• Digitaal

    Geen enkel bezwaar tegen digitaal dingen doen hé, verre van. Als ik tegenwoordig snelle tekeningen maak, is dat meestal in Figma of iets gelijkaardigs, maar zelfs als het high level en conceptueel is, zonder enige inhoud of niets, blijft het er wel enorm definitief uitzien naar mijn goesting:

    Soms haal ik wel nog eens mijn pen boven en teken ik op de computer, maar dat is echt maar voor zeer snelle schetsen tijdens een meeting of zo — tegenwoordig met Figma is het meestal veel sneller om het direct daarin te doen:

    De reden dat ik hier aan denk, is dat ik deze namiddag iets moest inscannen. Dat gaat met de scanner naar een folder op OneDrive: toen ik die folder opendeed zag ik ingescande dingen van de jaren 1990 tot nu. Het was ineens helemaal nostalgie naar tekenen in kleine boekjes, met mijn neus op het blad:

    Dat eerste tekeningetje was voor Jur@, dat tegenwoordig gewoon Jura is. In 1997, toen het nét mogelijk was om frames te gebruiken in HTML. Tegenwoordig is allerlei mogelijk natuurlijk, maar toen was het revolutionair, dat we vaste navigatie bovenaan en/of links zouden kunnen houden, terwijl inhoud zelf zou kunnen scrollen.

    Ah, memories.

    Ook wel grappig om zien dat het allemaal computerwebbrowserschermen zijn, die tekeningen. Die date picker is de meest recente die ertussen zit, de rest is allemaal meer dan 17 jaar oud. Het is bijna ondenkbaar dat de allereerste aanpak van een website nu niét ook met mobiel in het achterhoofd zou zijn, maar dit zijn dus dingen die dateren uit de tijd dat WAP nog niet over vochtige muizen ging.

  • Rearranging the deck chairs on the Titanic

    Het is geen eenvoudig probleem, grote projecten. Dan werkt ge jaren aan een bepaald iets, en is het nooit mogelijk om de zaken écht grondig aan te pakken. Want “we zitten niet in dat soort fase” en “nu gaan we alleen incrementeel werken” en “ooit komt er een groot nieuw project en dán gaan we alles ten gronde aanpakken”.

    Maar nu doen we even evolutie en geen revolutie. Allemaal goede ideeën die hier naar boven worden gebracht, maar in het huidige frame gaat dat niet lukken, houd het voor als we de dingen later eens helemaal gaan herbekijken.

    En dan is het moment gekomen om het allemaal eens echt grondig blue sky thinkinggewijs te gaan herbekijken — en dreigt het uiteindelijk toch weer allemaal werk in de marge te worden. Want er zijn structuren, en er zijn nu eenmaal beperkte middelen, en er zijn nu eenmaal mensen, en er zijn nu eenmaal risico’s die we niet kunnen lopen. We kunnen niet doen alsof we van nul af aan gaan beginnen, want we kunnen niet van nul af aan beginnen.

    Ik denk dat het zo ook is in de politiek in België. Een klein kind ziet dat de situatie totaal verrot is. De partijen die er zijn, zijn vlaggen die soms alleen maar in de hoofden van hun eigen mandatarissen en een handvol militanten de lading nog dekken.

    Ik zeg maar iets: de socialisten. Vooruit, in Vlaanderen. Waar staat dat in principe voor? Ik zeg niet in de praktijk, maar in principe. Is dat écht zo enorm hard verschillend van waar PVDA voor staat? En CD&V? En Groen? En, eigenlijk, een groot deel van VB en N-VA en OpenVLD?

    We leven allemaal in een land dat gevormd is door jaren onderhandelen en compromissen; het zou me niet verbazen als in grote lijnen 85% van alle partijprogramma’s totaal overeenkomen. En dan gaan we die kleine verschillen in de marge wat opblazen om toch nog het verschil te maken — nog wat méér als het verschillen op links zijn: links heeft een enorm lange traditie van elkaars ergste vijand te zijn.

    Terwijl er veel grotere verschillen en kloven zijn in ons land: zoals in elk land ter wereld de spanning tussen grote stad (wat dat ook betekent in België) en al de rest, om maar één ding te noemen.

    Waar zitten de Norberts De Batselier en de Mauritsen Coppieters van de jaren 2020? Het Sienjaal was niet noodzakelijk 100% mijn ding, maar het had tenmiste de verdienste dat het méér deed dan wat rondschuifelen met de ligstoelen terwijl de Titanic vergaat.

