog eens in privé, en dan nog eens.

    Ik neem mijn taak als jurylid ernstig op, jazeker.

     

    Blogs

    • Tales of Drudgery & Boredom/Michel Vuijlsteke
      Hey, kijk nu, ik sta helemaal bovenaan de lijst! Ik denk dat dat is omdat het alfabetisch is gesorteerd op “blog.zog.org”.
    • Houbi
      Weblog naar mijn zin. Goed geschreven. Yup. Veel meer dan dat moet er niet over gezegd worden.
    • Kruimels
      Ik lees graag echte mensen, en bij Kruimels neem ik er de draagdoeken zelfs zonder noemenswaardige ergernis bij. Leuk geschreven, fijne foto’s, herkenbare situaties — meer heb ik niet echt nodig.
    • Mediaminister
      Ik tel negen berichten die méér zijn dan een paragraaf om andere berichten aan te kondigen. Dat is geen weblog, dat is een begin van een bundeltje columns. Ondertussen dateert het laatste bericht al van meer dan een maand geleden en weet iedereen die iemand is, wie de Mediaminister is. De leute is er een beetje af, vind ik.
    • Tim F. Van der Mensbrugghe
      Mfff. Niet mijn kop thee. Veel gedoe en veel genavelstaar, al bij al: weinig inhoud.
    • Radio Plasky
      Zoals Mensbrugghe zou willen dat hij was.
    • Appelogen
      Met alle respect voor alle betrokken personen, maar: installeer u StumbleUpon, druk tien keer op de knop, en hey presto: da’s een hele week Appelogen. Ik heb graag opgewarmde kost, maar alleen als het stoemp, hutsepot, moussaka of pasta is. Niet als het zes dagen tot zes maand oude links zijn.
    • Door een roze bril
      Stom dat ik maar drie stemmen mag uitbrengen per categorie. Het was tussen Kruimels en Roze bril, en het is deze geworden. Maar het had even goed Kruimels kunnen zijn.
    • Jos Ghysen
      Niet van enige meligheid verstoken, Jos Ghysen. Zijn weblog is met de jaren een soort kruising tussen pareltjes frisheid en een worst of Bond Zonder Naam geworden. De enige mens ter wereld waarvan ik graag zou hebben dat hij een audiopodcast zou maken. Ik zou die dan elke morgen opzetten terwijl ik naar het station fiets, en blijgemoed de trein opstappen.
    • Kerygma
      Een mens en een weblog naar mijn hart. Behalve de brieven aan haar dochter: die kan ik niet lezen wegens alsdat ik niet om kan met zoveel echte gevoelens.

     

    Community

    • belgiumdigital.com
      Vind ervan wat je wil, maar als er één Community-site in deze lijst is, is het wel BelgiumDigital. Echte leden, echte discussie, echte meetups in het echt, en een gezond gevoel van geschiedenis.
    • GarageTV
      Gho. Een filmpjessite met weinig of geen discussie, ondanks een dagelijkse mail naar (vermoed ik) vele tienduizenden mensen. Is dit community? I think not.
    • MinaTica
      Onbekend is onbemind, vrees ik: ik had er nog nooit van gehoord. Is dit een Vlaamse tegenhanger van Tweakers die nooit de sprong heeft gemaakt die Tweakers een tijd geleden wél maakte?
    • MyVideo
      Nog een filmpjessite van dertien in een dozijn. Pf.
    • PC Helpforum
      Tiens, een forum voor PC-problemen. Nog zo’n site barstensvol reclame waar ik nog nooit van gehoord had.
    • Rendez-Vous
      Oh, bestíít dat nog? Ik herinner met Rendez-Vous uit de tijd dat het een showcase was voor ColdFusion, toen de dieren nog spraken. Is het een community? Waarom staan die babysites hier eigenlijk niet tussen, genre Zappybaby en zo?
    • SeniorenNet
      Hey, weinig ontkomen aan: ’t is wel degelijk een community, met allemaal mensen die elkaar leren kennen en samen dingen doen en zo.
    • vi.be
      Niét de zoveelste MySpace of Facebook, zeggen ze zelf op hun FAQ-pagina. Ik zie waarom: het is er bij momenten behoorlijk doods. Ik wens ze alle succes toe, dat wel.
    • Wzl
      Ik werd begroet met een popup die de vraag “Laten de webmasters WZL bewust een stille dood sterven?” stelde. Iets met een rechtszaak, begrijp ik. Goed bezig, qua verwelkoming. En voor de rest: ach ja, poging elfendertig om te doen wat Zattevrienden ooit op weg leek te worden.
    • ZatteVrienden.be
      …en daarvan gesproken: is het een vogel? Is het een vliegtuig? Nee! Het is een schim van zijn vroegere zelf! Wat lang geleden op weg was om een soort community te worden, is onderweg een stille dood gestorven: het lijkt niet meer dan een zwak excuus voor het pushen van (soft)porno. En dat alles in een afgrijselijk excuus voor een pseudo-jongerentaaltje. Bah.

