• Fietsinfrastructuur

    Ik had mijn camera uitgeleend aan een collega, en toen had hij die teruggegeven, en dan ging ik er vandaag mee naar huis, en ik dacht: ik zet ze eens op mijn hoofd, dan heb ik de weg van mijn werk naar mijn huis voor het nageslacht bewaard, en alles.  

    En toen bekeek ik dat filmpje, en stond ik er eigenlijk van te kijken hoeveel dingen voor fietsers bijgekomen zijn in Gent, de laatste jaren. Niet dat het al helemaal in orde is (verre, verre van) — maar toch.  

    In volgorde: fiets- en wandelpad langs de Schelde, fietsbrug over de Franse Vaart, fietspaden in het Keizerspark en  fietsbrug over de Schelde, fietsstraat aan de Visserij, fietsbrug aan het Veermanplein, samen met de vernieuwde Oude Beestenmarkt ook een heraangelegde Nieuwbrugkaai, fietsonderdoorgang aan de Joremaaie, woonerf in de Gelukstraat/Sint-Katelijnestraat.  

    ’t Is indrukwekkend voor iemand zoals ik, die opgegroeid is in de jaren 1970 en 80: voor zover ik het mij herinner, zijn al die dingen er gekomen in deze en vorige legislatuur in Gent.  

    Benieuwd wat het binnen nog eens een jaar of tien zal zijn.

  • De guitigaards van Paul & Storm schreven een liedje over George R.R. Martin:

    De reactie van de mens zelf:

    En wat liep Neil Gaiman daar te doen? Ah, wegens George R.R. Martin is not your bitch natuurlijk. 🙂

  • 11%

    Vanmorgen zat er een mail van de mensen van LinkedIn in de emailbus, met deze boodschap:

    Linkedin

    Elf procent? Eén op tien van de mensen die ik als LinkedIn-vriendjes heb die afgelopen maand van werk zijn veranderd?  

    Ik heb sinds, even kijken, 23 december 2004 een profiel bij LinkedIn. Ik ben op die tijd drie keer van werk veranderd (november 2004 Europacollege, november 2006 Namahn, oktober 2010 Adhese), en ik vind dat al bijzonder veel.  

    Ik vermoed dat het wel met de zomer en zo zal te maken hebben, en dat er misschien wel wat interne promoties in zitten en zo, maar toch: elf procent, jong.  

  • Wie heeft het zuiden van Frankrijk nodig?

    Gisteren op het werk: naar de Colruyt om een paar kilo vlees en wat courgetten en aubergines,  de barbecue buiten gezet en in gang gestoken gerief erop, en hopla, een uurtje vakantie!

    1070050 10151845681580802 579990368 n

    Vandaag, in de zon in de tuin, op de achtergrond krekelconcert. Een glas met ijsblokken, water en Ricard: weer vakantie!

  • S.T. Joshi, taking no prisoners

    Joshi is, zonder de minste twijfel, de meest belangrijke mens in de wereld van H.P. Lovecraft. En zijn review van een nieuwe verzameling Lovecraft door professor Roger Luckhurst is niet de meest vriendelijke review.  

    Hij besluit met:

    In  At the Mountains of Madness,  Lovecraft states, in regard to the protagonists’ first view of the shoggoth: “It was the utter, objective embodiment of the fantastic novelist’s ’thing that should not be.’” This volume is, prototypically, the Book That Should Not Be. It has no reason for existence, aside from putting a few pennies in the pockets of its editor and publisher. The decision to use pulp magazine texts—especially those from  Astounding—borders on the moronic; the selection is flawed, the introduction is windy and contentless, the notes disappointingly skimpy when they are not ripped off from my own work. The paper and typography are nice, and the dust jacket presents a curious and rather spooky illustration of a sea creature (Ascidia) from an old book by Ernst Haeckel (whose  Riddle of the Universe  [English translation 1900] is, incidentally, misdated to 1903). But that’s about all the good that can be said about this  rudis indigestaque moles.

    I guess the lesson one has to draw from this book is: Don’t entrust an amateur to do a professional’s job.

    Was ik Luckhurst, ik denk dat ik in foetushouding op de vloer van mijn badkamer lag.  

  • Jared Diamond’s laatste in twee regels: “Kunnen we dingen leren van traditionele samenlevingen genre !Kung  en Yanomami? Welja, we kunnen daar sommige dingen van leren.”

    Diamond heeft tientallen jaren gespendeerd bij  verschillende stammen van  Nieuw-Guinea, en hij heeft veel gesproken met antropologen en dingen gelezen, en dan heeft hij, niet écht gehinderd door enorm veel kennis van zaken, een boek geschreven dat een mengeling is van persoonlijke herinneringen, notities over het dagelijkse leven zoals hij dat ervaart, en niet meteen wetenschappelijk gefundeerde opinies.

    Niet dat ik een nieuwe Guns, Germs and Steel  verwachtte, maar het voortdurende over-en-weer-schipperen tussen anecdotes zonder echte historische context over “primitieve” maatschappijen en veralgemeningen zonder echte diepgang over “onze” maatschappij werd redelijk snel redelijk vermoeiend. En saai.

    En, net zoals ik mensen die “Micro$oft Windoze” schrijven zeer moeilijk ernstig kan nemen, had ik het ook heel erg moeilijk van zodra hij consistent “WEIRD” begint te gebruiken als acroniem voor “Western, Educated, Industrialized, Rich and Democratic societies”.

