Een model van duidelijkheid. Proper gedaan.
Zo zouden alle dergelijke onderzoeken moeten afgesloten worden.
Tales of Drudgery & Boredom.
Een model van duidelijkheid. Proper gedaan.
Zo zouden alle dergelijke onderzoeken moeten afgesloten worden.
⁂
Euless Boss in het eerste deel van Southern Bastards is een slechte slechterik. Een mens voelt dat er meer achter zit dan wat er op de pagina staat, en in Gridiron krijgen we dat te zien.
En jawel, het heeft alweer met vaders te maken. De grootste droom van Euless Boss was om één van Running Rebs te worden, maar zijn familie heeft een minder dan goede reputatie en zijn vader is de ergste van al. Cue een al met al traditioneel verhaal, compleet met oude mentor erbij.
Het vleest Euless Boss uit, het geeft meer achtergrond, maar het voelt toch aan alsof het minder met de geplogenheden van het genre speelt dan het eerste deel. Een oude mentor okay, tot daar aan toe — de coach in Rocky, Yoda in Star Wars, Mr. Miyagi in Karate Kid, so far so monomyth — maar in het diepe Zuiden van de VS er een zwart van maken, en dan nog een blinde zwarte, da’s mij nét iets te veel in de magical negro-richting.
Maar bon. De tekeningen van Latour blijven uitstekend, en dit deel twee is een uitstekend opstapje naar deel drie, waar de dochter van Earl Tubb op het toneel komt. Yay!
⁂
Ah, heerlijk. Een boek dat gemaakt is om te beluisteren, en om van te genieten. Jawel: audioboek! Er zijn mensen die er absoluut niet van moeten weten, maar dat zijn mensen die verkeerd zijn. Wij zijn gemaakt om verhalen te vertellen aan mekaar, en er is iets visceraal anders aan een voorgelezen verhaal, dat er niet is als je het zelf leest.
Als ik zelf lees, dan is dat tegen wil en dank aan tweehonderd per uur, kan ik bijna niet stil staan, wil ik altijd vooruit, verder, het vervolg weten. Voorgelezen is dat niet mogelijk. Is het de auteur die beslist, niet ik. En voor sommige verhalen is dat meer dan de moeite waard: Gormenghast is er één van, en Simon Vance zet het kasteel en zijn bewoners magistraal neer. Meer nog: Gormenghast is beter als het door Simon Vance voorgelezen wordt dan als ik het zelf lees.
Mervyn Peake is de anti-Tolkien: geen draken, geen magie, geen kaart die landmark voor landmark afgegaan wordt, en jawel, geschreven in 1946 maar niéts clichématigs. Het is de reis die belangrijk is, niet de bestemming. Euh, niet dat er een reis of een bestemming is in Titus Groan, wegens iedereen blijft in de buurt van het kasteel, maar toch.
Sepulchrave is de 76ste graaf van Groan. Hij heeft zich er al jaren bij neergelegd dat hij van zijn geboorte tot zijn dood geleefd zal worden, met een ritueel voor bijna elk uur van elke dag van het jaar en met precedenten voor al wat er ooit zou kunnen gebeuren. Zijn vrouw, Gertrude, heeft schijnbaar alleen oog voor haar legioen witte katten, en voor de dozijnen vogels die ze voortdurend rond haar heeft. Hij heeft een dochter van 15, Fuchsia, die zowat alleen in haar eigen wereld leeft en nog het meest contact heeft met de quasi-demente Nannie Slagg, al generaties lang kinderverzorgster. Dan zijn er nog de twee zussen van Sepulchrave, de tweeling Cora en Clarice: jaloers op Getrude en de wereld, willen de macht veroveren zonder eigenlijk goed te begrijpen wat ‘macht’ is, en en zonder eigenlijk om het even wat goed te begrijpen.
Het kasteel van Gormenghast is een microcosmos waar jaar na jaar quasi niets verandert. En dan, om het met de krantenkoppen van de laatste jaren te zeggen, gebeurt dit.
In de gigantische keukens van het kasteel, waar de al even gigantische Swelter de plak zwaait, is de zeventienjarige Steerpike het zodanig beu dat hij ontsnapt. Op de dag dat Titus geboren wordt, de zoon van Sepulchrave en Getrude, en dus de toekomstige 77ste graaf.
Steerpike werkt zich in het leven van Fuchsia en van de tweeling, en wordt de helper van Dr. Prunesquallor, de dokter van het kasteel.
Verandering! In een wereld die niet kan omgaan met verandering!