     

    Cultuur & entertainment

    • AB Concerts
      Degelijke site, goed gemaakt.
    • CuttingEdge.be
      Met het hart op de juiste plaats, en goede inhoud.
    • daMusic
      Zie CuttingEdge.
    • Digg*
      Ik heb om de één of andere reden een meh-gevoel. Is het mijn gedacht, of staat er écht niet veel inhoud in die Digg*?
    • Humo
      Verwarrende, lelijke website die me op geen enkel moment een Humo-gevoel geeft. Veel te veel reclame, om de haverklap afgeknapte artikels: niet mijn kop thee.
    • Kinepolis
      Gho ja. Het is inderdaad cultuur en entertainment in de ruime zin van het woord, maar ’t is toch vooral een commerciële website voor een cinemaketen hé. Jammer dat Vooruit.be hier niet in dezelfde reeks staat.
    • Net Events
      Niet mijn tas koffie. Veel te kleine selectie, weinig of geen bijkomende informatie of toegevoegde waarde. Het kan dat ik me verkijk op Oost-Vlaanderen natuurlijk en dat het elders beter is.
    • Pukkelpop
      Tja. Eén evenement, dat is voor mij niet te vergelijken met een dagelijks te onderhouden website. Zelfs al is het Pukkelpop.
    • Rock Werchter
      Tja. Eén evenement, dat is voor mij niet te vergelijken met een dagelijks te onderhouden website. Zelfs al is het Rock Werchter.
    • UiTinVlaanderen.be
      Heeft het voordeel volledig te zijn, heeft het enorme nadeel geen enkele redactionele duiding te bevatten, of prioritisering. Akkoord dat er morgen enorm veel te doen is in Gent, maar wat is er precies de moeite waard? En dat alle films elke dag herhaald worden, stoort me al van het begin van Cultuurnet.

  • Retouche

    Ik kwam onlang nog op zo één van die fotoweblogs, waar de fotografeerder, een Grote Kunstenaar In Spe, er half van zijn virtuele stoel viel van verbazing dat één van de beroemde foto’s van een Echte Grote Kunstenaar niet gemaakt was zoals we hem allemaal kennen.

    Het was een crop! Een crop begot! Niet de cadrage zoals Ons Here Het Bedoeld had! De fotograaf heeft vals gespeeld!

    Ik heb het er al meer over gehad, over Photoshop en negatieven en zo, maar vandaag zag ik bij Chase Jarvis een fijntje.

    Dit is de foto zoals afgedrukt:

    16-11-2009 23-21-56

    Op de foto: Lyal Burr, mijnwerker, en zijn zonen Kerry en Philip, The Church of Jesus Christ of Latter Day Saints, Koosharem, Utah, 7 mei 1981.