    Afijn. Hier en daar wat boeiende stukken, maar  na meer dan 500 bladzijden vond ik: niet echt de moeite waard. En ook: schrijf in ‘s hemelsnaam een autobiografie, dat zou vele keren boeiender zijn.

    [van op Boeggn]

  • Badmode voor elk lichaamstype

    “Het badpak is sinds enkele seizoenen aan een comeback bezig”, las ik in de gazet.

    “Want wie denkt dat een badpak steevast saai en onaantrekkelijk oogt, heeft het mis”, vervolgde journaliste Tamara De Mey, om te besluiten met “Wij gingen op zoek naar tien sexy exemplaren die samen een antwoord bieden voor elk lichaamstype.”

    De mensenkenner in mij ging wat rechter in zijn stoel zitten: wie kijkt nu eens niét graag naar alle mogelijke lichaamstypes, vooral als die in een sexy exemplaar van een badpak gehesen werden?

    En ik werd niet teleurgesteld! Dit zijn de tien lichaamstypes die bij het artikel zaten:

    Badpakken1

    Da’s iets dat ik al sinds jaar en dag bewonder aan kledij-ontwerpers in het algemeen en badpakkenontwerpers specifiek: het grenst aan het verbijsterende, hoe ze met een paar lappen stof het meest afzichtelijke lichaam aantrekkelijk kunnen maken.  

  • Elementary

    Grmbl.  

    ’t Is geen slechte serie, daar niet van, maar verdorie, ik wist op drie afleveringen van het einde hoe het zou eindigen.

    Afijn. We hebben dus ondertussen al gehad: Sherlock Holmes natuurlijk, John/Joan Watson, Inspector Gregson, Mrs/Ms Hudson (tee hee), Sebastian Moran, Moriarty en Irene Adler.  

    De reeks is hernieuwd voor een tweede seizoen — wat zou er nog kunnen gebeuren? Misschien een Inspector Lestrade in de plaats van de toch wel veel te begrijpende Gregson? Mycroft? Een aantal Baker Street Irregulars?  

    (Fijne knipoog, trouwens, in de laatste aflevering, naar die andere uitstekende Holmes-adaptatie, House M.D.)

  • Pedofiliejagers: één strijd

    Moh, kijk nu wat ik in de gazet lees:  

    De obsessie van Kamal A. voor vermeende pedofilieaffaires is niet nieuw. Lang voor hij lid werd van Sharia4Belgium, was hij ook al actief in de strijd tegen vermeende pedofilienetwerken, onder meer in de nasleep van de zaak-Dutroux. A. out zich trouwens al sinds jaar en dag als een vurig verdediger van Marcel Vervloesem, de zelfverklaarde pedofiliebestrijder uit Morkhoven. Vervloesem werd uiteindelijk zelf veroordeeld wegens pedofilie. Volgens A. zit ook achter het misbruik in De Blokkendoos een pedofiel netwerk.

    De zever die op de site van die Kamal staat, klinkt inderdaad méér dan bekend: loze beschuldigingen, verzekeringen dat er nog heel veel komt, schermen met processen-verbaal alsof dat bewezen feiten zijn…

    Afijn.  

  • Stambomen in Gramps

    Ik dacht, ik probeer eens op te schrijven hoe een stamboom te beginnen opslaan in een genealogiepogramma.  Ik gebruik tegenwoordig Gramps, een gratis en open source programma dat beschikbaar is voor Linux, Mac en PC.

    Er is een versie 4.x, maar ik blijf vooralsnog bij versie 3.x: de stap van 3 naar 4 voegt (voorlopig) geen features toe, het heeft vooral met achterliggend architectuur te maken.

    Ik ga ervan uit dat Gramps is geïnstalleerd geraakt, en dat de interface in het Nederlands staat (er zijn een hele resem talen, ze kunnen bij het installeren gekozen worden en achteraf ook nog veranderd worden). En ik neem voor het gemak de gegevens die ik in Genealogie: hoe eraan te beginnen  vond om te demonstreren.

    Start Gramps op. Je krijgt een venster waarin je een lijst van stambomen ziet (bij mij staan er twee in, bij u zal dat normaal gezien leeg zijn). Klik op “Nieuw” om een nieuwe stamboom aan te maken. Geef hem een naam en klik dan op “Laad stamboom” om hem op te laden.

    Screen Shot 2013-07-14 at 12.48.17

    Het resultaat is een leeg scherm, met bovenaan een functiebalk en links de hoofdonderdelen van de toepassing. Een genealogieprogramma is in de grond een veredelde database, met lange lijsten van dingen, die met elkaar verbonden zijn: een lijst met personen, een lijs van gebeurtenissen verbonden aan één of meer personen, families die bestaan uit één of meer personen, plaatsen, bronvermeldingen die aan gebeurtenissen gekoppeld kunnen zijn, bronnen waarin bronvermeldingen zitten, etc.