  • Ik ga het maar meteen zeggen: ik haat chatbots.

    Ik haat het dat bedrijven of instellingen hun klanten of bezoekers het idee geven dat er een echte mens met hen aan het spreken is terwijl dat niet het geval is.

    Hallo ik ben Eva/Tom/Zippy hoe kan ik u helpen?

    Neen, ge zijt niet Eva/Tom/Zippy, ge zijt een dom algoritme dat ELIZA-gewijs hier en daar een trefwoord oppikt en dan probeert een antwoord uit uw database te halen.

    In het beste geval zijt ge een vermomd formulier:

    Hallo hoe kan ik u helpen?

    En onvermijdelijk, onvermijdelijk, eindigt het in

    Sorry ik begrijp niet wat u bedoelt ik verbind u door met onze klantendienst.

    of in het beste geval met

    Dankuwel ik verbind u door met onze klantendienst.

    En al de interactie gebeurt in een klein venstertje onderaan rechts in uw scherm, om te doen alsof het een échte mens is die met u aan het spreken is in een écht Messenger of Whatsapp of Watdanook-venster.

    Houd de mensen toch niet voor de zot, geef ze een proper gelayout formulier in gewone mensentaal, dat u niet verplicht om als een getrainde circusaap door allerlei hoepels te springen en te hopen dat ge de juiste trefwoorden hebt gebruikt.

    Formulieren kunnen ook vriendelijk zijn, en goed geschreven, en rijke interacties hebben. Formulieren kunnen ook conversationeel zijn en informatie degelijk chunken.

    Grr.

  • Geveld!

    Mijn vrouw is geveld door de Covids! Oh noo! Wat nu?!

    Ze zit in quarantaine, maar ik ben er vet mee als ik daarnaast moet slapen natuurlijk — we hebben geen plaats op overschot.

    Het eerste gevolg is alvast dat het géén goed idee is om binnen een paar dagen naar de controlekamer te gaan op het werk, waar ze hoegenaamd niet zitten te wachten op welk risico dan ook van besmetting.

    Urgh. Spannend. Zien of ik het ook krijg. ’t Zou wel stom zijn natuurlijk, zo in de nasleep van de hele pandemie.

  • Telenet en SSL: wat een miserie

    Mijn moeder krijgt een angstaanjagende mail van Telenet, dat ze SSL zal moeten aanzetten of ZE ZAL ALLES VERLIEZEN!!!

    Momenteel gebruik jij nog altijd de onveilige instellingen, waardoor je vanaf 25 maart 2022 toegang tot je mailbox verliest.

    Mijn moeder weet het verschil niet tussen Gmail, Microsoft, Telenet, webmail, Outlook of Google. ’t Is te zeggen, natuurlijk weet ze wat het verschil is, maar het is niet helemaal duidelijk dat Outlook de mail van bij Telenet gaat halen, dat er zoiets bestaat als POP3 en IMAP, dat SSL een ding is, etc. etc.

    Gelukkig “helpt” de mail van Telenet haar verder: onder de titel “Hoe beveilig ik mijn mailbox?” staat het in vier enórm eenvoudige stappen uitgelegd:

    1. Open je e-mailprogramma (Outlook, Apple Mail, Android Gmail, …).
    2. Ga naar de instellingen van je Telenet-mailadres.
    3. Bij beveiliging vink je ‘SSL’, ‘TLS’ of ‘SSL/TLS’ aan. (De exacte benaming hangt af van e-mailprogramma.)
    4. Klaar! Je mailt nu veiliger én behoudt gewoon toegang tot je mailbox.

    Echt serieus. Vier stappen, waarvan de tweede en de derde compleet nutteloos zijn: hoe moet zij weten waar “de instellingen van je Telenet-mailadres” staan? En hoe behulpzaam is een stap die zegt “vink A, of B, of C aan, de naam hangt af van het programma”?

    Mijn moeder was in paniek, kwam daar nog eens bij dat haar computer semi was vastgelopen met wat schermcorruptie waardoor het er uitzag alsof er een virus haar Outlook letterlijk aan het opvreten was, enfin, ik ben ter plaatse afgestapt.

    Natuurlijk staat er meer bij, in de mail:

    Vind je de juiste instellingen niet terug? Je vindt alle details van jouw e‑mailprogramma op telenet.be/pop3.