    En dit is wat Richard Avedon onder meer als instructies meezond naar zijn drukker:

    Avedon (1)

    Dodge & Burn in Photoshop, of local adjustments in Lightroom. Maar dan wel met 1981–technologie.

    Hoor ik ze nog, die puristen?

  • Jason made it!

    It couldn’t have happened to a better man.

  • Ik mocht maar drie pillen Ibuprofen pakken, maar ik heb er al vier binnen. En al vier gram Dafalgan ook.

    Dat doet echt wel pijn, zo’n oorontsteking.

  • Next top model

    Een zangeres mij onbekend mocht de live-finale van Beneluxtopmodel openen.

    Aaargh! Houd. Uw. Adipeuze vingers. Stil. Op. Die. Micro. Kreng.

    Ik kín er niet tegen, tegen zangers en zangeressen die zo’n nerveuze tic hebben waarbij ze hun vingers op en neer bewegen op hun micro. Bah!

  • Een jobinterview afnemen

    Ah, gisteren ging het er in den uitgang even over: jobinterviews.

    Niet van de kant van de mens die op zoek is naar een job, maar wel van de kant van de mens die op zoek is naar iemand om een job te vullen.

    Vergis u niet: het is minstens even moeilijk om een goed jobinterview af te nemen als het is om er één te moeten ondergaan. Weet ik, wegens er stapels en stapels hebben mogen/moeten doen.

    Een paar tips op een rij, en ik ga er hier van uit dat het om een positie gaat waar er meer dan een paar kandidaten voor zijn, die de interviewer niet op voorhand kent.

     

    Een jobinterview is er om antwoorden te krijgen

    Dat lijkt logisch, maar het is meteen ook de grootste fout die veel interviewers maken.

    Maak op voorhand een lijst van vragen waarop je een antwoord wil hebben, zorg ervoor dat alle kandidaten minstens die vragen beantwoord hebben. En maak notities tijdens het interview.

    Weinig zo vervelend als na twee of drie dagen interviews u te moeten afvragen “wat dacht die nu ook al weer over dit?”; weinig zo vervelend als een goede vraag die maar aan de helft van de kandidaten gesteld is.

    Zorg ervoor dat je appelen met appelen kan vergelijken. Zorg ervoor dat je achteraf alle kandidaten met alle andere kandidaten kan vergelijken.

     

    Een jobinterview is geen Gestapo-ondervraging

    Een jobinterview is een conversatie tussen twee gelijken. Oh, zeker, het is ongelooflijk gemakkelijk om er een ondervraging van te maken waarbij de kandidaat mentaal vernietigd wordt, en er zijn mensen die die school aanhangen. 

    Springen op de kleinste inconsistentie in een CV, bijvoorbeeld. Kleinerend doen. Machtsspelletjes spelen.

    Het doel van een jobinterview is dingen te weten te komen, en dat lukt beter in een ontspannen atmosfeer.

    Een cynicus zou bovendien zeggen dat een ontspannen kandidaat minder op zijn tellen let, en al eens meer de achterkant van zijn tong durft te laten zien.

    Mijn taktiek: het gesprek begint nog vóór het gesprek begonnen is. Breng de kandidaat binnen, vraag of hij het gemakkelijk gevonden heeft, hoe hij hier geraakt is (openbaar vervoer? oh, en uitgestapt aan Madou? of te voet van Noord? ik doe het ‘s avonds te voet maar ‘s morgens neem ik de metro — ik zou wel gek zijn om heel die weg te voet bergop te doen!), of het niet te koud/warm is (serieus, ik meen het, er zijn geen seizoenen meer), of hij iets wil dringen (om het even wat als het maar Cola light of water is), …

    Stel in ieder geval geen moeilijke vragen in het begin van het gesprek. 

    Ik begin graag een jobinterview met een paar geruststellingsvragen, waar het antwoord eigenlijk absoluut onbelangrijk is.