    De hoofdonderdelen van Gramps in die balk links verwijzen dan ook vaak naar die lijsten:

    • Gramplets: een soort home page waar je allerlei widgets kan zetten (niet van aantrekken, nu niet belangrijk)
    • Personen: de lijst van alle personen
    • Relaties: een scherm waar voor een geslecteerde persoon alle onmiddellijke relaties getoond worden (ouders, partners, kinderen, broers/zussen). Een groot gemak om door een stamboom te navigeren.
    • Families: de lijst van alle families (een familie is gedefinieerd als twee partners en hun kinderen)
    • Voorouders: een manier om grafisch te navigeren door de stamboom
    • Gebeurtenissen: de lijst van alle gebeurtenissen, los van de personen of de families
    • Locaties: de lijst van alle plaatsen
    • Geografisch scherm: een kaart, waarop allerlei getoond kan worden
    • Bronnen: de lijst van alle bronnen. Ik vind: alle gegevens in een stamboom moeten een bron hebben, anders kan iemand die de gegevens leest niet weten hoe “waar” ze zijn. Als de bron voor een geboortedatum “Burgerlijke Stand Aalter” is, is dat iets anders dan als de bron “Brief nonkel Julien aan tante Martha” is, of als de bron “Interview met tante Martha, maar ze had al een beetje teveel gedronken” is, of als het helemaal niets is. Dat laatste is het allerslechtste, vind ik.
    • Citaten: de lijst van details in bronnen. Een “citaat” is wat je gebruikt als bronvermelding bij een gebeurtenis, en het hangt er een beetje van af hoe je de dingen zelf organiseert wat je in bronnen steekt en wat je in citaten steekt. Ik neem als bron bijvoorbeeld “Burgerlijke Stand Aalter”, en dan als  citaat  bijvoorbeeld “BS/G 1855 nr. 56, Geb. Martha Van Achternamen” om één geboortakte aan te geven.
    • Bibliotheken: de lijst van “opslagplaatsen” (virtueel of niet) van bronnen.
    • Media: afbeeldingen en andere
    • Opmerkingen: de lijst van alle opmerkingen (dat kunnen zowel gebeurtenisopmerkingen zijn als bronteksten als allerlei)

    …maar goed. De beste manier om de dingen te leren, is er gewoon aan te beginnen, dus bij deze: alsof ik dit onderzoek in het echt zou opslaan in Gramps.

     

    Ik vertrek van mijn grootvader, Arthur Firmin Louis Waegenaer. Daarvan weet ik van persoonlijke kennis dat hij geboren is in 1907 in Wetteren. Klik op “Toevoegen…” in de functiebalk bovenaan om een nieuwe persoon toe te voegen.

    Vul de voornamen in het veld “Voornaam” in, en de achternaam in het veld “Achternaam”; selecteer “mannelijk” in het veld “Geslacht”:

    Screen Shot 2013-07-14 at 13.14.48

    Er zijn nog een hele reeks andere velden die kunnen ingevuld worden, en die hier niet nodig zijn: met de muis over het veld gaan, geeft een tooltip die uitlegt wat en hoe. Het veld net vóór “Waegenaer” bijvoorbeeld, is er voor voorvoegsels die niet in de sorteervolgorde moeten — in Nederland dingen als “van de”. Je kan ook echt ingewikkelde namen opslaan, met stukken die van de vader komen en stukken van de moeder, en plaatsnamen en pseudoniemen en titels en roepnamen en allerlei, maar da’s hier dus niet aan de orde.

    Volgende stap: een gebeurtenis bijmaken voor de geboorte. Klik op de “+”-knop in de tab “Gebeurtenissen”: standaard krijg je nu een venster waarin je een nieuwe gebeurtenis van het type “Geboorte” kan maken (“Gebeurtenistype” in de tab “Algemeen” staat op “Geboorte”).

    Vul in het veld “Datum” de datum in.  Dat kan op verschillende manieren: “7 april 1907” is mogelijk, “7 apr 1907” ook, of “7/4/1907”, of “1907-04-07”. Je kan ook data bij benadering invullen: “april 1907” of gewoon “1907” kan, maar ook “rond april 1907”, “voor maart 1907”, “na feb 1907”, “tussen feb 1907 en apr 1907”. Oh, en het kan ook in een hele reeks andere kalenders ook, naast de gregoriaanse: juliaans,  hebreeuws, Franse revolutie, islamitisch, …

    De plaats  komt uit een lijst van locaties. Telkens er iets uit een lijst kan gehaald worden, geeft Gramps de keuze tussen “nieuw aanmaken” (Screen Shot 2013-07-14 at 13.33.47) en “bestaande kiezen” (Screen Shot 2013-07-14 at 13.33.55). In dit geval hebben we nog geen enkele locatie aangemaakt, dus wordt het “nieuw aanmaken”. Klik op het “+”-icoon en maak een nieuwe locatie aan. De locatienaam is hoe de plaats in lijsten verschijnt — ik neem “Wetteren”, het had ook kunnen “Wetteren (B)” kunnen zijn, of “Wetteren, België” of iets dergelijks.  Voor de leutigheid (en omdat het dan proper op een kaart kan getoond worden), vul ik ook de breedte- en lengtegraden in (via bijvoorbeeld alhier gemakkelijk te vinden). In de “Locatie”-tab staat dan de rest van de gegevens van de plaats:

    Screen Shot 2013-07-14 at 13.42.46

    (En ja, dat worden nogal wat vensters boven elkaar. ’t Is azo en niet anders. :)).

    Klik op “OK” om de locatie aan te maken en te selecteren voor de geboorte-gebeurtenis, en dat ziet er dan zo uit:

    Screen Shot 2013-07-14 at 13.45.35

    Onderaan staat “Gedeelde informatie”, en bovenaan staat “Verwijzingsinformatie”. Dat klinkt misschien vreemd, maar ’t is niet zo ingewikkeld. Dit is de gebeurtenis “geboorte van Arthur Waegenaer”, waar de persoon  Arthur Waegenaer de “voornaamste rol” heeft (als “de persoon die geboren wordt”). Maar voor diezelfde gebeurtenis zou een andere persoon bijvoorbeeld de rol van “getuige” kunnen hebben: dan maak je geen nieuwe gebeurtenis aan, maar verbind je de tweede persoon aan de bestaande gebeurtenis.