    En daar is het inderdaad duidelijker uitgelegd, maar de miserie was nog niet opgelost.

    Want eens ik de settings had aangepast (het is inderdaad gewoon een vinkje aanklikken), gaf Outlook de boodschap dat het certificaat van Telenet ongeldig was. Ik heb de juiste foutboodschap niet genoteerd, maar ’t was zo’n typische van “certificaat niet geldig”. Gebeld naar de support van Telenet, waar er een zoals meestal vriendelijke mens aan de lijn was, maar helaas: ook een mens die denk ik niet echt wist wat een certificaat is, of hoe “SSL, TLS, of SSL/TLS” eigenlijk werkt. Zijn tip om het probleem niet meer te hebben: lees uw mail via webmail.telenet.be.

    Jaja.

    Zeer goed.

    Dankuwel daarvoor. Geef gewoon door aan uw organisatie dat het certificaat niet werkt, en dat ik op Windows 10 zit met een standaard Outlook.

    (Mijn moeder had daarvoor al gebeld naar support, maar omdat ze de juiste vragen niet stelde, had ze de raad gekregen om over te stappen naar webmail.telenet.be omdat Outlook alle mail zou verwijderen vanaf 25/03, en dat de enige manier om dat de vermijden was: alle mails op een USB-stick zetten, en dan, euh, overstappen op webmail.telenet.be, en dan, euh, vermoed ik, de mails op de één of andere manier van die USB-stick weer op de computer zetten. The mind boggles.)

    Er is een heel klein aantal mensen die weten hoe die dingen in mekaar zitten, vrees ik. En op mensen die daarvoor gestudeerd hebben na, bevindt die groep mensen zich in een relatief kleine leeftijdsgroep: alles wat ouder is, maar ook alles wat jonger is, heeft geen flauw benul van hoe de dingen waar ze elke dag op werken, eigenlijk werken.

    Daar is niets op tegen, in principe, als het allemaal gebruiksvriendelijk genoeg zou zijn. Maar dat is het dus manifest niét. En als het dan fout loopt, loopt het heel erg zwaar fout.

  • Boys over Flowers

    We gaan daar eerlijk in zijn: het is géén goeie serie, Boys over Flowers. Geen 16 maar 25! afleveringen van een half uur. Het begint veelbelovend, met Geum Jan-di, een meisje van arme komaf, dat een student aan een verschrikkelijk dure middelbare school redt van zelfmoord. Om het blazoen van de school wat op te poetsen, krijgt ze een studiebeurs aan die school aangeboden.

    Waar ze meteen in aanraking komt met de gevreesde F4 (eppupo in het Koreaans, het blijft grappig hoe ze omgaan met de letter f). F4 zijn vier stinkend rijke kerels, die verafgood worden door iedereen op school:

    • Gu Jun-pyo, erfgenaam van de Shinhwa-groep, zo ongeveer het rijkste bedrijf van Korea. Zijn vader is overleden (denkt hij) en zijn moeder is een gemene feeks. Jun-pyo is denk ik van vér het meest irritante hoofdpersonage in een serie tot nog toe: agressief, manipulatief, gemeen, bah.
    • Yoon Ji-hu: 99% van de tijd in het wit gekleed, met een vreemd helmachtig lang blond kapsel, en zó diep in de friendzone met Jan-di dat het belachelijk is.
    • So Yi-Jung: 99% van de tijd met een mysterieuze glimlach. Hij doet iets met pottenbakken, en op een bepaald moment doet hij zijn hand pijn en kan hij niet meer pottenbakken. Hij wordt dan verliefd op Chu Ga-eul, de beste vriendin van Jan-di.
    • Son Woo-bin, waarvan de familie zwaar in de organiseerde misdaad zit. Ik moet hard nadenken wat eigenlijk zijn bijdrage was, behalve vierde of vijfde wiel aan de wagen.

    Afijn, Jan-di wordt hard gepest op de school, weigert toe te geven, bladiebla, Jun-pyo (de baas van F4) wordt een beetje verliefd op haar en zij ook op hem, en dan is er nog Ji-hu ook verliefd is op haar en zij op hem.

    Dat ging naar mijn goesting véél te snel: nauwelijks een paar afleveringen ver en ze zaten al met z’n alles op het tropische eiland van Green Screen En Windmachine, en het enige conflict dat overbleef was over Jan-di voor de gemene Jun-pyo dan wel voor de lieve Ji-hu zou kiezen.