    Deze, bijvoorbeeld: “Ik heb uw CV gekregen. Is het goed als we dat even samen overlopen?” Meestal hebben kandidaten hun CV en sollicatiebrief en dergelijke mee; in het geval dat ze dat niet hebben: zorg voor een dubbel, zodat ze niet in affronten vallen. Het doel is niét na te kijken of ze hun CV van buiten kennen en niet aan het liegen zijn, het doel is ze iets te laten zeggen waar ze zonder veel nadenken een antwoord op kunnen geven.

    Geef ze indien nodig een voorzet: “ik zie dat u Moderne Talen gestudeerd heeft in Oudenaarde…?”

    Zorg ervoor dat er één ding totaal duidelijk is bij de kandidaat: dat hij hier niet is om in de val gelokt te worden, maar dat we allemaal volwassenen onder mekaar zijn, en dat we elkaar op voet van gelijkheid gaan behandelen.

    …wat natuurlijk niet écht helemaal waar is: het mag dan al een conversatie tussen twee gelijken zijn, maar het is en blijft een situatie waar het mijn doel is om zo eerlijk mogelijke informatie te krijgen, en waar het doel van de kandidaat is om zichzelf zo goed mogelijk voor te stellen.

    Een jobinterview is als een verkoopsgesprek, en de verkoper is de geïnterviewde. Wat ons meteen tot de volgende tip brengt.

     

    Een jobinterview is geen verkoopsgesprek

    Klinkt dit bekend? Kandidaat komt binnen, zet zich neer, persoon van het bedrijf begint het bedrijf voor te stellen. Wie zijn wij, waar komen we vandaan, wat is onze strategie, waar willen we naartoe. En begint dan de functie voor te stellen: waar we naar op zoek zijn, welk soort profiel we in gedachten hebben, wat de taakomschrijving zou worden. En dan, een half uur later, is het aan de kandidaat om zijn/haar stukje te doen.

    Helemaal verkeerd.

    Het is niet de bedoeling om uw bedrijf te verkopen aan de kandidaat, maar veel meer dan dat: zo’n verkoopsgesprek in het begin van het jobinterview geeft de kandidaat veel te veel pap in de mond.

    Mijn eerste échte vragen, na de geruststellingsvragen, peilen meteen naar de interesse en de mate van voorbereid zijn van de kandidaat. Ik leg niéts uit over het bedrijf en de functie, maar ik vraag het net aan hen:

    – Ik veronderstel dat u een beetje rondgekeken heeft op het internet en zo: wat doet ons bedrijf eigenlijk volgens u?

    – U solliciteert voor een positie als project manager / lead developer / office manager / technical writer / … Wat houdt dat werk volgens u in?

    Dit lijken eenvoudige vragen, maar in mijn ervaring weet ik na anderhalf antwoord al meestal of het de moeite waard is om het gesprek verder te zetten of niet.

    Iemand die gaat solliciteren bij een bedrijf dat hij niet kent, of die geen flauw idee heeft waarvoor hij aan het solliciteren is, dat is bijna niet te excuseren — maar veel, oneindig veel meer dan dat: iemand die iets niet weet en er zich probeert uit te wafelen, dat werkt zó enorm hard op mijn zenuwen.

    Er zijn twee mogelijke goede antwoorden hier: ofwel heeft de kandidaat zijn voorbereidingswerk degelijk gedaan, ofwel geeft hij ruiterlijk toe dat hij dat niet gedaan heeft. Doen alsof is idioot, en door de mand vallen is hoedanook toch onvermijdelijk.

    Oh, en de gebruikelijke interviewtaktieken, natuurlijk. Stel open vragen bijvoorbeeld, en geef zo weinig mogelijk antwoorden in de vragen zelf — dus niét iets als “wij zijn op zoek naar een een ontwerper die heel veel snelle schetsen op papier zal moeten tekenen tijdens intensieve ontwerpworkshops met ontwikkelaars en businessmensen, en die zijn tekeningen dan zal moeten omzetten naar werkende prototypes in Blend, is dat iets dat u iets lijkt?”, en wel iets in de zin van “stel dat u een prototype van een WPF-toepassing moeten maken, hoe zou u dat dan aanpakken?”