    Niet dat het nu al aan de orde is, maar gewoon ter informatie, en omdat het meer zal voorkomen, dat er zo’n waarschuwingsteken in het scherm staat: als ik twee personen aan deze gebeurtenissen gekoppeld heb, kan ik de gebeurtenis wijzigen zowel vanaf persoon A als vanaf persoon B, maar de informatie in “Gedeelde informatie” zal bij allebei de personen gewijzigd worden. Kwestie van er uw hoofd wat bij te houden, soms.

    Nu heb ik dus een gebeurtenis gemaakt, maar ik moet ook nog aangeven waar ik die informatie gehaald heb. In dit geval was het persoonlijke kennis. Dat is, net zoals officiële documenten en interviews, een bron zoals een ander, ha!

    Klik op de tab “Broncitaten” en dan op de “+”-knop om een broncitaat toe te voegen. Dit is een beetje een speciale situatie (eigen kennis, niet gepubliceerd, geen interview, ik ga zometeen in meer detail gaan, als we een eerste “echte” bron gebruiken), maar bon, het ziet er bij mij zo uit:

    Screen Shot 2013-07-14 at 13.55.02

    Klik OK om de bron en het citaat toe te voegen, klik OK om de gebeurtenis te bewaren, en voilà, dat ziet er dan zo uit:

    Screen Shot 2013-07-14 at 13.58.29

    Op dezelfde manier voeg ik een “overlijden“-gebeurtenis toe:

    Screen Shot 2013-07-14 at 14.10.36

    En nu ik hier toch ben, ga ik een foto toevoegen. Klik op “Galerij”, klik op het “+”-icoontje, en selecteer een afbeelding. Gramps gaat geen afbeeldingen verplaatsen, dus voor uw eigen gemak: zet alle te gebruiken foto’s ergens bij elkaar. Bij mij is dat in een “genealogie”-folder, met daarin een onderverdeling tussen “bronnen” en afbeeldingen”.

    Selecteer een foto, en je krijgt een scherm waarin je de foto kan bewerken:

    Screen Shot 2013-07-14 at 14.15.05

    Alhoewel, “bewerken” is veel gezegd: je kan in het onderdeel “Gedeelde informatie” een omschrijving geven, een datum ingeven, een bron, en opmerkingen. En dan kan je het “niet-gedeelde informatie”-stuk bovenaan aangeven “Oppervlakte waar naar verwezen wordt”. Dat is in dit geval niet van toepassing, maar het zorgt ervoor dat je een groepsfoto maar één keer moet opladen, dat je die dan aan verschillende mensen kan koppelen, en er telkens een rechthoekje op kan tekenen om aan te duiden wie wie is.

    Klik op OK tot je terug bij het personenscherm bent, en klik dan in de linkerbalk op “Relaties”: ik vind dat het meest handige scherm om gegevens te verwerken, met een duidelijk overzicht van een persoon en knoppen om onmiddellijk ouders en partners en kinderen en zo toe te voegen:

    Screen Shot 2013-07-14 at 14.20.24

     

    …en dan nu,  naar de bronnen!

    Ik was gaan kijken in de burgerlijke stand van Wetteren, of de geboortedatum en -plaats wel degelijk juist was. Dat was het geval, en dus kan ik die bron nu toevoegen aan de geboorte-gebeurtenis.

    Klik op het “wijzigen”-icoontje naast de naam van Arthur Waegenaer, en dubbelklik op de geboorte-gebeurtenis. Klik op de tab “Broncitaten”, en voeg een nieuwe bron toe. Hoe je het precies doet, is volledig vrij, maar het belangrijkste is om consistent te blijven. Ik doe het zo:

    • Gedeelde bron informatie:
      • Titel: Burgerlijke Stand Wetteren
      • Auteur: (leeg)
      • Afkorting: BS Wetteren
    • Citaatinformatie:
      • Datum: 13 april 1907 (=de datum waarop de akte geschreven werd)
      • Volume/Pagina:  BS/G 1907 nr. 147, Geb. Arthur Firmin Louis Waegenaer (=burgerlijke stand / geboorten, jaar, nummer van akte, korte omschrijving)
      • Zekerheid: (in dit geval) Zeer hoog

    Screen Shot 2013-07-14 at 14.29.50

    Omdat ik een afbeelding heb van de akte, voeg ik die meteen toe, in de tab “Galerij” van de Citaatinformatie. Als de tekst van de akte echt moeilijk te lezen zou zijn, probeer ik zoveel mogelijk te ontcijferen, en voeg ik dat toe in de tab “Opmerkingen”.

    …en nu kan het snel gaan: de rest van de gegevens die ik in die ene geboorteakte vond, kan ik toevoegen met precies dezelfde citaatinformatie.

    Op het Relatiescherm voor Arthur Waegenaer, klik “Toeveogen” in de functiebalk bovenaan. Je krijgt een venster war vader en moeder kunnen toegevoegd worden (of eventueel  gekozen, als ze al vroeger ingevoegd zouden geweest zijn):

    Screen Shot 2013-07-14 at 14.35.06

    De werkwijze is precies dezelfde als vroeger: klik op “+” naast “Vader” om een vader toe te voegen, vul de naam in, en voeg gebeurtenissen en locaties toe, met telkens dezelfde citaatverwijzing als daarnet. Je kan een bestaand citaat kiezen door op de knop voor “een bestaande bron of citaat toevoegen” te klikken in plaats van op de “+”-knop in de “Broncitaten”-tab; dan krijg je een lijst te zien:

    Screen Shot 2013-07-14 at 14.39.23

    …maar wat ook kan, is een bestaand citaat slepen naar het klembord, en dan van daaruit terug te slepen naar de “Broncitaten”-tab wanneer dat nodig is. Het klembord breng je met het menu Bewerken > Klembord (of Ctrl-B op PC, Cmd-B op Mac) tevoorschijn, en dat kan je dan naast het hoofdvenster plaatsen om vaak gebruikte dingen in over en weer te slepen.