    En Jan-di is zeer sympathiek, maar zó dom en naïef, ge houdt het niet voor mogelijk. Werkelijk elke val waar ze ook maar in kan trappen, trapt ze in. Ze eindigt begot zelfs bijna in een porno-shoot.

    Na het begin volgen gelijk vijftien afleveringen pure hel: traag, aanslepend, saai drama. Waar weinig of niets gebeurt. Het begint allemaal weer wat vooruit te gaan in de laatste vier vijf afleveringen, maar voor één keer is het niét allemaal opgelost in de voorlaatste aflevering. Erger nog: in de allerlaatste aflevering loopt het allemaal een beetje en queue de poisson af.

    Niét aangeraden.

    Tenzij om te kunnen zeggen dat ge er u door hebt geworsteld, natuurlijk. Bragging rights!

  • Ongoddelijk

    Er is voorlopig een nieuwe wekelijkse meeting bijgekomen in mijn kalender: om acht! uur! ’s morgens!

    Dat is een ongoddelijk vroeg uur. Maar bon, wakker worden om 7u50 na vijf uur slapen of wakker worden om 8u50 na vijf uur slapen, dat is min of meer hetzelfde, dus hey.

  • Ack, oei, ai

    Een kleine week heeft het geduurd: onmetelijk veel pijn in mijn rug.

    Jaja, ik weet het, mannen en pijn, bladiebla. Allemaal goed en wel: ik kon haast niet rondlopen, neer gaan zitten of recht gaan staan, en als ik in mijn bed lag, kon ik mij niet op mijn andere kant leggen.

    Maar hey, nu is het min of meer aan het over gaan.

    Ik voorzie dat het tegen het weekend in orde zal zijn. Een gemak. En kijk: ik ben niét naar een dokter moeten gaan. De meeste dingen gaan vanzelf over, behalve de dingen die niet vanzelf over gaan natuurlijk.

    (Het probleem van ouder worden: u elke keer afvragen is wat ik nu voel voor de rest van mijn leven? Niet deze keer, dus.)

  • Hoezee voor Power BI

    Power BI is zo één van die dingen waar ik om de zoveel tijd weer eens bij uitkom. Vandaag had ik een meeting met mensen die voor ons iets aan het maken zijn in Power BI, en ik had direkt weer goesting om zelf ook nog eens iets in mekaar te steken.

    Zo gezegd, zo gedaan. Met de cijfers en de gegevens wat geblurd ziet het er zo uit:

    Dat toont nuttige dingen, dat doet zaken die nodig zijn, en dat doet het zoals een mens zou verwachten dat ze gedaan zouden worden.

    En aangezien ik maar om de zoveel tijd eens Power BI opstart, zijn er altijd wijze nieuwe dingen om mee te spelen — zoals deze keer iets waar ik al heel lang naar uitkijk: conditional formatting. Een zeer, zeer groot gemak.

  • Gelukkige 40ste verjaardag!

    Acht meesterwerken.

    https://www.youtube.com/watch?v=LfrENoTJdo4

  • Het was lang geleden dat ik nog zo lang over een boek gedaan heb: drie! weken!

    Dat wil niet zeggen dat het boek niet vlot leest, dat wil ook absoluut niet zeggen dat ik het een slecht boek vond waar ik maar niet door geraakte. Dat wil enerzijds zeggen dat ik veel meer andere dingen gedaan heb dan lezen, maar het wil vooral ook zeggen dat ik enorm hard genoten heb van dit boek, en dat ik wou dat het nog veel langer had kunnen duren.

    Wat. Een. Fantastisch. Boek.

    Dit is geschiedenis zoals ik ze graag lees: enorm rijk gestoffeerd met bronnen, en geen moment over de grens van “En toen dacht Attila de Hun XYZ”. Ik heb een gloeiende hekel aan speculatief gedoe zoals in De Bourgondiërs, waar personages waar we nauwelijks iets over weten allerlei innerlijke gedachtenstromen en dialogen worden toegekend alsof ze honderd procent zeker wáár zijn.

    Hier staat meer dan veel “waarschijnlijk”, en “wellicht” en “misschien”, en natuurlijk ook “we weten het gewoon niet”. Maar, en gegeven het onderwerp ook ongelooflijk verbazingwekkend veel pakweg “dit weten we zeker, want het is een brief die nog altijd bestaat”.