Ik vind dit een heerlijk boek. Fantastisch. Wondermooi van taal, hilarisch grappig en diep ontroerend bij momenten, verschrikkelijk spannend ook. Oh, en ik heb het niet eens gehad over mijn favoriete personage: Flay, waarschijnlijk de meest onveranderlijke van alle onveranderlijke mensen in het kasteel (denk Christopher Lee op zijn droogst), die pas begint te leven als hij noodgedwongen moet veranderen. Meesterwerk.
(Fair warning: er zijn mensen die zot zijn van Gormenghast, en dan zijn er mensen die Gormenghast haten. Ik denk niet dat er veel mensen zijn die ergens tussenin zweven, zo van “mwofja, niet slecht maar ook niet goed”.)
⁂
Ze zijn zo lief voor de N-VA meneer | Salon van Sisyphus
Jarenlang stonden de redacties , alle redacties, onder politieke druk. Vandaag de dag zijn de redacties daarvan bevrijd maar hun pas verworven vrijheid hebben ze zelf verkwanseld. Ze hebben de politieke druk vervangen door een commerciële. Zoals toenmalig hoofdredacteur Siegfried Bracke het ooit zei tegen zijn onderhorigen : “steek Filip De Winter in uw uitzendingen, dat is goed voor de kijkcijfers.” Vandaag doen Bracke’s opvolgers hetzelfde met zijn huidige partijvoorzitter.
Waarom is het gemakkelijker om een linkse mens rechtser te maken dan omgekeerd? – België – Knack.be
Angst maakt ons in elk geval conservatiever. Dat lees ik weer in The Republican Brain van Chris Mooney. 'Je kunt liberals gemakkelijk conservatiever maken', schrijft hij. 'Niet met argumenten, maar door hen bang te maken of dronken te voeren.' De verklaring zou in beide gevallen dezelfde zijn: angst en alcohol remmen het complexe denkvermogen af
De VRT is onpartijdig genoeg, dank U. | Jan Blommaert (en z’n gedachten)
Is het zo moeilijk om de betoging en de staking te zien als vormen van conflict waarin diverse partijen tegenover mekaar staan met diametraal tegengestelde belangen? En als onderdeel van een groot proces van sociale en politieke strijd waarin voorvallen niet op zich, maar in relatie tot mekaar gezien moeten worden? En is het zo moeilijk toe te geven dat men zich doodwerkt op zinloze thema’s zoals peilingen, terwijl datgene wat mensen echt iets over hun samenleving leert verwaarloosd wordt, of herleid tot amusement en geweld? En als dit zo moeilijk is, is dat dan zo moeilijk toe te geven? Het is nochtans best dit te doen, aangezien de eenzijdigheid van deze berichtgeving moeilijk te weerleggen is. Enkel wanneer men de ziekte identificeert zal men de remedie vinden, zegt mijn boerenverstand. Begin er eens aan, mijn geliefde VRT-journalisten.
The Fascinating Life and Tragic End of the Polish Countess Who Became a Heroic British Spy
Krystyna Skarbek was said to be “Winston Churchill’s favorite spy;” she led an extraordinary life that peaked with clandestine acts of heroism during World War II—and ended tragically just a few years later. Six decades after her death, a biopic is said to be in the works. It’s about time.
⁂
Er is een eerste keer voor alles:
Wat vooraf ging: het plan was om tongscharren te vullen met king crab en duxelle. Tongschar kuisen en fileren, ik had dat nog niet gedaan en ik zag dat helemaal zitten. Moeilijk is dat niet: kop afsnijden, met een scherp mes het vel aan de onderkant bovenaan wat losmaken, vastpakken met een handdoel (wegens glibberig), de rest van de vis tegenhouden en trekken, voortdurend herpakken, en trekken. Daarna omkeren en aan de bovenkant hetzelfde doen.
Het liep al een béétje mis bij de demonstratie: de chef had een exemplaar vast dat niet meer zo vers was (understatement), waardoor het vlees helemaal meekwam met het vel. Maar goed, niet getreurd, ik zet mij aan het visstation en een half uur of zo later zijn een stuk of negen of tien tongscharren gekuist. Tijd om te fileren.
Dat lukte wel, maar het voelde toch allemaal wat papperig aan, en het overdreef ook niet in fris ruiken. Hier en daar was er wel een vis die min of meer mee wou werken, maar het overgrote deel was toch vechten tegen een wakke, niet zo goed riekende pap. Ik naar de chef, en ahem ja: onbruikbaar. Niet vers. Wegkappen.
’t Zijn dingen. Ik heb dan maar een plateau vol coquilles gedaan.