    Screen Shot 2013-07-14 at 14.43.49

    Als ik alles ingevuld heb dat ik weet van vader en moeder, ziet het relatiescherm er zo uit:

    Screen Shot 2013-07-14 at 14.50.19

    Een rapport over Arthur Waegenaer ((menu Verslagen > Tekstverslagen > Volledig persoonsverslag)  ziet er nu zo uit:

    Screen Shot 2013-07-14 at 14.57.17

    Als ik klik op Lodewijk Jozef Waegenaer en ik maak een familierapport (menu Verslagen > Tekstverslagen > Familiepagina), dan ziet dat er zo uit:

    Screen Shot 2013-07-14 at 14.53.32

    Alles heeft een bron, alles is natrekbaar: een gemak.

    De volgende stap die ik deed  was naar de burgerlijke stand van Kaprijke kijken. Da’s één bron bij, en een reeks bijkomende gegevens: exacte geboortedatum en -plaats van Lodewijk Jozef, naam en adres en beroep en bijbenaderinggeboortedatum en -plaats van zijn ouders. Dat geeft dan dit op het relatiescherm:

    Screen Shot 2013-07-14 at 16.50.07

    Nog een stap verder met de gegevens van de geboorteakte van Eduardus Waegenaer in Zelzate, en de stamboom ziet er nu zo uit:

    Screen Shot 2013-07-14 at 17.15.49

    Nog een stapje verder, met de huwelijksakte van  Joannes Ludovicus Waegenaer en Julianna Charlotte Bufkens, is dat al dit geworden:

    Screen Shot 2013-07-14 at 17.29.53

    De volgende stap was de overlijdensakte van Joannes Ludovicus Waegenaer, en dan het doopregister van Stekene. Resultaat:

    Screen Shot 2013-07-14 at 17.55.00

    …en dat is dat. Met een beetje oefening gaat het bijna even snel om het in te voeren als om het op te zoeken, en dan is het resultaat van pakweg anderhalf uur werk:  19 personen ingevoerd, zes families, 41 gebeurtenissen, acht locaties, vijf bronnen met in totaal acht citaten, en negen afbeeldingen.

    En allemaal proper gedocumenteerd, en allemaal klaar om verder te onderzoeken of om te publiceren in pakweg een website.

    Via het menu Verslagen > Webpaginas > Narrated-webstek geeft dat dit als resultaat. Voor de beginpersoon, mijn grootvader, geeft dat een pagina als deze  (en ja, al die stijlen zijn aanpasbaar, natuurlijk):

    demopagina

    Een groot gemak, zo’n programma.

  • Brian Sewell:

    The thought of suicide is a great comfort, for it is what I shall employ if mere existence is ever all that I have. The difficulty will be that I must have the wit to identify the time, the weeks, the days, even the critical moment (for it will not be long) between my recognising the need to end my life and the loss of my physical ability to carry out the plan.

    En helaas: there’s the rub. In die “(for it will not be long)”. Want voor de rest ben ik er helemaal mee eens:

    There are those who damn the suicide for invading the prerogative of the Almighty. Many years, however, have passed since I abandoned the beliefs, observances and irrational prejudices of Christianity, and I have no moral or religious inhibitions against suicide.  

    I cherish the notion of dying easily and with my wits about me. I am 82 tomorrow and do not want to die a dribbling dotard waiting for the Queen’s congratulatory greeting in 2031.

    Nor do I wish to cling to an increasingly wretched life made unconscionable misery by acute or chronic pain and the humiliations of nursing.

    What virtue can there be in suffering, in impotent wretchedness, in the bedpans and pisspots, the feeding with a spoon, the baby talk, the dwindling mind and the senses slipping in and out of consciousness?

  • Holmes en zombies

    Ik vind het altijd vreemd, als er ergens zombies zijn, en ze worden met allerlei namen benoemd om toch maar te vermijden ze “zombies” te moeten noemen.  

    “Walkers”, “geeks” of “biters” in The Walking Dead, bijvoorbeeld. Komaan zeg: er is al decennia lang een heel genre  dat over dingen gaat die precies dezelfde symptomen hebben, noem ze dan gewoon zombies.  

    Hetzelfde maar licht anders met Sherlock Holmes: Holmes is zo  centraal aan alles wat misdaad en detective en dergelijke is, dacht altijd wat dissonant klinkt als een personage zich introduceert als “Sherlock Holmes”, en dat niemand ook maar vreemd opkijkt.  Ik had het in Sherlock, en ik heb het nu ook in Elementary.  

    Elementary cbs

    Met die zombies is het altijd wachten op de eerste keer dat ze hersenen proberen eten, de eerste keer dat de personages ontdekken dat hun hoofd eraf moet, dat een beet besmettelijk is, en alles.  

    Hetzelfde met Sherlock Holmes: het is ook altijd wachten op een aantal elementen: de excentriciteit, de drugs, de viool, de vermommingen, en de vorm die de andere personages zullen aannamen.  