    Het onderwerp: twee Merovingische koninginnen, Fredegund en Brunhilde, die in de nevelen van de geschiedenis quasi verdwenen zijn, maar die in de zesde eeuw enorm belangrijk waren. Zij twee hadden decennia lang de macht over het grootste deel van Europa, wat om het even wanneer in de afgelopen tweeduizend jaar opmerkelijk zou zijn, laat staan in een tijd die niet meteen als vrouwvriendelijk kan omschreven worden.

    We hebben het geluk dat er al met al véél bronnen overgebleven zijn. Er is eerst en vooral de massa informatie die in Gregorius van Tours‘ geschienis van de Franken staat — met een grote korrel zout te nemen omdat Gregorius helemaal aan de kant van de ene en tégen de andere was, maar toch: geschreven tijdens de gebeurtenissen. Er zijn brieven met die andere Gregorius, Gregorius de Grote (van het gregoriaans, en de gregoriaanse kalender, en alles). Er zijn gedichten van Venantius Fortunatus, vriend van zowel Brunhilde als Gregorius van Tours, die hun gevoelens kan doorgeven. Er zijn brieven van en naar het hof in Byzantium.

    Nee, ’t is verbazend hoeveel er nog is, en hoe nauwkeurig Shelley Puhak er is in geslaagd om het leven van Brunhilde en Fredegonde te reconstrueren. En hoe hard hun persoonlijkheid meer dan anderhalf millenium later indruk maakt.

    Brunhilde was een Visigothische prinses, met veel pracht en praal uitgehuwelijkt met Sigebert I, konin van Austrasië. Fredegund was een slavin in het paleis van Chilperic I, de koning van Neustrië (en broer van Sigebert), en later zijn vrouw. Ze zijn er allebei in geslaagd, in een samenleving waar vrouwen geen adellijke titels konden erven en meestal na de dood van hun echtgenoten in een klooster werden opgesloten, om de echte effectieve macht in hun rijk op te eisen. Ze voerden het bevel over legers, schreven over en weer en onderhandelden met keizers, koningen en pausen. Ze vochten ook decennialang tegen elkaar, en gingen daarbij over lijken.

    Ze kwamen allebei aan een ander eind: de ene vreedzaam en met alle eer begraven, de andere op een gruwelijke manier, met zelfs geen intact lijk meer. Maar allebei zijn ze, vanaf nog geen generatie na hun dood en tot eigenlijk zeer recent doodgezwegen, verketterd en gekarikaturiseerd.

    En al wie dit boek leest, zal dat schandalig vinden. Ik kan het niet beter zeggen dan Puhak:

    As a girl, I gobbled up biographies of female historical figures: activists, writers, and artists, but few political leaders, and even fewer from so deep in the past. I don’t know what it would have meant for me, and for other little girls, to have found Queen Fredegund’s and Queen Brunhild’s stories collected in the books I read. To discover that even in the darkest and most tumultuous of times, women can, and did, lead.

    The misogynistic logic of patriarchy is curiously circular: women cannot govern because they never have. But this big lie rests upon a bed of induced historical amnesia, the work of numberless erasures and omissions, collectively sending the message that the women who have ruled haven’t earned the right to be remembered.

    Even though the Dark Queens were absent from my books, they were in plain sight throughout my childhood as the women I was warned against becoming. The wicked stepmother in my fairy tales, the haughty Jezebel who was preached against in church, the fat lady singing at the opera: all were objects of hatred or ridicule. Between the silence of suppressed history and the oppressive blare of stereotypes, what space remains?

    But the ghosts of Brunhild and Fredegund refuse to stay silent. They surface relentlessly, determined to be heard.

    Is this because the queens have been robbed—of a voice? Of recognition? Of a connection with the living?

    Or is this because we have been robbed—of foundational narratives about female power?

    And if so, how do we begin to redress this injustice? Perhaps it’s by imagining, and insisting upon, the sort of epitaphs Brunhild and Fredegund would have written for themselves. Not WIFE OF, MOTHER OF, but the title they demanded during their lives—PRAECELLENTISSIMAE ET GLORIOSISSIMAE FRANCORUM REGINAE—the most excellent and glorious Queens of the Franks.

    Tien sterren op vijf. Meer dan aangeraden.