Voor de rest: ik ben deze keer slim geweest en ik heb het voorgerecht niet opgegeten en zelfs niet van geproefd. Er was mij nochtans verzekerd dat het heerlijk was: Mosselen, pittige tomatensalsa, kruidenmayo.
Maar wat mij betreft vooral: gember en dus migraine en dus no go.
Nee, het was geen goede dag voor mij: met eerst boven die niet-meer-verse-vis te hangen en dan nog een stapel coquilles gekuist te hebben, met die weeë zilte geur die wel meevalt als het er maar één is, maar die serieus begint tegen te steken als het er enorm veel zijn, had ik nul goesting in het hele hoofdgerecht. Voorzien was : tongscharren gevuld met King Crab en champignons. Geworden is: sint-jacobsschelpen met king crab in duxelle van champignon, shii-take en dooierzwam, met een mousselinesaus:
Het dessert dan maar? Daar geen klachten, gelukkig: een ijssouflé van Bayleys, een Bayleys-marshmallow met wat citroenzuursel op, vanilleschuim, en een versiering van gefrituurde glasnoedels en een stuk getemperde chocolade met cocos:
Vivement volgende week.
⁂
lk was aan het kijken naar YouTube en er kwam reclame. Van die reclame die ik normaal direct oversla, maar om de één of andere reden bleef ik toch kijken. En toen klikte ik door en kwam ik hier op terecht.
⁂
Ik kwam gisterenavond thuis van de les en Sandra zei mij dat iemand haar gemaild had dat mijn website weg was, en dat ze mij niet kon mailen omdat mijn adres niet meer werkte.
Wohow! Paniek! Zou mijn zog.org-domeinnaam verlopen zijn en zou ik het niet gemerkt hebben? Mijn hart sloeg een aantal slagen over — de tijd om een whois te doen, en te zien dat (oef!) mijn domeinnaam wel degelijk nog altijd van mij is, tot zeker ergens in 2017.
’t Is al bijna twintig jaar dat er geen enkel probleem is met die domeinnaam: het is geleden van die keer dat Network Solutions mijn gegevens kwijtgeraakt was in 1997 en ik mijn identiteitskaart moest opsturen naar de Verenigde Staten om het domein dat ik toen al een paar jaar had, terug op min naam te krijgen.
Tweede stap: gaan kijken of ik ergens een factuur aan de ene of de andere niet betaald zou hebben. Ik zag een factuur staan die in augustus had moeten betaald geworden zijn maar waar ik niet zeker van was.
Mailtje naar hostingbedrijf, om 23u30. Mail terug om 0u13 met onder meer “Due to nameservers IP conflict, your website is not working properly. I am transferring this ticket to Engineering department for further assistance.” Mail om 1u27: “Sorry for the inconvenience caused. We are investigating the reported issue on server and will update you once we have further information on it, till then you kind patience are appreciated.” Mail om 2u10: “We have resolved the issue for the DNS mapping on server and now website http://zog.org/ is working fine. Please affirm the same.”
Pfieuw. Spannend wel.
⁂
Craw County, home of the 5-time state 4A football champion Runnin’ Rebs. Waar choach Euless Boss de wet is, en de hele stad naar zijn pijpen danst.
Earl Tubb keert na veertig jaar terug naar zijn geboortedorp: zijn vader die hij haatte is al jaren dood, maar nu ook de broer van zijn vader naar een tehuis gaat, staat zijn ouderlijk huis leeg. Earl komt de zaken afhandelen.
En dan loopt het mis: in de locale diner (Boss’ BBQ, ha), ziet Earl een kerel schijnbaar ongestraft een andere aanvallen, en hij grijpt in. Wat géén goed idee is:
Earl neemt voor hij het goed beseft de mantel op van zijn vader, de ex-sheriff van Craw County, en komt uiteraard in conflict met Coach Boss. Maar ondertussen komt hij ook zichzelf tegen, zijn vader, zijn verleden, en zijn uiteindelijk onvermijdelijk lot.
Vaders en zonen, leven in een gat in Alabama (maar op de couleur locale na kon het pakweg Bevergem zijn of om het even welk klein dorp waar iedereen iedereen kent en allerlei dingen gebeuren en niemand spreekt), en hoe een mens kan verhuizen maar nooit echt zijn geboorteplaats verlaat: zowel schrijver als tekenaar komen uit gaten in het Diepe Zuiden, en ze weten duidelijk waar ze het over hebben.
Geen clichés, geen redneckpastiche, maar écht.
En qua ontknoping kan het tellen: geen idee waar het vervolg over zal gaan. Ik weet wél dat ik het zeker lees.