    Dr. Watson komt meestal snel op de proppen, en een equivalent van Lestrade ook wel. De rest is misschien wat langer wachten, maar ik kijk er wél naar uit. Irena Adler, bijvoorbeeld. Bij BBC-Sherlock verscheen ze in de eerste aflevering van seizoen twee, en kijk nu:  ik had het bijna niet meer verwacht, maar in aflevering vijf gaat het plots, out of the blue  over haar. Geen details en geen idee hoe het precies verwerkt zal worden, maar ik wéét dat het iets wordt.

    En nu zit ik natuurlijk te wachten op Mycroft. En, uiteraard, op Moriarty. Wijs!

  • That’s why we can’t have nice things

    Waarom, als in de middeleeuwen de Islam zó ver vooruit was op Europa, zijn ze daar nu in het Midden-Oosten zo ver achter? De vraag werd een uur of twee geleden gesteld op Reddit (If the Islamic caliphates were at the forefront of science and intellect at their time, why is the Middle East not at least as technologically advanced as the West?), en dit was daarnet het bovenste antwoord:

    [/u/bistromathtician]  There’s a litany of reasons one could point to: cultural, historical, philosophical, etc., but I think a better way of looking at it is around the 15th or 16th centuries, the Islamic world was no longer advancing as quickly as Europe. Basically, with new trade routes and colonial enterprises (not to mention Continental warfare), Europe vastly increased the rate of scientific and technological progress. The Islamic world was still moving forward, just not as quickly. Once Europeans had the edge in terms of money and technology, they put ever-increasing support into the things they thought responsible: science and empire. Once you had that feedback loop established, the rest of the world had little chance of overtaking them. The Islamic world had several different “centers” of science, all at different places and times in the Middle Ages, so they hadn’t so clearly established it in the first place. Edit: A reasonable source on this (if you’re interested in the history of astronomy) is Saliba’s Islam and the Making of the European Renaissance.

    De bovenste reactie daarop:

    [/u/Delheru] As others have mentioned, the caliphates were a very, very long time ago, and as such their relationship with the modern middle east is strenuous at best. Islam might really be the only string tying it all together, and despite religions high visibility, that is a small part of what makes the world go around. What happened to the legendary Baghdad, Damascus etc region that was so rich in science? First of all, with Baghdad there is a superficial but powerful answer: Barbarians. First Turks invited in by the Caliphs for the internal power struggles. That wasn’t so bad, but then came Mongols. Twice. 1258 by Hulagu and Tamerlane around 1400. After that came more Turks that just rode over everything. Basically the Middle Eastern civilization was overrun by steppe nomads that stayed in control for close to 700 years! The original regional culture, which the Arabs (who could also be considered barbarians by the urban people of Middle East) had been influenced far more by then the steppe nomads, was basically crushed almost completely. These were troubled times, and at the same time the Mongols took over China as well (early 13th century) possibly preventing an industrial revolution and causing a slow stagnation there that played a big role in Europe overtaking China as dramatically as it did. However, China got rid of the Mongols in less than a century. Considering how much damage was sustained, Mongols/Turks ruling much of the Middle East for 700 years… well, yea, not good.

    En iets verder:

    [/u/RexMundi000]  When the mongols sacked Baghdad it is said that the rivers ran black because the contents of all the library’s were thrown into the river. At the time Baghdad may have been the largest and most advanced city in the world.

    En dan een beetje verder antwoordt /u/jdryan08 op een andere manier:

    Echoing /u/cyridius below, the problem with your question is that it is firstly, anachronistic, and secondly, informed by a lack of understanding about what kind of place the Middle East even is today. I don’t mean to level a particular attack on the questioner, this sort of thinking is the product of a larger set of biases and racialist histories that have been stewing around in the west for more than a century. But I think it is particularly important to address obtuse questions like this head-on. The Islamic caliphates, such as they were, disappeared nearly a millenium ago. There is literally a thousand years of history that could explain any perceived deficit the societies of the Middle East may have in comparison to any other society. It would be just as foolish to explain such a thing as it would be to explain why since Christianity was founded in Palestine that there are more Catholics in Latin America today.

    En dan gaat het verder, en komen mogelijke andere factoren aan bod, en zijn er meningsverschillen en intelligente discussie, en aanraders voor interessante lectuur (Bernard Lewis’  What Went Wrong?: The Clash Between Islam and Modernity in the Middle East  klinkt alvast goed, bijvoorbeeld). Geen moddercatch, geen scheldtirades.

    * *     * Op weg naar en van het werk luister ik tegenwoordig naar In Our Time, een radioprogramma waar Melvyn Bragg elke week drie topexperten uitnodigt om te spreken over een onderwerp.

    Drie kwartier aan een stuk over iets. De meest recente aflevering ging over de uitvinding van de radio, met  Simon Schaffer, professor wetenschapsgeschiedenis aan de  Universiteit van Cambridge,  Elizabeth Bruton, die haar thesis schreef over “Beyond Marconi: the roles of the Admiralty, the Post Office, and the Institution of Electrical Engineers in the invention and development of wireless communication up to 1908“, en John Liffen, Curator of Communications in het Science Museum in Londen.

    Ja, dít soort experts dus.