     

    Een jobinterview is geen koffieklets

    Zo’n jobinterview, dat kan gemakkelijk een half uur of meer duren. Het kan gezellig worden, interessant, boeiend. Er kan gelachen worden, er kan zelfs in discussie gegaan worden en van mening verschild.

    Maar als het een gesprek is in het kader van een selectieprocedure waar er tien of meer kandidaten gaan gezien worden, dan is het bovenal een praktische aangelegenheid: zoveel mogelijk informatie uitwisselen op een zo efficiënt mogelijke manier.

    Er zijn situaties waar bijvoorbeeld een HR-afdeling strikt objectief moet zijn, en telkens exact dezelfde procedure moet doorlopen met alle kandidaten, maar ik persoonlijk: als het na tien of zelfs vijf minuten duidelijk is dat het niets wordt, dan zeg ik dat ook. En dan stopt het interview daar en dan.

    Het hangt wat van de inspiratie van het moment af, maar dan wordt het een variatie op “het spijt me, maar met wat ik gehoord heb, denk ik niet dat het iets wordt” of “u bent een ongelooflijk interessante persoon, maar ik vrees dat we in het kader van dit interview elkaars tijd aan het verdoen zijn” of “ik weet meteen vijf bedrijven en tien functies waar u voor in aanmerking komt, maar ik vrees dat het niet als project manager bij ons is”.

    Oh, en wees dan ook meteen eerlijk: zeg geen knulligheden als “we houden u in onze wervingsreserve” als dat niet waar is. Neem wél de tijd om nuttige feedback te geven over het waarom: “wij moeten écht iemand hebben die een paar jaar ervaring heeft op het veld”, of “toen wij schreven ‘tweetalig Nederlands/Frans’ méénden wij dat ook echt, ‘je suis éventuellement prêt à suivre un cours néerlandais’ is niét waar we naar op zoek waren”, of “het spijt me, maar ik vind dat uw portfolio op dit moment niet op het niveau staat dat wij verwachten binnen dit bedrijf”, of “sorry, maar ‘ontwikkelaar met ervaring in Flex’ is niét hetzelfde als ‘ik heb in 2002 een HTML-cursus gevolgd bij de VDAB’”.

     

    Een jobinterview is de juiste vragen stellen

    Wie kent ze niet, de standaardvragen voor jobinterviews? “Waar denkt u binnen vijf jaar te staan?” “Wat zijn uw goede en uw slechte eigenschappen?”

    Yada, yada.

    Dat zijn van die dooddoeners van vragen, men kan zo goed vragen “wat denkt u dat ik graag zou horen?” (Wat, bedenk ik, eigenlijk een véél betere vraag is — een vraag die peilt naar wat de kandidaat denkt dat ik van hem verwacht, een variant op de klassieker “wat houdt de positie volgens u in?”. Noteren!)

    Het zijn ook vooral vragen waar elke kandidaat een pasklaar antwoord op heeft. “Mijn goede eigenschap is dat ik me snel aanpas en in elke groep thuishoor, mijn slechte eigenschap is dat ik soms te ijverig ben en teveel met mijn werk bezig ben,” dat soort dingen.

    Als dergelijke vragen moeten gesteld worden, doe dan eerder iets in deze zin:

    – Wat zijn de aspecten van deze job die u het liefste doet? En welke aspecten het minst graag?

    – Als u terugkijkt op uw loopbaan, op welke specifieke verwezenlijking of project bent u dan het meest trots? En waar bent u het meest beschaamd over?

    – Als ik uw ex-collega’s zou contacteren, hoe zouden zij dan zeggen dat u bent? Hoe zou uw ex-baas u omschrijven? Is het goed als ik hem contacteer?