⁂
In Phonogram schreef Kieron Gillen over hoe mensen interageren met kunst (in casu muziek), hoe kunst ze inspireert, verandert en uiteindelijk vernietigt. Het ging niet echt over kunstenaars, behalve dan als concepten in het hoofd van de ‘consument’. The Wicked + The Divine kijkt naar de andere kant: het gaat voornamelijk over de mensen die kunst maken, en meer specifiek over het traject dat ze afleggen, de keuzes, compromissen en zooi die ze onderweg maken, de mensen die ze tegenkomen, en hoe ze elkaar helpen of net kapotmaken.
Als Phonogram Kieron Gillen was die probeerde te achterhalen waarom hij zo van kunst houdt, is The Wicked + The Divine een tien jaar oudere Gillen die wil weten waarom hij kunst maakt, en waar het hem gebracht heeft.
Oh, en voor het verhaaltje: elke 90 jaar worden twaalf goden in mensen geïncarneerd. Ze worden geliefd. Ze worden gehaat. Ze sterven twee jaar later. Ze hebben er niet zelf voor gekozen, ze hebben wel de herinneringen van hun vorige incarnaties, maar ze nemen ook de bagage mee van de mensen die ze nu zijn (of beter: waren).
Weinig of geen expositie, ’t is zowat allemaal door de lezer in te vullen. Bijna klinisch getekend, maar wel zeer mooi (Kieron & McKelvie, dat zijn ook de mensen van Young Avengers!). Het is een ongoing, wat wil zeggen dat het niet gedaan is en gewoon verder gaat, maar het heeft wel degelijk een begin, een midden en een einde, verzekert Gillen ons. As we speak moet nummer 15 uitkomen; The Faust Act (spot de woordspeling, maat) is nummer 1-5, deel 2 (6-10) kwam ook net uit. Ik weet wat gelezen.
⁂
Wohow.
⁂
Voilà, dat hebben we ook achter de rug zie: de briefing voor de uitwisseling met de school. Zelie gaat ergens in maart naar Barcelona bij de familie van een meisje van haar leeftijd logeren, en euh eind volgende week komt dat meisje een week bij ons wonen.
Spannend!
Het was allemaal redelijk laatsteminuut: we weten pas sinds donderdag dat Zelie mee mag, maar dat maakt nu niets meer uit. Barcelona! Gaudí! En al!
⁂
De (eerste) Death Star is vernietigd door rebellen. Keizer Palpatine legt de verantwoordelijkheid daarvoor grotendeels bij Darth Vader, die gedemoveerd wordt en een handler aan zijn zijde krijgt. Grand General Tagge wordt de nieuwe sterke man van het keizerrijk (Vader: “Tarkin had vision. You have graphs.” Tagge: “I have graphs and the command.”)
Maar Vader heeft een vreemde aanwezigheid gevoeld in de slag bij Yavin, en gaat achter de rug van de keizer op onderzoek.
Ayep: de Darth Vader-comic van Marvel neemt de draad op nét na de eerste film (A New Hope, nummer IV, whatever). En zeker, er wordt gevochten en er is avontuur en alles, maar veel belangrijker: we krijgen een inkijk in het meest interessante personage van heel Star Wars.
Het begint bijna volledig parallel aan Return of the Jedi: Vader op Tatooine, paleis van Jabba the Hut, wachter dood, voorbij Bib Fortuna, vóór Jabba — bijna beeld voor beeld hetzelfde als wat Luke Skywalker doet. Tot we het verschil zien tussen een Jedi en een Sith, natuurlijk. Verder in de eerste boeken zijn er ook nog (onvermijdelijk, vermoed ik) een hele reeks scènes die bijna screenshots zouden kunnen geweest zijn van de films, maar dat gaat er redelijk snel uit, eens we helemaal in het universum zitten.
We krijgen een soort Indiana Jones-achtige (vrouwelijke) Aphra, en twee fantastische tegenhangers van R2-D2 en C-3PO, BT-1 en Triple Zero. De eerste ziet er als een astromech uit maar is eigenlijk een vermomde assassin droid, de tweede is wel degelijk een protocol droid, maar gespecialiseerd in marteling. Whee!
Fijne verrassingen en nevenplots, allemaal goed en wel, maar komen we te weten hoe Vader er achter komt dat de keizer hem voorgelogen heeft over Padme, en dat hij een zoon heeft? Jazeker, uiteraard. Hét sleutelmoment waar heel de originele trilogie kantelt: zonder woorden, met flashbacks naar Attack of the Clones en Revenge of the Sith, met de prachtige beelden van Larocca en Delgado. Het verdriet, de gemiste kansen, de woede — zeer uitstekend gedaan.