    En de onderwerpen? Allerlei. Vandaag was ik aan het luisteren naar een programma over profeten in Oud en Nieuw Testament en Koran. Gisteren over de relativiteitstheorie (met Martin Rees  en Roger Penrose!). Daarvoor over Koningin Zenobia. En Gnosticisme. En IJslandse saga’s. Anton Chekhov. Het absoluut nulpunt. Romulus en Remus. Clausewitz’ Vom Kriege. Het Concordaat van Worms.  AbÅ« al-Rayhān Muhammad ibn Ahmad al-BÄ«rÅ«nÄ«.

    Drie. Kwartier. Aan. Een. Stuk.  Live, zonder opleuking of montage, rechtstreeks de ether in op Radio 4, en daarna rechtstreeks op het internet downloadbaar.

    Daar luisteren elke week twee miljoen mensen naar, in Engeland. En God weet hoeveel op het internet.

    * *     *

    En dan kom ik elders op het internet en lees ik een artikel over Roma in Gent, en ben ik beschaamd in de mensen hun plaats.

    In de plaats van Eric, zelfstandige ondernemer uit Antwerpen, bijvoorbeeld, die de Roma met een tank zou aanpakken (8x “vind ik leuk”!):

    Eric spreekt

    En in de plaats van Tom, die een My Lai-ke blijkbaar geen slecht idee zou vinden (7x “vind ik leuk”):

    Tom over de Roma

    Of Viviane, busbegeleidster bij de Stad Gent. Of Jan uit Oudenaarde (“Worked at het nieuwsblad, solvay, stad brugge”). Of Kris, of mensen met namen als “Mor Dan” (inspecteur bij MIVB, vroeger bewakingsagent Securitas) en “Knock Broekvent”:

    Vuv

    slimme mensen

    * *    *

    Ik weiger  te geloven dat die mensen  slechte  mensen zijn. Ze hebben ook huisdieren,    kinderen en kleinkinderen,  hobby’s  en al wat iedereen heeft.

    Maar ergens gaat er iets mis.

    En ik zeg niet dat het elders zoveel beter is, dat dank zij de BBC het Verenigd Koninkrijk een oase van beleefde en intelligente discussie is, of dat alles op Reddit even beschaafd is als /r/AskHistorians — natuurlijk niet.

    Maar het zijn wel dezelfde mensen. Daar ben ik van overtuigd. Plus of min wat goede wil, plus of min omstandigheden en kansen, plus of min veel zaken. Maar in de grond, op een zo minuscuul klein aantal uitzonderingen na dat het zelfs geen zin heeft om er ons over druk te maken, in de grond allemaal mensen die op een beschaafde manier zouden kunnen discussiëren, die wellicht ook geïnteresseerd zouden kunnen zijn in  zo’n programma als dat van Melvyn Bragg, die wellicht het potentieel hebben (of hadden)  om in zo’n programma te komen spreken over iets ze passioneert, of die de wereld op een andere manier rijker zouden kunnen maken.

    En neen, natuurlijk niet dat iedereen een interloktueel  moet worden, en dat het het hoogste goed is om mee te kunnen spreken over wetenschap en geschiedenis en filosofie en literatuur en kunst. Maar het moet wel mogelijk  zijn. Net zoals het mogelijk  moet zijn om te ontdekken dat je in feite heel graag hout bewerkt. Of smid zou willen worden. Of huisarts. Of advocaat. Of chauffeur.

    Ik lig daar wakker van, dat dat niet evident is. Dat kinderen al zo hard op voorhand gevormd en geboetseerd zijn, dat het zeer vaak al op voorhand verloren is.

    Dat er zo enorm gemoost  wordt met mensen en hun mogelijkheden. Dat alles alsmaar vereenvoudigd lijkt te worden, door de mensen die het eigenlijk zouden moeten duidelijk maken dat het niet  eenvoudig is.

    En dat ik de indruk heb dat niet echt veel mensen daar wakker van liggen.

  • Boeken: ik sta open voor suggesties

    Ik heb een aantal langeretermijnplannen voor boeken:

    1. De Horus Heresy-boeken uitlezen (divers auteurs, speelt zich af in het Warhammer-universum, 10.000 jaar vóór de gebeurtenissen van Warhamme 40K, gaat van echt slechte pulp tot echt aangenaam leesbare en degelijke pulp) — ik zit nu aan 15 boeken gelezen  van de 25.
    2. De Culture-boeken (her)uitlezen (Iain M. Banks, nooit minder dan zeer goed) — ik heb er tot nog toe vijf herlezen, nog vier en een reeks kortverhalen te gaan.  
    3. Les  rois maudits  (her)uitlezen (Maurice Druon, honderdjarige oorlog meets soap meets wreed wijs) — ééntje van de zes gelezen, en ik denk dat ik er dan Quand un roi perd la France ook bij doe, die heb ik nog niet gelezen.  
    4. Wheel of — nee, serieus, ik meen het, stop met lachen  — ik zei dus: Wheel of Time  helemaal lezen van begin tot einde. Ik denk dat ik het opgegeven had ergens bij boek zes, maar Brandon Sanderson heeft het einde geschreven, en Brandon Sanderson schrijft boeken die ik graag lees.  