  • Star Trek Discovery en Picard

    Ik was helemaal vergeten dat er een vierde seizoen van Discovery was. En dan las ik dat de laatste aflevering uitgezonden was, en heb ik het hele seizoen dan maar in één trok bekeken. (OK, drie kleine trokken: aflevering 1-4 vrijdag, aflevering 5-12 gisteren en aflevering 13 daarnet.)

    De reden dat ik niet verder gekeken heb na aflevering 4 is omdat ik aflevering 3 van Picard bekeken heb.

    Wat een immens verschil tussen die twee.

    Ik keek heel hard uit naar het eerste seizoen van Picard, maar ik was er op het einde niet onverdeeld gelukkig mee. Nee, dat is niet juist. Ik vond het een kak einde van een seizoen dat hier en daar wel goede dingen had, maar waar vooral het gênante van overblijft, als ik er aan terugdenk.

    Het was dus met zéér weinig verwachtingen dat ik aan seizoen twee begon — maar hoboy, wat was ik verkeerd! Ze doen alsof seizoen één nooit gebeurd is, of toch bijna, en daar kan ik niet meer content over zijn. Seizoen twee van Picard is alles wat Discovery niét is: een echte Star Trek-serie. Met Q, de Borg en met tijdreizen. Ik zit aan aflevering drie en ik ben helemaal op voorbereid dat het nog alle kanten uit kan gaan, maar tot nog toe is het van het beste dat ik uit Star Trek heb zien komen sinds DS9.

    En dan ging ik terug naar Discovery.

    De eerste paar afleveringen zijn pijnlijk, vind ik. Michael Burnham’s glimlach en iedereens positiviteit zou niet geforceerder kunnen zijn als ze regie-instructies hadden gekregen om het nóg meer geforceerd te doen. Ik heb een positieve haat voor het personage Tilly. De scheepspsycholoog-met-zijn-eigen-problemen is ongelooflijk irritant. Er zijn stapels kleine en grote dingen die mij hard tegensteken.

    En dan, na die eerste paar afleveringen, wordt het toch nog Star Trek. Toch nog goed. Met hier en daar zelfs uitstekende afleveringen — de voorlaatste bijvoorbeeld: chef’s kiss. De seizoensfinale gaat an weer uit de bocht, maar bon. Heel erg spijtig dat de schrijvers niet op het niveau van de acteurs, de regie, de sets, de cinematografie en de special effects waren.

    Uitkijken naar seizoen vijf dan maar.

    En naar de rest van seizoen twee en seizoen drie van Picard.

    En naar gelijk een hele reeks Star Trek die er aan zit te komen, zoals onder meer deze!

  • Klauwquiz – giver editie

    Het was vanavond quiz ten voordele van de scouts, en het was eigenlijk wel wijs. Op de allerlaatste ronde na, waar we 20 vragen kregen, geen notities mochten nemen, en dan alle twintig antwoorden in de juiste volgorde moesten opschrijven. En op een muziekronde na ook, die voor een tafel met vier mensen die samen meer dan 200 jaar oud, aartsmoeilijk was.

    Maar hey. We zijn wel gewonnen, dus we gaan geen moment klagen.

  • RIP Christopher Alexander

    Christopher Alexander is gisteren overleden. Ik ga meteen toegeven dat ik er geen flauw idee van had dat hij nog in leven was, maar het deed me wel iets toen ik las dat hij er niet meer was.

    Alexander is zo één van die mensen waar iedereen in in mijn branche zou moeten van afweten. Een jaar of tien geleden besloot ik, na er al jaren en jaren van afgeweten te hebben, zijn Pattern Language ook maar eens echt te lezen.

    Heerlijk boek. Niet alleen voor architecten en mensen in mijn branche.

    Merci, meneer Alexander. Voor alles.

  • Betaald

    Dat doet heel, heel raar. Ik heb juist ettelijke duizenden euro overgeschreven om het saldo van onze auto te betalen.

    Okay, we sparen er al een paar jaar voor, maar toch: het was een obscene hoeveelheid geld om in één keer over te schrijven.

    De auto is nu van ons. Binnenkort onderhoud, een eenzame schart uit de carrosserie halen, en dan verkopen, denk ik zo. Op de markt is hij nog een paar duizend euro meer waard dan wat de garage er ons voor zou gegeven hebben.

    Spannend, wel.