Ik kijk alvast uit naar het vervolg.
Misschien verwant:
⁂
We waren met minder volk dan anders, en het is toch allemaal redelijk verlopen. Wel niet veel tijd voor foto’s gehad: voor het voorgerecht waren we maar met twee, en het was voortwerken geblazen.
Er was mij op voorhand gezegd dat het onnoemelijk verschrikkelijk zeer lekker zou worden, en ik vond het inderdaad de moeite, maar om meteen het allerbeste ooit te zijn? I dunno.
Hét probleem was: panna cotta, die maar een kleine drie kwartier krijgt om op te stijven, da’s niet zo’ goed idee. Minstens vier uur zou ideaal geweest zijn, maar die waren er niet.
Het resultaat:
Panna cotta van bloemkool met gemarineerde scampi: twee cilinders panna cotta, twee cilinders scampimousse, schijfjes appel, schijfjes radijs, currymayonaise, gebakken gemarineerde scampi.
Erm. Als ik er aan terugdenk: eigenlijk helemaal niet slecht, en er kan veel op voorhand gemaakt worden. Misscjien eens voor familie maken, denk ik.
Het tweede voorgerecht was een aangename verrassing: (zeer) pittige gazpacho, met daarin tartaar van zalmforel, en trostomatensorbet–een soort Bloody Mary dus. Met een ringetje van brood erop.
Het hoofdgerecht vond ik deze keer wat minder naar mijn goesting. Het waren deze kerels:
…rivierkreeften, door Sandra vakkundig (levend) van hun darmkanaal ontdaan, en pladijs, gefileerd, als hoofdingrediënten:
En in het totaal, was het pladijsfilet met rivierkreeftje, gesmolten prei, auberginepuree, cantharel, kalfsjus met zwarte truffel:
Mja. I dunno.
⁂
Thuis werken, dat is een gemak. Het enige is: op het netwerk van het werk geralen, en dan maakt het niet uit of ik in mijn bureau op het werk zit of in mijn trekzetel thuis.
En toch. Het heeft uiteindelijk drie kwartier geduurd voor ik vanmorgen op de SQL Server-computer bij Amazon zat.
VPN: een groot gemak, tot het niet werkt. “There are no TAP-Windows adapters on this system” loog Windows 10 mij deze morgen toe, de smeerlap.
En als ge dan vergeet dat er een IP-beperking op die Amazondink zat, dan maakt het ook niet veel uit dat er na veel vijven en zessen alsnog een TAP-adapter geïnstalleerd was geraakt.
Maar bon. Maandag verder, dus.
⁂
Why Kindergarten in Finland Is All About Playtime (and Why That Could Be More Stimulating Than the Common Core) – The Atlantic
“[Children] learn so well through play. They don’t even realize that they are learning because they’re so interested.” When children play, Osei Ntiamoah continued, they’re developing their language, math, and social-interaction skills. A recent research summary “The Power of Play” supports her findings: “In the short and long term, play benefits cognitive, social, emotional, and physical development…When play is fun and child-directed, children are motivated to engage in opportunities to learn,” the researcher concluded.
Surprisingly Turing-Complete – Gwern.net
Turing-completeness (TC) is the property of a system being able to, under some simple representation of input & output, compute any program. TC, besides being foundational to computer science and understanding many key issues like “why a perfect antivirus program is impossible”, is also weirdly common: one might think that such universality as a system being smart enough to be able to run any program might be difficult or hard to achieve, but it turns out to be the opposite and it is difficult to write a useful system which does not immediately tip over into TC. It turns out that given even a little control over input into something which transforms input to output, one can typically leverage that control into full-blown TC.
What Old Age Is Really Like – The New Yorker
What does it feel like to be old? Not middle-aged, or late-middle-aged, but one of the members of the fastest-growing demographic: the “oldest old,” those aged eighty-five and above? This has been the question animating me for a couple of years, as I’ve tried to write a novel from the perspective of a man in his late eighties.
The Pointless Cowardice of John Boehner – The New Yorker
The mainstream reaction to the forced resignation of John Boehner as the Speaker of the House has been a kind of weary admiration. He fought the good fight against the extremists in his Republican caucus, the narrative goes, but his solid Midwestern virtues (he’s from Ohio) were ultimately no contest for the extremism of the Tea Party. This interpretation is far too generous to Boehner, whose failures, political and substantive, were due mostly to cowardice. The tragedy of Boehner is that he could have been a great Speaker, even on his own terms, but instead his legacy is one of almost complete failure.
⁂