    Daarnaast heb ik een klein aantal kortetermijnplannen voor boeken:

    1. Jared Diamond’s The World Until Yesterday: What Can We Learn from Traditional Societies?  uitlezen, omdat ik al die mens zijn boeken lees (ik zit al aan 20%, ahem).  
    2. David Foster Wallace’s The Pale King  lezen, want dat is mij aangeraden door deze mens, en ik vertrouw die mens als het op boeken aankomt
    3. Robert Eisenman’s The New Testament Code: The Cup of the Lord, the Damascus Covenant, and the Blood of Christ uitlezen, omdat ik eigenlijk wel  benieuwd ben hoe hij een vervolg breit aan  James the Brother of Jesus: The Key to Unlocking the Secrets of Early Christianity and the Dead Sea Scrolls  (hint: de titels zeggen veel over de manier waarop Eisenman schrijft — ik zit al aan pagina 130 van de 1120, en het is even rampologisch slecht geschreven als zijn voorganger, maar even grappig, vol inzichten en boeiendheid).
    4. Larry Niven en Jerry Pournelle’s  The Mote in God’s Eye  herlezen, omdat het al een half leven of meer geleden is.  
    5. StanisÅ‚aw Lem’s Fiasco  lezen, omdat ik dat nog niet gedaan had.  

    …maar eens die kortetermijnplannen achter de rug zijn, zou ik al moeten gaan zoeken. En dan val ik ongetwijfeld in gemakzucht: herlezen wat ik vroeger graag las, boeken lezen van mensen waar ik andere boeken goed van vond, dingen zoeken die ik wellicht goed zal vinden.

    Daar heb ik geen zin in, bedacht ik plots.  

    Dus ga ik op zoek naar aanbevelingen. Iemand suggesties? Iemand?  

    (Enige voorwaarde: dat ik het op een Kindle kan krijgen. Ik ga geen papier zonder ingebouwde leeslamp meezeulen, sorry.)

    Engels, Nederlands, Frans, Duits zijn okay.  Ik sta open voor alles, en ik beloof dat als ik eraan begin, ik het uitlees en een eerlijke kans geef. 🙂

  • Gelezen: Inversions

    …maar wat een opluchting, nog eens een goed boek te kunnen lezen. Een verhaal met een begin, een midden en een einde (en een proloog en een epiloog), met personages en emoties, met een wereld en alles.

    Iain M. Banks doet een Culture-boek dat geen Culture-boek is, met overal inversions. Het gebeurt wel degelijk af in het Culture-universum, met twee personages die van Culture komen, maar de twee verhalen worden verteld door niet-Culture-mensen. En die niets weten van ruimteschepen, andere planeten, of wat dan ook van technologie.

    Want het verhaal speelt zich af op een vaag laat-middeleeuwse wereld. Aan één kant Quience, de wat neurotische koning van Haspidus, die sinds een paar jaar een nieuwe lijfarts heeft, Vosill (een vrouw! ongezien!). Aan de andere kant, een halve wereld verwijderd, generaal UrLeyn, Eerste Protector van het Protectoraat van Tassasen, die net de vorige koning omver heeft geworpen en zeer voorzichtig ideeën die in de richting van vreemde dingen zoals mensenrechten en dergelijke probeert in te voeren, maar daarbij botst tegen de adel.  Hij heeft sinds een paar jaar een nieuwe bodyguard, DeWar.

    Vosill’s verhaal wordt verteld door haar assistent, die tegelijkertijd spioneert voor een mysterieuze “meester”, die in een samenzwering blijkt te zitten die het niet echt goed voorheeft met koning Quience.  DeWar’s verhaal wordt (blijkt in de epiloog) verteld door een concubine van UrLeyn.

    Ik vermoed  dat dit boek te lezen is voor wie geen andere Culture-boeken kent, maar het verandert de ervaring wel volledig. Vosill en DeWar zijn wellicht agenten van Contact, de “afdeling” van Culture die verantwoordelijk is voor, wel ja, contact met niet-Culture-samenlevingen. Ze zijn misschien al meer dan tweehonderd jaar oud en in perfecte gezondheid, ze hebben misschien al op dozijnen planeten geleefd in een hele reeks rollen en hoedanigheden, ze hebben de  kennis van duizenden jaren beschaving in het hoofd en misschien hebben ze wel geheime wapens — robots en zo.

    Dat maakt het allemaal bitterzoet, want als lezer weet ik dat ze bij wijze van spreken op elk moment in een vliegende schotel zouden kunnen stappen. En toch maakt het ze niet on-betrokken of cynisch: in tegendeel. Het zijn volledig meerdimensionale vlees-en-bloed-personages. Met gevoelens en een (gemeenschappelijk) verleden en dromen. Die onder meer worstelen met de manier van omgaan met werelden zoals die waar ze nu zijn: moeten ze ingrijpen om de zaken te proberen beter maken, of net niet?

    DeWar, aan de kant van de revolutionair, kiest ervoor om niet in te grijpen. Hij ziet dingen gebeuren en hij zou misschien  kunnen helpen, maar in zijn ethisch systeem kan hij het niet verantwoorden: acties kunnen ongekende consequenties hebben, en het is niet aan hem om de wereld te veranderen.

    Vosill, aan de kant van de koning, kiest ervoor om zeer, zeer subtiel in te grijpen. Bijna terloops brengt ze de koning waarden als respect voor niet-adellijke mensen bij, introduceert ze ideeën over geneeskunde en wetenschap.

    Eén van beide verandert “zijn” maatschappij, de andere ziet alles de verdoemenis in gaan. Eén van beide vindt persoonlijk geluk, de andere absoluut niet. Wie maakte de juiste keuzes?

    ‘t Is spannend, ‘t is ontroerend, ‘t is romantisch, ‘t zit slim in mekaar, het verhaal klopt als een bus: ik heb het met bijzonder veel plezier gelezen. Zeer aangeraden (maar dus niét als eerste Culture-boek).

    En verdju  dat Iain Banks dood is en geen boeken meer kan schrijven. Fuck.

    [van op Boeggn]