    Dergelijke vragen zoeken antwoorden op meer dan één niveau: tegelijkertijd op zoek gaan naar de ambities, de kennis/kunde en zelfinschatting, eerlijkheid, zelfrelativatie.

    Houd het praktisch, en niet te theoretisch: liever “hoe zie je een typische werkdag/werkweek” dan “hoe zie je je positie/carrière evolueren”.

    En luister naar de antwoorden.


    Een jobinterview is luisteren

    Zeg zo weinig mogelijk.

    Luister naar de kandidaat, en noteer zijn antwoorden. Luister ook naar wat de kandidaat non-verbaal zegt: wat mij bijvoorbeeld bijzonder interesseert, eens we voorbij de basisvereisten zijn en we het eens zijn dat de kandidaat ready, willing & able is, is de begeestering.

    Als ik merk dat een kandidaat vergeet dat hij een jobinterview aan het doen is, en helemaal enthousiast wordt over de juiste dingen, dan is dat in mijn boek een hele resem goede punten extra. Letterlijk: ik noteer dat dan ook, namelijk. Dat ik het niet vergeet.

    “Zeg zo weinig mogelijk” is géén aansporing om onaangename stiltes te laten vallen, natuurlijk (zie boven). Zeg precies genoeg om de kandidaat verder te laten spreken, en om eventuele misverstanden of onduidelijkheden op te klaren.

    Als de kandidaat niet van het spraakzame type is, gebruik dan een leidraad: het CV is daar vaak handig. Laat de kandidaat zijn vorig werk omschrijven, wat hij er graag deed, wat hij er minder graag deed.

    Let op verklikkerlichten: mensen die negatief doen over hun vorig werk, over hun collega’s of over hun baas. Of onverklaarde gaten in een CV—geen probleem met “een jaar niets doen”, wél een probleem met doen alsof dat jaar er nooit geweest is, nog veel meer een probleem met liegen over dat jaar.

    “Zeg zo weinig mogelijk” is ook geen aansporing om de kandidaat zomaar zijn zegje te laten doen. Als er een monstrositeit à la “ik heb proactief de as is gebenchmarked” of “ik nam vooral een coachingrol aan om de ROI te monetizeren” uit komt, vraag dan absoluut door naar wat ze daarmee bedoelen. Precies bedoelen.

    Ja, zelfs als het pijnlijk wordt.

     

    Een jobinterview is intuïtie + data

    Ik ga er maar voor uitkomen: ik weet meestal na een minuut of vijf voor 90% of het iets wordt. En in veel gevallen weet ik het al nog voor ik de eerste vraag gesteld heb.

    Het doel van een jobinterview is om die eerste indruk zo objectief mogelijk te staven, of te weerleggen.

    Ik kan iemand op het eerste gezicht ongelooflijk sympathiek vinden, meteen het gevoel hebben dat het klikt, dat het de perfecte man of vrouw voor de job is en dat het eigenlijk zelfs niet meer belangrijk is om de standaardvragen te stellen — en dít is wanneer het tricky wordt.

    Jazeker, er komt buikgevoel bij kijken, maar het is me al méér dan eens overkomen dat mijn intuïtie helemaal verkeerd was: mensen waar ik in eerste instantie misselijk van werd als ik ze meemaakte, die bleken fantastische kandidaten te zijn “in het echt”, of omgekeerd, mensen waar ik op dossier en op eerste contact meteen verliefd op werd, die “in het echt” compleet tegen bleken te vallen.

    Een eerste indruk is iets, maar lang niet alles.

    Drie manieren om die eerste indruk bij te sturen:

    1. Het volledige interview afwerken. De vragenlijst overlopen, en zo objectief mogelijk notitie nemen (ook van de subjectieve indrukken). Achteraf zo objectief mogelijk vergelijken tussen de kandidaten (waarbij de subjectieve indruk natuurlijk ook een objectief vergelijkingspunt wordt, het zijn uiteindelijk mensen waar je later mee gaat moeten samenwerken en het moet minstens kunnen klikken.)
      Laat geen vragen vallen omdat het toch duidelijk is wat de antwoorden zouden kunnen zijn. Dat heeft de neiging om u achteraf te achtervolgen.
    2. Objectieve criteria introduceren. Alle kandidaten een meetbare praktische proef laten doen. Als het gaat om een functie van project manager: een paar situaties voorleggen (liever dat dan vragen “wat zegt u GANTT”). Als het gaat om een programmeur: een probleem laten oplossen aan een whiteboard. Als het gaat om een ontwerper: kritiek laten geven op een bestaand ontwerp.
    3. Privé-detective zijn.

    Dat laatste vraagt om een woord uitleg. Het ligt voor de hand dat je voor elke kandidaat die in aanmerking komt, Google loslaat op zijn/haar naam. LinkedIn, Facebook, weblog(s), Twitter, Netlog, MySpace: allemaal fair game.

    Maar daarnaast, en zeker voor belangrijke functies: ga. de. referenties. na.

    Vraag uitdrukkelijk aan de kandidaat of het OK is om zijn vorige werkgevers of collega’s te contacteren, en als er ook maar de minste twijfel is: doe dat dan ook. Via-via, als het moet.

    Echt gebeurd voorbeeld: ik had een interview met iemand die er op papier goed uit zag, waar ik na twintig minuten babbelen een goed gevoel bij had, maar ik was er niet helemaal zeker van. Ik heb me even verontschuldigd, heb een ex-collega gecontacteerd die ik volledig vertrouwde en zijn opinie gevraagd: vijf minuten later kon ik de kandidaat zeggen dat ze de job had. Omdat voor die kandidaat, voor die positie, de opinie van een ex-collega een doorslaggevend objectief gegeven was.

    Um, dat terzijde, maar serieus: zorg voor objectieve, vergelijkbare “dossiers” per geïnterviewde. Ook en vooral voor diegene die op het eerste gezicht een uitstekende indruk maakten: het is veel te verleidelijk (soms letterlijk) om een sympathiek (of mooi uitziend, komaan, geef maar toe) iemand onredelijk goed te vinden.

    En dan is het handig om er een Excel bij te kunnen nemen en te zien dat die mijnheer of mevrouw eigenlijk niet tweetalig was en alle andere kandidaten wel, en dat tweetaligheid een sine qua non was, bijvoorbeeld.

     

    Een jobinterview is tweerichtingsverkeer

    Het jobinterview is pas gedaan als alle nodige informatie is overgebracht.

    Eens al uw vragen beantwoord zijn, is het een uitstekend idee om de vragen van de kandidaat te beantwoorden—die vragen geven u trouwens meestal ook redelijk wat bijkomende informatie (“en hoe zit het hier met promotie en loonsverhoging?” is bij mij bijvoorbeeld al een redelijke afknapper).

    Wees in alle geval eerlijk. Stel uw bedrijf of de functie op geen enkele manier glamoureuzer of interessanter uit dan ze zijn: kom ervoor uit als het bedrijf het wat moeilijk heeft, of als de functie serieus wat saaie momenten heeft. Niemand is gebaat bij leugens, en wie weet zit er wel een toekomstige collega voor uw neus.

    Maak duidelijk dat het OK is dat de kandidaat u nog contacteert — per mail! niets zo vervelend als telefoon, vind ik in dergelijke zaken — als hij bijkomende vragen heeft.

    Wees ook zo transparant mogelijk over de procedure: “we zien deze week en volgende week nog een paar kandidaten, eind volgende week laten we u in ieder geval weten of we u uitnodigen voor een tweede gesprek of niet, en begin volgende maand valt de beslissing”.

    *
    *   *

    Meh. Zo laat al! Ik ga naar bed. Ben ik dingen vergeten? Euh, ongetwijfeld.

    Heb ik het bovenstaande nagelezen? Euh, nee.